Audiovisueel beleid - Montesquieu Instituut

Montesquieu Instituut van wetenschap naar samenleving

Audiovisueel beleid

De activiteiten van de Europese Unie onder het audiovisueel beleid richten zich op de televisie, radio en film sector. Deze sector wordt economisch steeds belangrijker: een miljoen mensen is hier werkzaam. De sector speelt ook een belangrijke maatschappelijke rol, omdat deze media de voornaamste bron van informatie zijn voor de bevolking en een belangrijke vorm van vrijetijdsbesteding.

Toch duurde het tot de jaren tachtig dat de Europese Unie een audiovisueel beleid ontwikkelde.

Het beleid van de Europese Unie en de Raad van Europa richt zich op het stimuleren van de Europese audiovisuele industrie en het waarborgen en beschermen van de verspreiding van audiovisuele producten.

Inhoud

enveloppe

Delen

1.

Ontwikkeling in vogelvlucht

Europese Unie

Het beleid heeft de volgende speerpunten:

  • bevorderen van het vrije verkeer van Europese televisieprogramma's binnen de interne markt
  • de verplichting voor de televisieomroepen om zo mogelijk meer dan de helft van hun zendtijd voor Europese producties te reserveren ("uitzendquota")
  • bescherming van het algemene belang zoals culturele diversiteit
  • bescherming van minderjarigen tegen programma's die voor hen niet geschikt zijn
  • voorschriften over de maximumhoeveelheid aan reclame en het gebruik van sluikreclame 
  • toegang tot mediadiensten voor mensen met een handicap

Deze richtlijnen zijn ook van toepassing op TV via internet of mobiele telefoon.

Achtergrond van de uitzendquota is de vrees dat Amerikaanse producties de Europese markt totaal zullen domineren. Zo komt nu al 75% van de bioscoopinkomsten uit Amerikaanse films. Niet alleen met uitzendquota, maar ook met het stimuleren van Europese producties probeert de EU culturele diversiteit te bewerkstelligen.

De lidstaten van de EU moeten hun publieke omroepdiensten bevorderen. Dit omdat publieke omroepen een belangrijke rol spelen bij het vervullen van de democratische, sociale en culturele behoeften van iedere samenleving en om pluralisme in de media in stand te houden.

De Europese Unie heeft een Mediaprogramma dat gericht is op het vergroten van de concurrentiekracht van de Europese audiovisuele sector. Het huidige programma, dat loopt tot en met 2013, helpt:

  • opleidingen te verzorgen voor professionals
  • productieprojecten en -bedrijven te ondersteunen
  • bioscoopfilms en audiovisuele programma's te distribueren
  • de Europese industrie te promoten, zowel in Europa zelf als daarbuiten
  • kleine en middelgrote ondernemingen in de audiovisuele sector toegang te verschaffen tot financiële middelen
  • een netwerk op te bouwen voor de Europese audiovisuele sector, de uitwisseling tussen de lidstaten te verbeteren

Met de snelle ontwikkeling van digitale media en multimedia-technologie worden film, radio en televisie voor nieuwe uitdagingen geplaatst. De Europese Unie stimuleert innovatie en concurrentievermogen in deze sector met diverse subsidieprogramma's voor publieke tv-omroepen en de Europese filmindustrie.

Raad van Europa

De Europese Unie werkt op audiovisueel gebied nauw samen met de Raad van Europa. De Stuurgroep Massamedia van de Raad van Europa bewaakt de vrijheid van informatie van al haar lidstaten.

Ook stimuleert de Raad van Europa projecten op audiovisueel gebied, onder meer via het Europees waarnemingscentrum voor de audiovisuele sector. Het streven is met name om veramerikanisering van het medialandschap tegen te gaan door het stimuleren van de Europese culturele en taalkundige verscheidenheid van film- en tv-producties.

Internetpiraterij en vervalsing:

De Europese Unie krijgt steeds vaker te maken met vervalsing en piraterij op het internet. Deze vorm van criminaliteit heeft ernstige gevolgen voor de economie en vormt een gevaar voor de gezondheid en veiligheid van consumenten. Om deze criminaliteit tegen te gaan, heeft de Europese Unie in april 2009 het 'Observatorium voor Vervalsing en Piraterij' opgericht. Dit observatorium heeft tot doel het schenden van intellectuele eigendomsrechten, zoals het illegaal downloaden en het vervalsen van goederen, tegen te gaan. Daarbij dient het observatorium onder meer als platform om het bewustzijn te vergroten en de dialoog tussen ondernemers en nationale overheden te bevorderen.

Lees meer:

Bron

Taal

Soort Informatie

Europese Unie

EN

Inleiding + samenvatting van de EU audiovisuele wetgeving

Raad van Europa

EN

Mediadivisie

Raad van Europa

EN

Informatieportal voor de audiovisuele sector

2.

Wie doet wat

Bij de besluitvorming op dit beleidsterrein spelen de Europese Commissie, de Raad en het Europees Parlement een rol.

Initiatief voor nieuw beleid bij de Europese Commissie

Eerstverantwoordelijk is de Eurocommissaris voor Onderwijs, cultuur, meertaligheid en jeugdzaken:

Invloed nationale parlementen

Nationale parlementen van de lidstaten kunnen binnen acht weken nadat de Europese Commissie een voorstel heeft bekendgemaakt, laten weten dat de Europese Unie zich niet met het onderwerp zou moeten bezighouden.

Vanuit het Nederlandse parlement zijn bij dit beleidsterrein betrokken:

Besluitvorming door de Raad en Europees Parlement

De besluitvorming verloopt volgens de gewone wetgevingsprocedure.

De raadsformatie die beslist over het  audiovisueel beleid is de Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport. Besluiten worden genomen met gekwalificeerde meerderheid. Vertegenwoordiger voor Nederland in de Raad is:

Voor het Europees Parlement beoordeelt de parlementaire commissie Cultuur en onderwijs de voorstellen van de Europese Commissie en de eventuele aanvullingen van de Raad. Voor Nederland is de volgende Europarlementariër lid:

Als het Europees Parlement het (eventueel aangepaste) voorstel goedkeurt, sluit een overeenstemming in de Raad van de Europese Unie de procedure af. Nederland heeft in de Raad 13 stemmen, op een totaal van 345. Als het voorstel door de Raad is goedgekeurd, zorgt de Nederlandse regering ervoor dat het voorstel nationaal wordt uitgevoerd.

Raad van Europa

Het mediabeleid van de Raad van Europa is erop gericht de vrijheid van meningsuiting en informatie te waarborgen.

Hiervoor streeft de Raad van Europa naar het bereiken van een vrije informatiestroom binnen haar lidstaten, door middel van een veelheid aan onafhankelijke autonome media, binnen de grenzen die gesteld zijn door het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens. De controle op het naleven van de grondrechten geschiedt onder meer via inspecties, waaraan ook Nederlandse parlementariërs deelnemen.

De uitvoering van het mediabeleid van de Raad van Europa valt onder de Stuurgroep Massamedia (CDMM, Steering Committee on the Mass Media). Hierin zijn experts uit alle lidstaten vertegenwoordigd, alsmede een aantal experts uit niet-gouvernementele organisaties en niet-aangesloten landen.

Het Europees Waarnemingscentrum voor de audiovisuele sector speelt hierbij een belangrijke ondersteunende rol.

3.

Juridisch kader

Audiovisueel beleid is in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU)  niet als specifiek punt van aandacht opgenomen, maar valt onder de algemene bepalingen aangaande cultuur.

4.

Meer informatie

Hot issues

Europese Unie

Factsheet Europees Parlement

Betrokken instanties

Statistiek

Raad van Europa