Wie doet wat: Europese instellingen en organen - Hoofdinhoud
Binnen Europa zijn de twee belangrijkste samenwerkingsverbanden tussen landen: de Europese Unie en de Raad van Europa. Waar de Raad van Europa zich voornamelijk bezighoudt met de mensenrechtensituatie, is de voornaamste doelstelling van de Europese Unie altijd economische integratie geweest.
De Europese Unie (EU) is het belangrijkste samenwerkingsverband in Europa. De deelnemende landen hebben voor deze Unie een aantal gemeenschappelijke instellingen in het leven geroepen waaraan zij een deel van hun soevereiniteit (staatsgezag) hebben overgedragen. Dit zijn onder meer het Europees Parlement, de Europese Commissie en het Europese Hof van Justitie.
De belangrijkste instellingen van de Europese Unie zijn:
Europees Parlement
De volksvertegenwoordiging van de Europese Unie geeft een stem aan de volkeren van de 27 landen die aan de Unie deelnemen. Hierbij let het vooral op het belang van de Unie in zijn geheel. Het Parlement debatteert op basis van voorstellen van de Europese Commissie en kan daarbij wijzigingen voorstellen, waarna het Parlement en de Raad van de Europese Unie samen een beslissing nemen.
Europese Raad
Dit orgaan bestaat uit de regeringsleiders van de 27 lidstaten van de Europese Unie, de vaste voorzitter en de voorzitter van de Europese Commissie. De Hoge Vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid woont de bijeenkomsten van de Europese Raad ook bij. Alleen de regeringsleiders hebben stemrecht tijdens de vergaderingen. De Europese Raad komt minstens vier keer per jaar bijeen om de algemene politieke beleidslijnen vast te stellen.
Raad van de Europese Unie/Raad van Ministers
In deze instelling van de Europese Unie (kortweg 'de Raad van Ministers' of nog korter 'de Raad' genoemd) zijn de regeringen van de 27 lidstaten van de EU vertegenwoordigd. De Raad oefent samen met het Europees Parlement de wetgevings- en begrotingstaak uit. Dit houdt in dat de Raad haar goedkeuring moet geven aan elk wetsvoorstel van de Europese Commissie en aan elke voorgestelde EU-begroting. Nationale regeringen kunnen dus via de Raad invloed uitoefenen in de EU. De Raad neemt ook beslissingen over het buitenlands en veiligheidsbeleid.
Europese Commissie
Deze instelling van de Europese Unie kan worden beschouwd als het 'dagelijks bestuur' van de EU. De leden van de Europese Commissie worden 'eurocommissarissen' genoemd. Elke eurocommissaris is verantwoordelijk voor één of meerdere beleidsgebieden. Momenteel zijn er 27 eurocommissarissen, voor elke lidstaat één. Samen vormen zij het college van eurocommissarissen. De eurocommissarissen moeten het belang van de Europese Unie als geheel behartigen, niet dat van hun eigen land.
Europese Hof van Justitie
Het in 1952 opgerichte Hof van Justitie van de Europese Unie moet ervoor zorgen dat de wetten en regels die in Europa gemaakt worden, goed worden toegepast. De Europese wetten - het gemeenschapsrecht - moeten in alle landen hetzelfde worden uitgevoerd, zodat het niet uitmaakt of je in Nederland of in Polen woont. Het Hof van Justitie kijkt daarom bijvoorbeeld ook of rechters in Nederland de Europese wetten wel goed toepassen.
Het Hof oordeelt over overtredingen van Europese regels, en over het niet nakomen door lidstaten van gemaakte afspraken en verplichtingen die uit de Verdragen voortvloeien. In de loop der jaren heeft het Hof ook steeds meer zaken in behandeling gekregen die specifieke terreinen betroffen, met name op het terrein van mededinging en zaken waar de Europese instellingen als werkgever tegenover hun ambtenaren stonden.
Financiële en controlerende instellingen
De Europese Rekenkamer controleert of alle uitgaven van de Europese Unie goed zijn besteed.
Voor klachten over wanbeheer van Europese instellingen kunnen burgers zich richten tot de Europese Ombudsman.
De Europese Centrale Bank waakt over de euro. De bank is onafhankelijk; de andere EU-instellingen hebben geen invloed op het beleid van de bank.
Raadgevende instellingen
Het Comité van de Regio's (CoR) geeft advies op alle terreinen waar regionale of lokale belangen een grote rol spelen. Dat is met name beleid dat op de versterking van economische structuren is gericht, maar ook onderwijs- en cultuurbeleid zijn vanouds belangrijke onderwerpen voor de CoR.
Het Europees Economisch en Sociaal Comité geeft advies over allerlei onderwerpen die met de economie te maken hebben. Het gaat dan om sociale zaken, de interne markt, duurzame economische ontwikkeling en consumentenrechten.
Op sommige terreinen zijn de andere EU-instellingen verplicht één of beide adviesorganen om advies te vragen als ze wet- en regelgeving maken.
Europese agentschappen
Een agentschap is een onafhankelijk orgaan dat het werk op een bepaald beleidsterrein ondersteunt. Dit doet het door Europabrede kennis te vergaren, besluiten te nemen over technische kwesties of door uitvoerende taken te verrichten.
Agentschappen werken hierin nauw samen met de Europese Commissie en nationale overheden. Veel agentschappen onderhouden ook contacten met maatschappelijke organisaties en kennisinstituten uit de lidstaten.
Momenteel bestaan er meer dan dertig agentschappen, al heten ze soms anders (centrum, stichting, bureau, waarnemingscentrum). Agentschappen zijn geografisch over de hele Europese Unie verspreid en zorgen hierdoor voor een zekere mate van decentralisatie van de EU.
Lidstaten
Naast de huidige lidstaten van de Europese Unie voert de EU onderhandelingen over toetreding met kandidaat-lidstaten. Daarnaast zijn er ook nog landen waarvan verwacht wordt dat zij op termijn het lidmaatschap van de EU zullen aanvragen. Deze landen worden potentiële kandidaat-lidstaten genoemd.
Overige Europese organen
De Europese Unie heeft een aantal bestuursorganen in het leven geroepen die elk uniek van opzet zijn. Ze hebben gemeen dat ze via een Europees besluit zijn opgericht. In die oprichtingsbesluiten staat de taak van het orgaan, aan wie het verantwoording moet afleggen en wie het financiert.
De instellingen die in de Verdragen staan (zoals het Europees Parlement en de Commissie), de agentschappen en de diensten van de Europese Commissie vallen dus buiten deze categorie.
De Raad van Europa is in 1949 opgericht om de democratie en de mensenrechten in geheel Europa te bevorderen. Dit orgaan is géén onderdeel van de Europese Unie en moet niet verward worden met de Raad van de Europese Unie of de Europese Raad. De Raad van Europa heeft veel meer lidstaten dan de EU, namelijk alle landen van Europa, inclusief Rusland, Turkije en de landen in de Kaukasus (Kazachstan, Wit-Rusland en Vaticaanstad zijn echter geen lid).
De belangrijkste organen van de Raad van Europa zijn:
Comité van Ministers
Dit orgaan is één van de twee statutaire organen van de Raad van Europa, samen met de Parlementaire Vergadering. Het Comité bestaat uit alle ministers van Buitenlandse Zaken van de lidstaten, vertegenwoordigt de Europese regeringen en neemt beslissingen. De vergaderingen worden voorbereid door de Permanente Vertegenwoordigers van de lidstaten in Straatsburg, die gemiddeld eens per week vergaderen.
Parlementaire vergadering
Dit orgaan is één van de twee statutaire organen van de Raad van Europa, samen met het Comité van Ministers. De vergadering vertegenwoordigt de politieke bewegingen in Europa en is een platform waar parlementariërs uit 47 Europese landen elkaar kunnen treffen. De Vergadering bestaat uit leden van de nationale parlementen van de lidstaten en telt 318 zetels. Omdat de leden van de Parlementaire Vergadering ook lid zijn van de nationale parlementen, vindt een directe terugkoppeling plaats op nationaal niveau. Nederland is vertegenwoordigd door zeven Eerste en Tweede Kamerleden.
Europese Hof voor de Rechten van de Mens
Bij dit orgaan van de Raad van Europa kunnen individuen, groepen, organisaties en landen een klacht indienen tegen een lidstaat, door een beroep te doen op het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM). De uitspraken van het Hof zijn definitief en bindend voor de betrokken staten.