Ontwerp-conclusies van de Raad betreffende innovatieve oplossingen voor het financieren van rampenpreventie - Aanneming - Hoofdinhoud
RAAD VANBrussel, 15 oktober 2010 (18.10)
(OR. en)
DE EUROPESE UNIE
14971/10
PROCIV 126 JAI 849 ENV 696 FORETS 138 AGRI 404 RECH 328 ECOFIN 630 ATO 58 CHIMIE 37 COHAFA 77
NOTA I/A-PUNT
van:
het secretariaat-generaal van de Raad
aan: het Coreper / de Raad
nr. vorig doc.: 12450/2/10 REV 2.
Betreft: Ontwerp-conclusies van de Raad betreffende innovatieve oplossingen voor het financieren van rampenpreventie
-
3.Het Comité van permanente vertegenwoordigers wordt derhalve verzocht de Raad in over-
weging te geven de conclusies in de bijlage als A-punt op de agenda van een komende zitting
aan te nemen.
BIJLAGE
Ontwerp-conclusies van de Raad betreffende innovatieve oplossingen
voor het financieren van rampenpreventie
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
1.
Benadrukkend dat het er bij de financiering van rampenpreventie binnen de EU steeds om
gaat natuurlijke en door de mens veroorzaakte rampen zoveel mogelijk te voorkomen of, in-
dien ze toch gebeuren, de gevolgen ervan te verzachten;
2.
Zich ervan bewust dat de verantwoordelijkheid voor het nemen en financieren van preven-
tieve maatregelen ter bescherming van mens, milieu en eigendom, met inbegrip van cultureel
erfgoed, in de eerste plaats bij de lidstaten berust, en dat op nationaal, regionaal en lokaal
niveau genomen maatregelen kunnen worden aangevuld en ondersteund met op het niveau
van de Europese Unie gefinancierde maatregelen;
3.
Overwegende evenwel dat rampen zich niet houden aan landsgrenzen en vaak een weerslag
hebben op bestaande EU-beleidsterreinen, zoals landbouw en milieu, en tevens gevolgen
kunnen hebben voor de economische groei en het concurrentievermogen, en dat door de
Europese Unie verstrekte middelen in de fase na een ramp vaak een rol spelen. Tevens
rekening houdend met de synergieën tussen het beleid inzake rampenpreventie en het beleid
inzake aanpassing aan de klimaatverandering;
-
5.Overwegende dat passende en kosteneffectieve preventiemaatregelen het risico op rampen
verkleinen, waardoor het communautair mechanisme voor civiele bescherming minder moet
worden geactiveerd en het aantal verzoeken om financiële steun van de EU na een ramp
afneemt;
6.
Overwegende dat hoewel in de verschillende financiële instrumenten van de EU in het kader
van de programmering 2007 - 2013 ruime aandacht is besteed aan preventie, deze middelen
thans weinig worden gebruikt3; Zich er bijgevolg van bewust dat de redenen hiervoor
moeten worden onderzocht en dat vastgesteld moet worden met welke maatregelen deze
situatie kan worden verbeterd, zoals bijvoorbeeld betere voorlichting, eenvoudigere proce-
dures, betere uitvoeringscapaciteit van de lidstaten en een duidelijkere definitie van preventie;
7.
Met nadruk wijzend op de bijdrage van het verzekeringsbedrijf bij het verzekeren van
risico's op rampen en op het belang van overheidsmaatregelen om een geschikt beleidskader
op te zetten;
8.
Benadrukkend dat particulieren, economische actoren, de betrokken overheidsinstanties en
andere belanghebbenden uit de betrokken sectoren in sterkere mate dienen te worden
gestimuleerd om maatregelen ter preventie van rampen uit te voeren en in Europa een cultuur
van risicopreventie te versterken;
9.
Zich ervan bewust dat op risico's gebaseerde verzekeringspolissen middels dienovereen-
komstig lagere premies verzekeringsnemers extra kunnen stimuleren te investeren in schade-
-
11.Nota nemend van de mogelijke kostenvoordelen van risico-overdracht en van het bundelen
van risico's4 voor potentieel zeer omvangrijke rampen met een onzekere waarschijnlijkheids-
graad in gevallen waarin preventie voor de betrokken autoriteiten, regio's of lidstaten
afzonderlijk wegens te hoge kosten onhaalbaar is, en van de voordelen die een gezamenlijk
optreden op EU-niveau in dit verband kan opleveren. Rekening houdend met het verwacht
sectoroverschrijdend overzicht van toekomstige risico's in 20125;
-
12.Herinnerend aan het "Actiekader van Hyogo 2005-2015 voor het opbouwen van de herstel-
capaciteit van landen en gemeenschappen na rampen6;
-
13.Gelet op de Beschikking van de Raad van 5 maart 2007 tot instelling van een
financieringsinstrument voor civiele bescherming7, dat voorschriften bevat voor de toe-
kenning van financiële steun voor maatregelen ter voorkoming of beperking van de gevolgen
-
14.Gelet op de financieringsinstrumenten van de EU, in het bijzonder Verordening (EG)
nr. 1080/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2006 betreffende het
Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling8, Verordening (EG) nr. 1084/2006 van de
Raad van 11 juli 2006 tot oprichting van het Cohesiefonds9, Verordening (EG)
nr. 1698/2005 van de Raad van 20 september 2005 inzake steun voor plattelands
ontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO)10 ,
Besluit 2007/124/EG van de Raad van 12 februari 2007 tot vaststelling van het specifieke
programma "Terrorisme en andere aan veiligheid gerelateerde risico's: preventie, paraatheid
en beheersing van de gevolgen"11, Verordening (EG) nr. 614/2007 van het Europees
Parlement en de Raad van 23 mei 2007 betreffende het Financieringsinstrument voor het
Milieu (LIFE+)12 en Besluit 1982/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad van
18 december 2006 betreffende het zevende kaderprogramma van de Europese Gemeenschap
voor activiteiten op het gebied van onderzoek, technologische ontwikkeling en demonstratie
(2007-2013)13 ;
-
15.Gelet op Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad van 11 november 2002 tot
oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie14, dat overeenkomstig artikel 3,
lid 2, met name punt c), kan worden gebruikt voor onmiddellijke preventiemaatregelen;
-
16.Herinnerend aan de resolutie van het Europees Parlement van 21 september 2010 over
de mededeling van de Commissie: Een communautaire aanpak van de preventie van natuur-
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
-
17.Is ingenomen met het voorbereidende werk van de Commissie om, als een belangrijke
stap om rampenpreventie beter in de bestaande EU-financiering te integreren, te onderzoeken
in hoeverre rampenpreventie uit de bestaande financiële instrumenten wordt gesteund;
-
18.Moedigt de overheden in de lidstaten aan de bestaande EU-financiering voor rampen
preventieprojecten (waaronder onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten) te promoten en
hiervan onverwijld en doeltreffend gebruik te maken, meer bepaald in het kader van de
middelen voor het cohesiebeleid;
-
19.Merkt op dat de efficiënte werking van het communautair mechanisme voor civiele
bescherming meer draagwijdte krijgt door effectieve preventiemaatregelen op nationaal,
regionaal en lokaal niveau;
-
20.Onderkent dat wanneer aan de toekenning van financiële bijstand van de EU in de weder-
opbouwfase na een ernstige ramp een verplichting wordt gekoppeld tot het nemen van
preventiemaatregelen om de schade te beperken en zoveel mogelijk te voorkomen dat
dergelijke rampen zich nogmaals voordoen, dit de kosteneffectiviteit van deze financiering
zou verbeteren, en pleit voor een debat over manieren om een dergelijke koppeling toe te
-
23.Verzoekt de lidstaten:
-
a)zich in alle relevante fora te buigen over de financiering van rampenpreventie, onder
andere in het kader van het Europees netwerk voor rampenpreventie16, dat is samen-
gesteld uit vertegenwoordigers van de betrokken autoriteiten en andere stakeholders uit
betrokken sectoren;
-
b)onderzoek aan te moedigen naar de huidige beschikbaarheid en dekking/marktpenetratie
van risicogebaseerde verzekeringen tegen rampen voor huishoudens,
industrie/landbouw en openbare infrastructuur, meer bepaald wat betreft het gedeelte
dat via op risico's gebaseerde premies en het toekennen van kortingen op de juiste wijze
het nemen van preventieve maatregelen stimuleert;
-
c)na te gaan hoe het gebruik van rampenverzekeringspolissen voor ernstige rampen met
risicogebaseerde premies voor huishoudens, industrie/landbouw en openbare infra-
structuur kan worden bevorderd, rekening houdend met de huidige verzekeringsstelsels
en de wetgeving van de lidstaten;
-
d)het mogelijke gebruik te onderzoeken van passende waardepapieren die gekoppeld zijn
aan verzekeringen en andere alternatieve instrumenten voor risico-overdracht in de
Europese context ten einde op de internationale kapitaalmarkten extra middelen bijeen
te brengen en daarmee de kosten voor het verzekeren en herverzekeren te verminderen,
en aldus een bredere verzekeringsdekking en preventie mogelijk te maken;
-
b)te bevorderen dat preventieprojecten worden gefinancierd middels het financierings-
instrument voor civiele bescherming en andere relevante financiële instrumenten die ten
doel hebben zinvolle resultaten van onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten (O&O-
projecten) in praktische toepassingen om te zetten;
-
c)de samenwerking en kennisoverdracht tussen de lidstaten op het gebied van rampen-
preventie en de integratie daarvan in de aanpassing aan de klimaatverandering te blijven
bevorderen, onder meer via uitwisseling van goede praktijken inzake EU-finan-
cieringsinstrumenten, technische bijstand, studiebijeenkomsten, workshops en regionale
kenniscentra, alsook de brede verspreiding van de resultaten van in het verleden
gefinancierde preventieprojecten;
-
d)werk te maken van een beoordeling van de mogelijkheden die voorhanden zijn voor een
betere integratie van preventie in de financieringsinstrumenten van de EU;
(e) na te gaan welke mogelijkheden de EU heeft om een grotere dekking van passende
diensten voor het verzekeren van risico's op rampen, markten voor de overdracht van
financiële risico's, alsook regionale verzekeringspooling te faciliteren en te steunen door
middel van kennisoverdracht, samenwerking of startfinanciering, en hierover verslag uit
te brengen;
-
25.Verzoekt de Commissie uiterlijk einde 2012 relevante initiatieven voor te stellen voor inno-
| publicatiedatum | 15-10-2010 |
|---|---|
| kenmerk | 14971/10 |
