-
RAAD VANBrussel, 23 april 2012 (25.04)
(OR. en)
DE EUROPESE UNIE
8901/12
Interinstitutioneel dossier:
2010/0380 (COD)
CODEC 1019 SOC 292 PE 155 -
INFORMATIEVE NOTA
van:
het secretariaat-generaal
aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers/de Raad
Betreft: Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot
wijziging van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de
socialezekerheidsstelsels en Verordening (EG) nr. 987/2009 tot vaststelling van de
wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004
-
-Resultaat van de eerste lezing door het Europees Parlement
(Straatsburg, 17 tot en met 20 april 2012)
II. STEMMING
Het Parlement heeft zijn standpunt in eerste lezing na één enkele stemming op 18 april 2012 aangenomen. Dat standpunt is weergegeven in zijn wetgevingsresolutie in bijlage dezes
1.
Het standpunt van het Parlement vormt de weergave van hetgeen reeds door de instellingen was overeengekomen. De Raad zou dan ook moeten kunnen instemmen met het standpunt van het Parlement. De wetgevingshandeling zou vervolgens worden aangenomen in de formulering die overeenstemt met het standpunt van het Parlement.
BIJLAGE
(18.4.2012)
Coördinatie van de socialezekerheidsstelsels ***I
Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 18 april 2012 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels en Verordening (EG) nr. 987/2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 (COM(2010)0794 C7-0005/2011 2010/0380(COD))
(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)
Het Europees Parlement ,
gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad
gezien artikel 294, lid 2, en artikel 48 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese
Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend
(C7-0005/2011),
gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
gezien de schriftelijke toezegging van de vertegenwoordiger van de Raad van 7 maart 2012 om
het standpunt van het Europees Parlement goed te keuren, overeenkomstig artikel 294, lid 4, van
het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
gezien artikel 55 van zijn Reglement,
gezien het verslag van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A7-0043/2012),
P7_TC1-COD(2010)380
Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing aangenomen op 18 april 2012 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU) nr. .../2012 van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels en Verordening (EG) nr. 987/2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004
HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 48,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,
Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure(voor de EER en Zwitserland relevante tekst)
1,
(1) Naar aanleiding van wijzigingen in de wetgeving van bepaalde lidstaten en ter waarborging
van de rechtszekerheid voor belanghebbenden moeten Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad
1 en Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees
Parlement en de Raad2 worden aangepast.
(2) Er zijn relevante voorstellen ontvangen van de Administratieve Commissie voor de
coördinatie van de socialezekerheidsstelsels inzake de coördinatie van de socialezekerheidsregelingen met het oog op verbetering en modernisering van het Unierecht en die voorstellen zijn in deze verordening opgenomen.
(3) Veranderingen van de sociale realiteit kunnen de coördinatie van socialezekerheidsstelsels
beïnvloeden. Om op zulke veranderingen te reageren, zijn wijzigingen op het gebied van de vaststelling van het toepasselijke recht en werkloosheidsuitkeringen noodzakelijk.
(4) Het begrip "thuisbasis" voor leden van het cockpit- en het cabinepersoneel onder het
Unierecht wordt gedefinieerd in Bijlage III van Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de
Raad van 16 december 1991 inzake de harmonisatie van technische voorschriften en
administratieve procedures op het gebied van de burgerluchtvaart 3. Om de toepassing van
titel II van Verordening (EG) nr. 883/2004 op deze groep personen te faciliteren, is het
gerechtvaardigd om een bijzondere regel in te stellen door het begrip "thuisbasis" als
criterium te hanteren voor de vaststelling van de op leden van het cockpit- en het
(5) In situaties waarin een persoon in twee of meer lidstaten werkt, moet duidelijk worden
gemaakt dat de voorwaarde van het verrichten van een "substantieel gedeelte" van de werkzaamheden in de zin van artikel 13, lid 1, van Verordening (EG) nr. 883/2004 ook van toepassing is op personen die werkzaamheden verrichten voor verschillende ondernemingen of verschillende werkgevers.
(6) Verordening (EG) nr. 883/2004 moet worden gewijzigd door er een nieuwe bepaling aan toe
te voegen die ervoor zorgt dat een grensarbeider anders dan in loondienst werkzaam die
volledig werkloos wordt , een uitkering ontvangt indien hij anders dan in loondienst
tijdvakken van verzekering heeft vervuld of tijdvakken van anders dan in loondienst
verrichte werkzaamheden die worden erkend voor het verlenen van recht op een
werkloosheidsuitkering in de bevoegde lidstaat en indien personen anders dan in loondienst
werkzaam in de lidstaat van de woonplaats niet onder een werkloosheidsverzekeringsstelsel
vallen . Deze nieuwe bepaling dient na twee jaar ervaring te worden geëvalueerd en dient,
indien nodig, te worden gewijzigd.
(7) De Verordeningen (EG) nr. 883/2004 en (EG) nr. 987/2009 moeten bijgevolg
dienovereenkomstig worden gewijzigd,
HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Verordening (EG) nr. 883/2004 wordt als volgt gewijzigd:
(1) Overal in de tekst wordt "de Commissie van de Europese Gemeenschappen" vervangen
door "de Europese Commissie".
(2) De volgende overweging wordt ingevoegd:
"18 ter) In bijlage III bij Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad van 16 december
1991 inzake de harmonisatie van technische voorschriften en administratieve
procedures op het gebied van de burgerluchtvaart*, wordt het begrip "thuisbasis"
voor leden van het cockpit- en het cabinepersoneel gedefinieerd als de locatie die door
de exploitant aan het bemanningslid is aangewezen en waar het bemanningslid in de
regel een dienstperiode of een reeks dienstperioden aanvangt en beëindigt, en waar,
onder normale omstandigheden, de exploitant niet verantwoordelijk is voor de
accommodatie van het bemanningslid in kwestie. Om de toepassing van titel II van
deze verordening op leden van het cockpit- en het cabinepersoneel te faciliteren, is het
gerechtvaardigd het begrip thuisbasis als het criterium te hanteren voor de
vaststelling van de op leden van het cockpit- en het cabinepersoneel toepasselijke
(3) Artikel 9 wordt vervangen door:
"Artikel 9
Verklaringen van de lidstaten over de werkingssfeer van deze verordening
-
1.De lidstaten stellen de Europese Commissie schriftelijk in kennis van verklaringen die worden afgelegd in overeenstemming met artikel 1, onder l), van wetgeving en regelingen als bedoeld in artikel 3, van verdragen als bedoeld in artikel 8, lid 2, van minimumuitkeringen als bedoeld in artikel 58, en van het ontbreken van een
verzekeringsstelsel zoals bedoeld in artikel 65 bis, lid 1, alsmede van inhoudelijke
wijzigingen. Dergelijke kennisgevingen zullen de datum waarop deze verordening van
toepassing zal zijn op de in de verklaringen van de lidstaten genoemde regelingen,
vermelden.
2.
Deze kennisgevingen worden jaarlijks aan de Europese Commissie verstrekt en er zal de nodige publiciteit aan worden gegeven.".
(4) Aan artikel 11 wordt het volgende lid toegevoegd:
"5. Werkzaamheden van een lid van het cockpit- of het cabinepersoneel dat met
betrekking tot luchtpassagiers of luchtvrachtvervoer diensten verricht, worden
beschouwd als werkzaamheden die worden verricht in de lidstaat waar het lid zijn
thuisbasis heeft zoals omschreven in bijlage III bij Verordening (EEG) r.
3922/91.".
(5) In artikel 12 wordt lid 1 vervangen door:
"1. Degene die werkzaamheden in loondienst verricht in een lidstaat voor rekening van een
werkgever die daar zijn werkzaamheden normaliter verricht, en die door deze werkgever wordt gedetacheerd om voor zijn rekening werkzaamheden in een andere lidstaat te verrichten, blijft onderworpen aan de wetgeving van de eerstbedoelde lidstaat, mits de te verwachten duur van die werkzaamheden niet meer dan 24 maanden bedraagt en de betrokkene niet wordt uitgezonden om een andere gedetacheerde persoon te vervangen.".
(6) In artikel 13 wordt lid 1 vervangen door:
"1. Op degene die in twee of meer lidstaten werkzaamheden in loondienst pleegt te
verrichten, is van toepassing:
-
a)de wetgeving van de lidstaat waar hij woont, indien hij aldaar een substantieel gedeelte van zijn werkzaamheden verricht; of
b)
indien hij niet een substantieel gedeelte van zijn werkzaamheden verricht in de lidstaat waar hij woont:
-
i)de wetgeving van de lidstaat waar de zetel of het domicilie van de onderneming of de werkgever zich bevindt, indien hij in dienst is van één onderneming of werkgever, of
ii) de wetgeving van de lidstaat waar de zetel of het domicilie van de ondernemingen of de werkgevers zich bevindt, indien hij in dienst is van
twee of meer ondernemingen of werkgevers die hun zetel of domicilie in
slechts één lidstaat hebben; of
-
iii)de wetgeving van de lidstaat waar de zetel of het domicilie van de
onderneming of de werkgever zich bevindt, niet zijnde de lidstaat waar hij woont, indien hij in dienst is van twee of meer ondernemingen of
werkgevers die hun zetel of domicilie hebben in twee lidstaten, waarvan
één de lidstaat is waar de betrokkene woont, of
-
iv)de wetgeving van de lidstaat waar hij woont, indien hij in dienst is van twee
of meer ondernemingen of werkgevers, waarvan ten minste twee hun zetel of domicilie in verschillende lidstaten hebben, niet zijnde de lidstaat waar de betrokkene woont.".
(7) In artikel 36 wordt lid 2 bis vervangen door:
"2 bis. Het bevoegde orgaan kan de in artikel 20, lid 1, bedoelde toestemming niet weigeren
aan een persoon die door een arbeidsongeval of een beroepsziekte getroffen is en die voor rekening van dit orgaan recht heeft op prestaties, wanneer de voor zijn gezondheidstoestand passende behandeling hem, gelet op zijn gezondheidstoestand van dat moment en het te verwachten ziekteverloop, niet binnen een medisch verantwoorde termijn kan worden gegeven op het grondgebied van de lidstaat waar hij woont.".
(8) Artikel 63 wordt vervangen door:
"Artikel 63
Bijzondere bepalingen voor de opheffing van de bepalingen inzake de woonplaats
Voor de toepassing van dit hoofdstuk geldt artikel 7 slechts in de gevallen bedoeld in de
artikelen 64, 65 en 65 bis, en binnen de daarin vermelde grenzen.". -
(9) Het volgende artikel wordt ingevoegd:
"Artikel 65 bis
Bijzondere bepalingen voor volledig werkloze grensarbeiders anders dan in loondienst
indien personen anders dan in loondienst werkzaam in de lidstaat waar zij wonen niet
onder een werkloosheidsverzekeringsstelsel vallen.
1. In afwijking van artikel 65 schrijft de volledig werkloze die als grensarbeider het
laatst tijdvakken van verzekering anders dan in loondienst of tijdvakken van anders
dan in loondienst verrichte werkzaamheden heeft vervuld die worden erkend voor het
verlenen van recht op een werkloosheidsuitkering in een andere lidstaat dan de
lidstaat van zijn woonplaats en wiens lidstaat van woonplaats ervan kennis heeft
gegeven dat er voor geen enkele categorie van personen anders dan in loondienst
werkzaam een mogelijkheid bestaat om in die lidstaat van woonplaats onder een
werkloosheidsuitkeringsstelsel te vallen, zich in bij, en stelt hij zich ter beschikking
van de diensten voor arbeidsvoorziening van de lidstaat waar hij zijn laatste
werkzaamheid anders dan in loondienst heeft uitgeoefend en voldoet hij, wanneer hij
om uitkeringen verzoekt, zonder onderbreking aan de voorwaarden die in de
wetgeving van deze lidstaat zijn vastgesteld. De volledig werkloze kan zich aanvullend
tevens ter beschikking stellen van de diensten voor arbeidsvoorziening in de lidstaat
van zijn woonplaats .
2. De in lid 1 bedoelde volledig werkloze ontvangt uitkeringen van de lidstaat aan de
wetgeving waarvan hij het laatst onderworpen was overeenkomstig de wetgeving van
3. Indien de in lid 1 bedoelde volledig werkloze zich niet of niet langer ter beschikking
wenst te stellen van de diensten voor arbeidsvoorziening van de lidstaat waar hij het
laatst werkzaam was, nadat hij zich daar heeft ingeschreven, en werk wenst te zoeken
in de lidstaat van zijn woonplaats, is artikel 64, behalve, lid 1, onder a), van
overeenkomstige toepassing. Het bevoegde orgaan kan het in de eerste zin van artikel
64, lid 1, onder c), genoemde tijdvak verlengen tot het einde van de periode waarin
een recht op uitkering bestaat.".
(10)
In artikel 71 wordt lid 2 vervangen door:
"2. De Administratieve Commissie handelt bij gekwalificeerde meerderheid zoals
omschreven in de Verdragen, behalve voor de vaststelling van haar statuten, die door
haar leden in onderlinge overeenstemming worden opgesteld.
Aan de besluiten inzake de in artikel 72, onder a), bedoelde vraagstukken van interpretatieve aard wordt de nodige bekendheid gegeven.".
(11) Het volgende artikel wordt ingevoegd:
"Artikel 87 bis
Overgangsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EU) nr. xxx/2012
1. Indien een persoon als gevolg van de inwerkingtreding van Verordening (EU) nr.
xxx/2012, overeenkomstig Titel II van deze verordening, onderworpen is aan de wetgeving
van een andere lidstaat dan die waaraan hij onderworpen was voor die inwerkingtreding,
blijft hij onderworpen aan de wetgeving van de lidstaat die toepasselijk was voor die datum
gedurende een overgangsperiode die voortduurt zo lang als de desbetreffende situatie blijft
bestaan, en in ieder geval niet langer dan tien jaar na de datum van inwerkingtreding van
Verordening (EU) nr. .../2012. Deze persoon kan een aanvraag indienen dat de
overgangsperiode niet langer op hem van toepassing zou zijn. Deze aanvraag wordt
ingediend bij het door de bevoegde autoriteit van de lidstaat van de woonplaats aangewezen
orgaan. Aanvragen die zijn ingediend uiterlijk ...* worden geacht van kracht te zijn
geworden op...**. Aanvragen die zijn ingediend na ...** worden van kracht op de eerste
dag van de maand die volgt op de indiening van die aanvragen.
2. Uiterlijk ... *** beoordeelt de Administratieve Commissie de uitvoering van de bepalingen
in artikel 65 bis van deze verordening en dient zij een verslag in over de toepassing ervan.
Op basis van dit verslag kan de Europese Commissie in voorkomend geval voorstellen
Verordening (EG) nr. 987/2009 wordt als volgt gewijzigd:
(1) In artikel 6, lid 1, worden de punten b) en c) als volgt gewijzigd:
"b) de wetgeving van de lidstaat van de woonplaats, indien de betrokkene al dan niet in
loondienst werkzaamheden in twee of meer lidstaten verricht en een deel van zijn werkzaamheden in de lidstaat van woonplaats verricht of indien hij noch in loondienst noch anders dan in loondienst werkzaam is;
(2) Artikel 14 wordt als volgt gewijzigd:
-
-
a)lid 5 wordt vervangen door:
"5. Voor de toepassing van artikel 13, lid 1, van de basisverordening wordt onder degene
die "in twee of meer lidstaten werkzaamheden in loondienst pleegt te verrichten" verstaan, iemand die gelijktijdig of afwisselend, voor dezelfde onderneming of werkgever of voor verschillende ondernemingen of werkgevers, op het grondgebied van twee of meer lidstaten een of meer afzonderlijke werkzaamheden uitoefent .";
-
b)de volgende leden worden toegevoegd:
"5 bis. Voor de toepassing van titel II van de basisverordening wordt onder "zetel of
domicilie" verstaan de zetel of domicilie waar de voornaamste beslissingen betreffende de onderneming worden genomen en waar de centrale bestuurstaken ervan worden
uitgeoefend.
Voor de toepassing van artikel 13, lid 1, van de basisverordening vallen leden van het
cockpit- of het cabinepersoneel die in loondienst en met betrekking tot
luchtpassagiers of luchtvrachtvervoer diensten plegen te verrichten in twee of meer
5 ter. Voor de vaststelling van de toepasselijke wetgeving op grond van artikel 13 van de
basisverordening worden marginale werkzaamheden buiten beschouwing gelaten.
Artikel 16 van de uitvoeringsverordening is op alle onder dit artikel bedoelde
gevallen van toepassing.
----------------------
* PB L 373 van 31.12.1991, blz. 4.".
(3) In artikel 15, lid 1, wordt de tweede zin vervangen door:
"Dit orgaan verstrekt de in artikel 19, lid 2, van de uitvoeringsverordening bedoelde verklaring aan de betrokkene en stelt onverwijld informatie betreffende de overeenkomstig artikel 11, lid 3, punt b), of artikel 12 van de basisverordening op de betrokkene van toepassing zijnde wetgeving ter beschikking van het orgaan dat is aangewezen door de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de werkzaamheid wordt uitgeoefend.".
(4) In artikel 54 wordt lid 2 vervangen door:
"2. Voor de toepassing van artikel 62, lid 3, van de basisverordening deelt het bevoegde
orgaan van de lidstaat aan de wetgeving waarvan de betrokkene tijdens zijn laatste al dan niet in loondienst uitgeoefende werkzaamheden onderworpen was, aan het orgaan van de woonplaats op diens verzoek onverwijld alle voor de berekening van de werkloosheidsuitkering benodigde gegevens mede die het in de lidstaat waar het gevestigd is, kan verkrijgen, met name het ontvangen loon of beroepsinkomen.".
(5) Artikel 55 wordt als volgt gewijzigd: -
a) in lid 1 wordt de eerste alinea vervangen door:
"Om in aanmerking te komen voor toepassing van artikel 64 of artikel 65 bis van de
basisverordening stelt de werkloze die zich naar een andere lidstaat begeeft, het
bevoegde orgaan daarvan vóór zijn vertrek in kennis en verzoekt hij dit orgaan om
een document waaruit blijkt dat hij recht blijft houden op de uitkering onder de in
artikel 64, lid 1, onder b), van de basisverordening vastgestelde voorwaarden.";
-
b)het volgende lid wordt toegevoegd:
"7. De leden 2 tot en met 6 zijn van overeenkomstige toepassing op de onder artikel
65 bis, lid 3, van de basisverordening vallende situatie .".
(6) In artikel 56 worden de leden 1 en 2 vervangen door:
"1. Indien de werkloze overeenkomstig artikel 65, lid 2, of artikel 65 bis, lid 1, van de
basisverordening besluit zich ter beschikking te stellen van de diensten voor arbeids-
voorziening van de lidstaat die de uitkering niet verstrekt, door zich daar als werkloze
in te schrijven, stelt hij het orgaan en de diensten voor arbeidsvoorziening van de
Op verzoek van de diensten voor arbeidsvoorziening van de lidstaat die niet de uitkering
verstrekt, geven de diensten voor arbeidsvoorziening van de lidstaat die de uitkering
verstrekt de relevante informatie door over de inschrijving van de werkloze en diens
pogingen om werk te vinden.
-
2.Wanneer de in de betrokken lidstaten toepasselijke wetgeving vereist dat een werkloze aan bepaalde verplichtingen voldoet en/of activiteiten verricht die zijn gericht op het zoeken naar werk, wordt voorrang verleend aan de verplichtingen en/of de pogingen om werk te vinden in de lidstaat die de uitkering verstrekt.
Het feit dat een werkloze in de lidstaat die niet de uitkeringen verstrekt, niet heeft voldaan aan alle verplichtingen en/of activiteiten heeft verricht die zijn gericht op het zoeken naar werk, heeft geen invloed op de in de andere lidstaat toegekende uitkeringen.". -
-
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het
Publicatieblad van de Europese Unie .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te
Voor het Europees Parlement Voor de Raad
De voorzitter De voorzitter
____________________
| publicatiedatum | 23-04-2012 |
|---|---|
| kenmerk | 8901/12 |
