Submenu:
Nieuws-items bij J.R.H. (Josef) van Schaik
-
27-09-2005Oud-VVD-Tweede-Kamerlid Geurtsen overleden
Mr. J.R.H. (Josef) van Schaik - Hoofdinhoud

Algemeene Bond (RKSP), RKSP, KVP
in de periode 1917-1960: lid Tweede Kamer, voorzitter Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, minister, viceminister-president, lid Raad van State, minister van staat
Breda, 31 januari 1882
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 23 maart 1962
levensbeschouwing
Rooms-Katholiekpartij(en)
- -RKSP (Roomsch-Katholieke Staatspartij), tot 22 december 1945
- -KVP (Katholieke Volkspartij), vanaf 22 december 1945
- -waarnemend leraar staathuishoudkunde te Arnhem, van 1905 tot 1906
- -advocaat en procureur te Arnhem, van 1906 tot 1919
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 februari 1917 tot 9 mei 1933 (1917-1918 voor het kiesdistrict Rheden)
- -advocaat en procureur te 's-Gravenhage, van 1919 tot mei 1933
- -voorzitter Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 september 1929 tot 12 mei 1933
- -minister van Justitie, van 26 mei 1933 tot 24 juni 1937
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1937 tot 7 augustus 1948
- -fractievoorzitter RKSP Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 9 juni 1937 tot 11 november 1937
- -voorzitter Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 11 november 1937 tot 7 augustus 1948
- -minister zonder portefeuille, belast met de toekomstige structuur van het Koninkrijk en viceminister-president, van 7 augustus 1948 tot 15 maart 1951
- -minister van Verkeer en Waterstaat ad interim, van 7 augustus 1948 tot 1 november 1948 (in afwachting van de beëdiging van Spitzen)
- -minister van Binnenlandse Zaken ad interim, van 15 juni 1949 tot 20 september 1949 (na de benoeming van Van Maarseveen tot minister van Overzeese Gebiedsdelen)
- -lid Raad van State, van 1 juni 1951 tot 1 februari 1957 (benoeming bij K.B. van 11 mei 1951, nr.19)
ambtstitel
- -minister van staat, van 15 maart 1951 tot 23 maart 1962
- -lijstaanvoerder RKSP Tweede Kamerverkiezingen 1933 (kieskringen Arnhem en Nijmegen)
- -publicist Utrechts studentenblad "Vox" (in studententijd)
- -rechtbankverslaggever "Het Handelschblad"
- -adjunct-secretaris Nederlandse Spoorwegen
- -adjunct-secretaris Staatscommissie voor de Middenstandsenquête
- -secretaris Tiendcommissie, tweede Tienddistrict
- -kantonrechter-plaatsvervanger te Arnhem, van 1 december 1910 tot augustus 1919
- -voorzitter Gelderse Katholieke Dagbladpers te Arnhem
- -mede-redacteur blad "De Beiaard" (m.n. staatkunde)
- -lid Centraal College voor de Reclassering, van 14 februari 1919 tot 26 juli 1927
- -lid Staatscommissie inzake het Socialisatie-vraagstuk (Staatscommissie-Nolens), van 11 maart 1920 tot 2 april 1927
- -voorzitter Commissie van deskundigen voor de tabaksaccijns, van juni 1921 en nog in 1938
- -voorzitter Centraal College voor de Reclassering, van 26 juli 1927 tot mei 1933
- -lid Adviescommissie inzake het notariaat, van 31 december 1927 tot 5 juni 1929
- -voorzitter Algemene Raad voor Psychopatenzorg, van 24 oktober 1928 tot mei 1933
- -plaatsvervangend lid Centraal Stembureau, van oktober 1928 tot september 1929
- -lid College van Toezicht, bedoeld in art. 32 der Land- en tuinbouwongevallenwet, omstreeks 1931
- -voorzitter College van Toezicht, bedoeld in art. 120 der Ziektewet, omstreeks 1931 en nog in 1933
- -lid College van Curatoren Katholieke Universiteit Nijmegen, van december 1931 tot juli 1948
- -voorzitter Mijnraad, van 1 september 1932 tot mei 1933
- -voorzitter College van Toezicht, bedoeld in art. 32 der Land- en tuinbouwongevallenwet, omstreeks 1938
- -voorzitter College van Toezicht, bedoeld in art. 120 der Ziektewet, omstreeks 1931 en nog in 1938
- -adviseur Bond voor Steenfabrieksarbeiders
- -vicevoorzitter Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-De Wilde), van 24 januari 1936 tot 8 juni 1936
- -lid Politiek Convent (korte tijd)
- -lid Vaderlandsch Comité, vanaf april 1943 (korte tijd)
- -lid Verklaringscommissie-Beelaerts van Blokland (adviescommissie voor de toelating van leden tot de Tijdelijke Staten-Generaal), van 1945 tot september 1945
- -lid Nationale Advies Commissie (adviescollege voor de samenstelling van de Voorlopige Staten-Generaal), van 20 juli 1945 tot november 1945
- -kabinetsformateur, van 30 juli 1948 tot 6 augustus 1948 (formeerde het kabinet Drees-Van Schaik)
- -voorzitter College van Curatoren Katholieke Universiteit Nijmegen, van 1949 tot 1957
- -voorzitter Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening, van 17 april 1950 tot 6 januari 1954 (samen met Van Maarseveen en later Beel)
- -kabinetsformateur, van 2 februari 1951 tot 15 februari 1952 (samen met Drees)
- -regeringsgevolmachtigde en adviseur van de voorzitter Ronde Tafel Conferentie voor definitieve regeling van de nieuwe rechtsorde met Suriname en de Antillen, van november 1951 tot december 1954
- -lid Raad van Commissarissen Rotterdam-Rijn pijpleiding (geaffilieerd aan Koninklijke Shell)
- -lid Raad van Commissarissen Nederlandsche Gasunie
- -lid Raad van Commissarissen Rotterdamsche Scheepshypotheekbank
afgeleide functies, presidia etc.
- -voorzitter vaste commissie voor Buitenlandse Zaken (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 18 september 1929 tot 12 mei 1933
- -ondervoorzitter van de ministerraad, van 26 mei 1933 tot 24 juni 1937
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1937 tot 11 november 1937
- -voorzitter Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 11 november 1937 tot 7 augustus 1948
- -voorzitter Huishoudelijke Commissie (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 11 november 1937 tot 7 augustus 1948
- -voorzitter vaste commissie voor Buitenlandse Zaken (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 11 november 1937 tot 7 augustus 1948
- -lid afdeling geschillen van bestuur (Raad van State)
- -lid afdeling Binnenlandse Zaken (Raad van State)
- -lid afdeling Maatschappelijk Werk (Raad van State)
- -lid afdeling Overzeese Rijksdelen (en Uniezaken) (Raad van State)
- -R.K. lagere school te Maastricht
voortgezet onderwijs
- -gymnasium, R.K. "Sint Jans College" te 's-Hertogenbosch
academische studie
- -rechtswetenschap (gepromoveerd op dissertatie), Rijksuniversiteit Utrecht, tot 12 december 1905 (cum laude)
- -Sprak als Tweede Kamerlid vooral over onderwerpen op het gebied van justitie, binnenlandse zaken en arbeid
opvallend stemgedrag
- -Behoorde in 1919 tot de minderheid van de RK-fractie die vóór de motie-Bomans over bezuinigingen op het leger stemde
- -Stemde in 1923 met negen andere Katholieken tegen de ontwerp-Vlootwet, waardoor dit ontwerp met 50 tegen 49 stemmen werd verworpen. Dit leidde tot de ontslagaanvrage door het tweede kabinet-Ruijs de Beerenbrouck. Voerde het woord namens de tien dissidenten.
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- -Voerde als minister van Justitie een restrictief beleid bij de toelating van (joodse) vluchtelingen, uit vrees voor verstoring van de relatie met Duitsland
- -Bracht in 1935 het Rijkspolitiebesluit tot stand, waarbij deze politie werd ondergebracht bij het ministerie van Justitie. Onder de rijkspolitie viel ook de Koninklijke Marechaussee.
- -Stelde samen met Van Maarseveen in 1950 de Staatscommissie-Grondwet in, waarvan hijzelf voorzitter werd
als bewindspersoon (wetgeving)
- -Bracht in 1935 de wet tot regeling van de surseance van betaling tot stand. Hierdoor is niet langer het vooruitzicht op algehele betaling der schuldeisers geboden. Voldoende is de verklaring dat niet blijkt, dat bevrediging der crediteuren na verloop niet te verwachten is. De schuldenaren kan degenen die vorderingen hebben een akkoord aanbieden. Tijdens de surseance worden door de rechtbank één of meer bewindvoerders benoemd, die namens de schuldenaar het beheer over diens zaken voeren.
- -Bracht in 1936 samen met de ministers De Wilde en Colijn de Wet op de weerkorpsen tot stand. Hierdoor worden organisaties van particulieren verboden, die zich richten op het deelnemen aan hetgeen tot de taak behoort van de weermacht of politie bij het handhaven van rust, veiligheid en openbare orde. Dit verbod is vooral gericht tegen de WA (Weer Afdeling) van de NSB.
- -Bracht in 1936 een wijziging van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering tot stand, waardoor een regeling komt voor pro deo procederen. Voor een verzoek daartoe is een verklaring van de burgemeester nodig. De rechter beslist over het verzoek.
- -Bracht in 1936 de Wet inzake de verkoop op afbetaling en de Wet op het afbetalingsbedrijf tot stand. Hierdoor werd de contractuele (privaatrechtelijke) verhouding tussen koper en verkoper bij koop op afbetaling geregeld en kwamen er publiekrechtelijke regels voor het afbetalingsbedrijf
- -Bracht in 1937 de wet inzake handelsagenten en handelsreizigers tot stand, waardoor de rechtspositie van deze beroepsgroepen wettelijk werd vastgelegd
- -Bracht in 1937 samen met minister Deckers de Pachtwet tot stand. Daarbij worden de bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek overgeheveld naar een aparte wet. Er komt een regeling voor de verlenging van de pacht en voor de bepaling van de pachtprijzen. Verder komt er een recht op pachtvermindering bij misoogst en een recht op vergoeding bij aangebrachte verbeteringen of gedane investeringen.
- -Bracht in 1949 de Interimregeling voor Suriname tot stand. Hierdoor kreeg Suriname autonomie voor zover het de binnenlandse aangelegenheden betrof. Een eerste ontwerp werd op verzoek van de Eerste Kamer ingetrokken vanwege aanneming door de Tweede Kamer van twee voor Suriname onaanvaardbaar geachte amendementen.
- -Bracht in 1950 de Interimregeling voor de Nederlandse Antillen en een Eilandenregeling tot stand. Hiermee werd een belangrijke stap gezet naar autonomie van de Antillen. De Eilandenregeling kende Curaçao twaalf, Aruba acht, Bonaire drie en de drie Bovenwindse eilanden gezamenlijk één zetel toe in de Staten van de Antillen.
als (in)formateur
- -Kreeg op 30 juli 1948 de opdracht van de prinses-regentes tot het vormen van een kabinet. Bouwde voort op een in een eerdere fase door Beel tot stand gebracht kabinetsprogramma. Wist een oplossing te vinden voor de personele bezetting in het nieuwe kabinet, waarvan Drees minister-president en hijzelf viceminister-president werd. Wist van de PvdA acceptatie van D.U. Stikker op Buitenlandse Zaken te krijgen en bewerkstelligde de vervanging van Gielen door diens partijgenoot Rutten. Aanvaardde op 6 augustus de opdracht tot vorming van het kabinet.
- -Kreeg op 1 februari 1951 samen met Drees de opdracht tot het vormen van een kabinet dat geacht mocht worden het vertrouwen van het parlement te genieten. Zij wisten overeenstemming te bereiken over zeven hoofdpunten van financieel-economisch beleid. Omdat geen akkoord kon worden bereikt over deelname van een minister van ARP-huize en D.U. Stikker op grond van de zetelverdeling Buitenlandse Zaken weigerde, vroegen Drees en hij op 16 februari 1951 ontheffing van hun opdracht.
- -Was al vóór 1917 als één van de weinige katholieke politici voorstander van het vrouwenkiesrecht
- -Was tijdens de formatie-Limburg in 1926 kandidaat voor Binnenlandse Zaken en Landbouw. De formatie strandde op het laatste moment, omdat geen overeenstemming met de CHU-kandidaatministers kon worden bereikt over het gezantschap bij de Paus.
- -Was in 1933 verantwoordelijk voor het alsnog toevoegen van de NSB aan de lijst met voor ambtenaren verboden organisaties
- -Hield op 10 mei 1940, ondanks het ontbreken van het quorum, als Kamervoorzitter een korte redevoering waarin hij in krachtige bewoordingen de Duitse inval veroordeelde
- -Speelde tussen 1948 en 1951 met Drees een centrale rol in het kabinet. Had een eigen afdeling (Bureau) op het ministerie van Algemene Zaken.
uit de privésfeer
- -Was als jonge advocaat initiator van proefprocessen over openbare (katholieke) processies
- -Zijn vader was griffier van het kantongerecht te Ridderkerk (1876-1884), kantonrechter te Druten (1884-1889) en raadsheer in het Gerechtshof te Arnhem (1889-)
anekdotes en citaten
- -Over hem werd vanwege zijn soms aarzelende optreden gezegd: "Van Schaik heeft een vest met meer knopen dan een ander. Dan kan hij langer tellen."
verkiezingen
- -Werd in 1917 bij tussentijdse verkiezingen en later bij de algemene verkiezingen via enkelvoudige kandidaatstelling gekozen
niet-aanvaarde politieke functies
- -minister van Arbeid, Handel en Nijverheid, augustus 1929
- -lid/voorzitter Commissie-Generaal voor Nederlands-Indië, 1946
woonplaats(en)/adres(sen)
- -Druten (jeugdjaren)
- -Maastricht
- -'s-Hertogenbosch, tot 1917
- -'s-Gravenhage, Van de Spiegelstraat 8, omstreeks 1920 en nog in 1956
ridderorden
- -Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 29 augustus 1925
- -Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 31 augustus 1937
- -Grootkruis Orde van Oranje-Nassau, 7 januari 1954 (t.g.v. einde werkzaamheden Grondwetscommissie)
relevante buitenlandse reizen
- -reis naar 'de West', van 1950 tot 17 januari 1951 (ter voorbereiding van de interimregeling voor Suriname en de Nederlandse-Antillen)
- -reis naar 'de West', november 1951 (ter voorbereiding van de Ronde Tafelconferentie over 'de West')
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
voorzitter Katholieke studentenvereniging "Geloof en Wetenschap"publicaties
"De overheid tegenover de artikelen 4101 en v. B.W." (dissertatie, 1905)
literatuur/documentatie
- -J. Bosmans, "Schaik, Josephus Robertus Hendricus van (1882-1962)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel I, 525
- -J.C.F.J. van Merriënboer, "Behoedzaam, innemend, gewichtig: vice-premier Van Schaik", in: P.F. Maas en J.M.M.J. Clerx (eds.), "Het kabinet-Drees-Van Schaik. Koude Oorlog, dekolonisatie en integratie" (Parlementaire Geschiedenis van Nederland, Band C 1948-1951, dl. 3), 13-21
- -A.W. Abspoel, "Van Binnen- en Buitenhof" (1956), 31
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland
archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archiefhuwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Venlo, 28 april 1913
echtgeno(o)t(e)/partner
M.J.V. Brouwers, Maria Josephina Virginia
kinderen
2 zoons en 3 dochters
vader
Mr. J.R.H. van Schaik, Johannes Robertus Hendricus
geboorteplaats en/of -datum
Delft, 9 mei 1848
moeder
Th.J.S. Deurvorst, Theodora Johanna Stéphanie
geboorteplaats en/of -datum
Wageningen, 1855
familierelaties
- -Broer van Th.S.G.J.M. van Schaik, minister
- -Schoonzoon van J.S.H. Brouwers, Eerste Kamerlid