Europese Unie (EU) - Hoofdinhoud
De Europese Unie (EU) is het belangrijkste samenwerkingsverband in Europa. De deelnemende landen hebben voor deze Unie een aantal gemeenschappelijke instellingen in het leven geroepen waaraan zij een deel van hun soevereiniteit (staatsgezag) hebben overgedragen. Dit zijn onder meer het Europees Parlement, de Europese Commissie en het Europese Hof van Justitie.
Sinds 1 januari 2007 telt de Europese Unie 27 lidstaten. De samenwerking tussen deze lidstaten kenmerkt zich door vergaande economische integratie. In 1986 zijn de douanetarieven tussen de lidstaten afgeschaft, waardoor één interne markt is ontstaan. Ook hebben de lidstaten hun bevoegdheden om met het buitenland over handelsvoorwaarden te onderhandelen, overgedragen aan de Europese Unie. In 1998 besloten twaalf lidstaten tot invoering van een gemeenschappelijke munt, de euro. Later zijn ook Slovenië, Cyprus, Malta, Slowakije en Estland mee gaan doen.
Naast de nauwe economische samenwerking onderneemt de Unie steeds meer activiteiten op andere beleidsterreinen. De Unie drukt een zeer stevig stempel op het beleid inzake landbouw, visserij, consumentenrechten en milieu in de lidstaten.
Wat betreft wetenschappelijk onderzoek, vervoer, energie en uitwisselingsprogramma's op het gebied van onderwijs, heeft de EU belangrijke ondersteunende bevoegdheden.
De laatste jaren zijn de bevoegdheden van de Europese Unie op justitiële gebieden als immigratie, terrorismebestrijding en grensoverschrijdende criminaliteit flink uitgebreid.
Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon is een verdere stap gezet bij de samenwerking op het gebied van buitenlandse zaken en defensie.
In 2012 werd de EU de Nobelprijs voor de vrede toegekend.
Website |
|
|---|---|
Grondslagen |
Verdrag van de Europese Unie (VEU, 1991,herzien in 1997, 2000 en 2009), Verdrag van de Europese Gemeenschappen (VEG, 1958 en herzien in 1991 en 1997) opgevolgd door het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU, 2009), Euratom-Verdrag (1958) |
Voorloper |
|
Oprichting |
1957 (Europese Economische Gemeenschap, Euratom), 1992 (Europese Unie) |
Aard organisatie |
Economische en politieke samenwerking |
Voorzittende lidstaat |
In de verdragsteksten worden de doelstellingen van de Europese Unie omschreven:
-
1.De Unie stelt zich ten doel de vrede, haar waarden en het welzijn van haar volkeren te bevorderen. De Unie is gegrondvest op de beginselen van vrijheid, democratie, eerbiediging van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, en van de rechtsstaat. De Unie versterkt de bescherming van de rechten en belangen van de onderdanen van de lidstaten van de Unie middels een burgerschap van de Unie.
-
2.De Unie biedt haar burgers een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid zonder binnengrenzen, en een interne markt waarin de mededinging vrij en onvervalst is, doch met passende maatregelen met betrekking tot controles op asiel en migratie, en criminaliteit.
-
3.De Unie zet zich in voor de duurzame ontwikkeling van Europa, op basis van een evenwichtige economische groei en prijsstabiliteit, van een sociale markteconomie met een groot concurrentievermogen die gericht is op volledige werkgelegenheid en sociale vooruitgang, en van een hoog niveau van bescherming en verbetering van de kwaliteit van het milieu. De Unie bevordert wetenschappelijke en technische vooruitgang.
De Unie bestrijdt sociale uitsluiting en discriminatie, en bevordert sociale rechtvaardigheid en bescherming, de gelijkheid van mannen en vrouwen, de solidariteit tussen generaties en de bescherming van de rechten van het kind.
De Unie bevordert de economische, sociale en territoriale samenhang, en de solidariteit tussen de lidstaten.
De Unie eerbiedigt haar rijke verscheidenheid van cultuur en taal en ziet toe op de instandhouding en de ontwikkeling van het Europees cultureel erfgoed.
-
4.In haar betrekkingen met de wereld buiten haar grenzen handhaaft en bevordert de Unie haar waarden en belangen. Zij draagt bij tot de vrede, de veiligheid, de duurzame ontwikkeling van de aarde, de solidariteit en het wederzijds respect tussen de volkeren, de vrije en eerlijke handel, de uitbanning van armoede en de bescherming van de mensenrechten, in het bijzonder de rechten van het kind, alsook tot de strikte nakoming en ontwikkeling van het internationaal recht, met inbegrip van de inachtneming van de beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties.
-
5.De Unie streeft deze doelen na voor zover zij daartoe is gemachtigd door de lidstaten, in samenwerking met de lidstaten of op basis van exclusiviteit, met inachtneming van de principes van subsidiariteit en proportionaliteit. De Unie gaat niet verder dan nodig is om de doelstellingen zoals in de Verdragsteksten staan te verwezenlijken.
Rapportage van werkzaamheden
Elk jaar publiceert de Europese Unie een beknopt verslag van alle communautaire werkzaamheden, de begroting, en een lijst van alle instellingen, agentschappen en gemeenschappelijke ondernemingen
Organisatie
De staatsvorm van de Europese Unie kan gekenschetst worden als een gedecentraliseerde federale samenwerking, die is gebaseerd op een dubbele democratische legitimiteit: de legitimiteit van de burgers en de legitimiteit van de lidstaten.
De afspraken tussen lidstaten zijn vastgelegd in drie verdragen, die verscheidene malen zijn aangepast. Bij de verschillende uitbreidingen van de Unie zijn ook allerlei bepalingen vastgesteld, waarin lidstaten uitzonderingsposities voor zichzelf hebben bedongen op specifieke terreinen. Hierdoor heeft de Europese Unie een bijzonder complexe institutionele structuur gekregen.
De taakverdeling tussen de belangrijkste Organen van de Europese Unie laat zich als volgt samenvatten: de Europese Raad neemt twee keer per jaar besluiten over de algemene politieke beleidslijnen. Sinds 2009 is er een vaste voorzitter van de Raad. De Europese Commissie neemt initiatieven voor Europese wet- en regelgeving en houdt toezicht op naleving van de Europese verdragen. Van deze Commissie maakt ook de Hoge Vertegenwoordiger van het Gemeenschappelijke Buitenlands en Veiligheidsbeleid deel uit. Het Europees Parlement debatteert hierover en kan wijzigingen voorstellen, waarna het Parlement en de Raad van de Europese Unie gezamenlijk beslissen. Het Europese Hof van Justitie bewaakt deze afspraken, uitspraken van dit Hof hebben voorrang boven het recht van de lidstaten.
Communautair
De machtsverhoudingen in de Europese Unie zijn een breekbaar evenwicht tussen de belangen van lidstaten afzonderlijk, en het algemene Europese belang.
Vier instellingen van de Europese Unie bewaken het algemene Europese belang. Deze gemeenschappelijke ('communautaire') organen opereren formeel volledig onafhankelijk van nationale lidstaten. Dit zijn:
Daarnaast maken de volgende communautaire organen deel uit van de Unie:
Financiële organen:
Adviesorganen:
Overige instellingen:
Intergouvernementeel
De regeringen van afzonderlijke lidstaten bezitten in belangrijke mate eindverantwoordelijkheid voor de gezamenlijke beslissingen. Het onderling ('intergouvernementeel') overleg tussen ministers heeft in de meeste gevallen de laatste stem als het gaat om beslissingen die genomen worden in samenwerking met de Europese Commissie en het Europees Parlement.
Voor sommige beleidsgebieden, zoals buitenlands beleid, defensie en samenwerking tussen politiediensten, hebben de communautaire organen slechts een rol aan de zijlijn. De intergouvernementele organen van de Europese Unie zijn:
De Europese Unie telt zevenentwintig lidstaten. Sinds de start van de Europese samenwerking in 1952 heeft de Unie een proces van uitbreiding meegemaakt, waardoor in 1996 de volgende landen lid waren:
België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk en Zweden.
Per 1 mei 2004 zijn tien nieuwe lidstaten toegetreden:
Estland, Letland, Litouwen, Polen, Hongarije, Tsjechië, Slowakije, Slovenië, Malta en Cyprus.
Per 1 januari 2007 zijn Bulgarije en Roemenië lid geworden van de EU.
Er zijn toetredingsonderhandelingen gaande met Kroatië, Macedonië en Turkije. IJsland heeft op 17 juli 2009 het lidmaatschap aangevraagd. Ook een land als de Oekraïne heeft belangstelling voor het EU-lidmaatschap. Landen als Zwitserland en Noorwegen zijn formeel geen lid van de Europese Unie, maar nemen wel deel aan tal van EU-programma's en overeenkomsten.
Gastland EU-organen
Nederland is gastland van twee agentschappen van de Europese Unie (beide gevestigd in Den Haag):
Europees Parlement
Europese Commissie
Comité van Permanente Vertegenwoordigers (Coreper)
