Historisch overzicht bij Nederland
-
1948
Benelux-verdrag in werking -
1948
Verdrag van de West-Europese Unie ondertekend -
1951
Ondertekening Verdrag van Parijs: besluit tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal -
1981
In Nederland worden nationale parlementsverkiezingen gehouden -
1989
In Nederland worden nationale parlementsverkiezingen gehouden -
1991
Nederland voorzitter van Raad van Europese Gemeenschappen -
1992
Nederland ratificeert Verdrag betreffende de Europese Unie -
1996
Nederland neemt voorzitterschap van Raad van de Europese Unie over -
1998
Nederland legt oorkonden neer voor ratificatie van Verdrag van Amsterdam -
1999
In Verenigd Koninkrijk, Nederland en Denemarken verkiezingen voor Europees Parlement gehouden -
2004
Nederland neemt Voorzitterschap van Raad van de Europese Unie over -
2005
Nederlandse burgers hebben gekozen om tegen ratificatie van grondwettelijke Verdrag te stemmen
Ondertekening Verdrag van Parijs: besluit tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal - Hoofdinhoud
1952-2002 De Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS)
De Fransman Jean Monnet kreeg de opdracht een plan uit te werken om van Europa meer één geheel te maken. Monnet richtte zich vooral op de relatie tussen Frankrijk en Duitsland. Besloten werd om een samenwerking te beginnen op het gebied van kolen en staal. Op die manier kon Duitsland zijn overproductie van staal kwijt aan andere Europese landen en kon Frankrijk toegang krijgen tot het Roergebied (het grote Duitse industriegebied) om Duitsland in de gaten te houden. Dit laatste was erg belangrijk voor Frankrijk, aangezien veel Fransen nog altijd bang waren voor nieuw Duits nationalisme.
In mei 1950 presenteerde de Franse minister van Buitenlandse Zaken Schuman het plan van Monnet aan de pers. Het samenwerkingsverband zou de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) gaan heten en er zou een orgaan worden opgericht dat veel macht zou krijgen binnen deze gemeenschap: de Hoge Autoriteit.
Naast Duitsland en Frankrijk konden ook andere landen zich aansluiten bij deze samenwerking om de vrede in Europa te bewaren. Er werd onderhandeld tussen Frankrijk, West-Duitsland, Italië en de Benelux-landen. Het ging bij deze onderhandelingen niet alleen om economische samenwerking (kolen en staal), maar ook om politieke samenwerking,uit angst voor een nieuwe oorlog.
Na de oprichting van de EGKS werd besloten om de Hoge Autoriteit te vestigen in Luxemburg. Er konden nu op supranationaal niveau beslissingen genomen worden. Onderwerpen waren onder andere douanerechten en het prijsbeleid in de zware industrie (bijvoorbeeld staal). Andere economische onderwerpen werden nog per land geregeld.
Vanaf 1952 streefde Nederland het idee van meer economische samenwerking binnen Europa na. De toenmalige Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, Jan Willem Beyen, wilde een gemeenschappelijke markt, een idee dat de nodige voorstanders kende. Dankzij de inspanningen van de minister werd het vorige Verdrag op enkele punten aangepast, maar wederom kwam er weinig uit voort.
Het Verdrag van Parijs is gesloten in 1952, voor een periode van vijftig jaar. Op 23 juli 2002 verstreek die periode, waarna de EGKS ophield te bestaan..