RAAD VANBrussel, 28 februari 2001
(OR. fr)
DE EUROPESE UNIE
6205/01
LIMITE
FISC 24
WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN
Betreft:Beschikking van de Raad houdende verlagingen en vrijstellingen van de accijns op bepaalde minerale oliën die gebruikt worden voor specifieke doeleinden
BESCHIKKING VAN DE RAAD
van
houdende verlagingen en vrijstellingen van de accijns
op bepaalde minerale oliën die gebruikt worden voor specifieke doeleinden
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 92/81/EEG van de Raad van 19 oktober 1992 betreffende de harmonisatie van de
structuur van de accijns op minerale oliën 1, inzonderheid op artikel 8, lid 4,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
(1)Overeenkomstig artikel 8, lid 4, van Richtlijn 92/81/EEG heeft de Raad de lidstaten bij
Beschikking 1999/880/EG 1 gemachtigd om uit specifieke beleidsoverwegingen vrijstellingen
of verlagingen van de accijns op minerale oliën toe te kennen.
(2)De Raad moet, op basis van een voorstel van de Commissie, besluiten of de bij Beschikking
1999/880/EG verleende toestemming voor deze vrijstellingen en verlagingen gewijzigd of
verlengd moet worden.
(3)De bij Beschikking 1999/880/EG vastgestelde afschaffing van automatische verlengingen
biedt de Raad meer greep op de afwijkingen, doordat deze op gezette tijden worden onder-
zocht en voor het continueren ervan uitdrukkelijk toestemming moet worden verleend.
(4)Deze beschikking waarborgt de gelijke behandeling van lidstaten die vergelijkbare
afwijkingen genieten, maar heeft terzelfder tijd ten doel alle bestaande afwijkingen voor een
periode van zes jaar te verlengen, met uitzondering van de afwijkingen voor de ondernemers
van het wegvervoer, die voor een periode van twee jaar worden verlengd.
(5)Deze beschikking doet geen afbreuk aan de uitkomst van eventuele procedures met
betrekking tot verstoringen van de werking van de interne markt die met name krachtens de
artikelen 87 en 88 van het Verdrag kunnen worden ingesteld, noch aan het vereiste dat de
(6)De Beschikkingen 1999/880/EG, 1999/804/EG 1, 2000/266/EG 2, 2000/433/EG 3,
2000/434/EG 4, 2000/446/EG 5, en 2000/719/EG 6 moeten worden ingetrokken,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD:
Artikel 1
-
1.In afwijking van het bepaalde in Richtlijn 92/82/EEG 7, met name wat betreft de minimum-
accijnstarieven voor minerale oliën, wordt de lidstaten toestemming verleend de in bijlage I bij deze
beschikking vermelde accijnsverlagingen of accijnsvrijstellingen te blijven toepassen.
-
2.Onder voorbehoud van een voorafgaand onderzoek door de Raad, op basis van een voorstel van
de Commissie, verstrijkt deze toestemming op 31 december 2006.
Artikel 2
-
1.In afwijking van het bepaalde in Richtlijn 92/82/EEG, met name wat betreft de minimum-
accijnstarieven voor minerale oliën, wordt de lidstaten toestemming verleend de in bijlage II bij
deze beschikking vermelde accijnsverlagingen of accijnsvrijstellingen te blijven toepassen.
-
2.Onder voorbehoud van een voorafgaand onderzoek door de Raad, op basis van een voorstel van
de Commissie, verstrijkt deze toestemming op 31 december 2002.
Artikel 3
De Beschikkingen 1999/880/EG, 1999/804/EG, 2000/266/EG, 2000/433/EG, 2000/434/EG,
2000/446/EG en 2000/719/EG worden ingetrokken.
Artikel 4
Deze beschikking is van toepassing met ingang van 1 januari 2001.
Artikel 5
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel,
voor de Raad
BIJLAGE I
Accijnsverlagingen en accijnsvrijstellingen als bedoeld in artikel 1
1.België:
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG), aardgas en methaan;
-voor voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor de particuliere pleziervaart;
-voor een verlaagd accijnstarief voor zware stookolie om het gebruik van milieu-
vriendelijker brandstoffen aan te moedigen; een dergelijke verlaging wordt specifiek
gekoppeld aan het zwavelgehalte, en het verlaagde tarief mag in geen geval onder de
EUR 6,5 per ton liggen;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
2.Denemarken:
-voor een verlaagd accijnstarief voor diesel om het gebruik van milieuvriendelijker
brandstoffen aan te moedigen, op voorwaarde dat dergelijke stimulansen onderworpen
zijn aan welbepaalde technische kenmerken, zoals densiteit, zwavelgehalte, distillatie-
punt en cetaangetal, en op voorwaarde dat deze tarieven in overeenstemming zijn met
de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG;
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven naargelang de benzine
verkocht wordt in benzinestations die zijn uitgerust met een terugvloeisysteem voor
benzinedampen dan wel in de overige benzinestations, op voorwaarde dat deze
gedifferentieerde accijnstarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen uit
hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in de artikelen 3 en 4 van die richtlijn
bedoelde minimumtarieven;
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven voor benzine, op voorwaarde
dat de gedifferentieerde tarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen uit
hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in de artikelen 3 en 4 van die richtlijn
bedoelde minimumtarieven;
-voor voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor gedeeltelijke teruggave aan de commerciële sector, op voorwaarde dat de
heffingen in overeenstemming zijn met de communautaire bepalingen en het bedrag van
de betaalde en niet teruggegeven heffingen nooit onder de in de Gemeenschaps-
wetgeving vastgestelde minimumtarieven van de accijnzen of controleretributies op
minerale oliën ligt;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b).
3.Duitsland:
-voor het gebruik van koolwaterstofrestgassen als brandstof voor verwarming;
-een gedifferentieerd accijnstarief voor minerale oliën die worden gebruikt als brandstof
voor voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer, op voorwaarde dat een en ander
in overeenstemming is met de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG;
-voor monsters van minerale oliën die bestemd zijn voor onderzoek, productietests of
andere wetenschappelijke doeleinden;
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven voor brandstoffen voor
verwarming die gebruikt worden door ondernemingen in de be- en verwerkende
4.Griekenland:
-voor gebruik door de nationale strijdkrachten;
-voor vrijstelling van de accijns op minerale oliën die als motorbrandstof worden
gebruikt voor de officiële voertuigen van het kabinet van de president en van de
rijkspolitie;
-voor voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor naar milieucategorie gedifferentieerde accijnstarieven voor ongelode benzine, op
voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in artikel 4 van die
richtlijn bedoelde minimumtarieven;
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG) en methaan gebruikt voor industriële doeleinden.
5.Spanje:
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG) dat wordt gebruikt als motorbrandstof voor
voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor naar milieucategorie gedifferentieerde accijnstarieven voor ongelode benzine, op
voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in artikel 4 van die
richtlijn bedoelde minimumtarieven;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
6.Frankrijk:
-in het kader van bepaalde beleidsmaatregelen ter ondersteuning van regio's die te
maken hebben met ontvolking;
-voor verbruik op het eiland Corsica, op voorwaarde dat de verlaagde accijnstarieven
nooit onder de in de Gemeenschapswetgeving vastgestelde minimumtarieven voor
minerale oliën liggen;
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven voor een nieuwe brandstof,
bestaande uit een emulsie van water/antivries en diesel, die gestabiliseerd wordt door
oppervlakte-actieve stoffen, op voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeen-
stemming zijn met de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de
-voor motorbrandstof die in taxi's wordt gebruikt, binnen de grenzen van een jaarlijks
quotum;
-voor vrijstelling van de accijns op gas dat wordt gebruikt als motorbrandstof voor
voertuigen voor het openbaar vervoer, binnen de grenzen van een jaarlijks quotum;
-voor vrijstelling van de accijns op gas dat wordt gebruikt als motorbrandstof voor
vuilniswagens;
-voor een verlaagd accijnstarief voor zware stookolie om het gebruik van milieu-
vriendelijker brandstoffen aan te moedigen; deze verlaging wordt specifiek gekoppeld
aan het zwavelgehalte en de accijns mag niet lager zijn dan het minimumtarief voor
zware stookolie dat in de Gemeenschapswetgeving is vastgesteld;
-voor een vrijstelling van accijns voor zware stookolie die wordt gebruikt als brandstof
bij de productie van aluminiumoxide in de Gardanne;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor de verkoop van benzine voor pleziervaartuigen in de havens van Corsica;
7.Ierland:
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG), aardgas en methaan die worden gebruikt als
motorbrandstof;
-voor motorvoertuigen die door gehandicapten worden gebruikt;
-voor voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor de toepassing van naar milieucategorie gedifferentieerde accijnstarieven voor
ongelode benzine, op voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeenstemming
zijn met de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in artikel 4
van die richtlijn bedoelde minimumtarieven.
-voor de productie van aluminiumoxide in Shannon;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor de particuliere pleziervaart;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
8.Italië:
-voor koolwaterstofrestgassen die als brandstof worden gebruikt;
-voor methaan dat als brandstof in motorvoertuigen wordt gebruikt;
-voor gebruik door de nationale strijdkrachten;
-voor gebruik in ziekenwagens;
-voor voertuigen voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor brandstof die in taxi's wordt gebruikt;
-voor een verlaagd accijnstarief dat in bepaalde geografisch bijzonder benadeelde
gebieden wordt toegepast op huisbrandolie en vloeibaar petroleumgas voor verwarming,
die via netwerken in die gebieden worden verkocht, op voorwaarde dat de tarieven in
overeenstemming zijn met de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met
name de in de artikelen 5 en 7 van die richtlijn bedoelde minimumtarieven;
-voor het verbruik in de regio's Val d'Aosta en Gorizia;
-voor een verlaagd accijnstarief voor minerale oliën die worden gebruikt in de regio's
Udine en Triëste, op voorwaarde dat de tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG;
-voor een vrijstelling van accijns voor minerale oliën die als brandstof worden gebruikt
bij de productie van aluminiumoxide op Sardinië;
-voor een verlaagd accijnstarief voor stookolie, voor de productie van stoom, en voor
gasolie die wordt gebruikt in ovens voor het drogen en "activeren" van moleculaire
zeven in Calabrië, op voorwaarde dat de tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
9.Luxemburg:
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG), aardgas en methaan;
-voor een verlaagd accijnstarief voor zware stookolie om het gebruik van milieu-
vriendelijker brandstoffen aan te moedigen; een dergelijke verlaging wordt specifiek
gekoppeld aan het zwavelgehalte, en het verlaagde tarief mag in geen geval onder de
EUR 6,5 per ton liggen;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
10.Nederland:
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG), aardgas en methaan;
-voor monsters van minerale oliën die bestemd zijn voor onderzoek, productietests of
andere wetenschappelijke doeleinden;
-voor gebruik door de nationale strijdkrachten;
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven voor vloeibaar petroleumgas
dat wordt gebruikt als motorbrandstof voor voertuigen voor het openbaar vervoer;
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven voor vloeibaar petroleumgas
11.Oostenrijk:
-voor aardgas en methaan;
-voor vloeibaar petroleumgas dat wordt gebruikt als motorbrandstof in voertuigen voor
het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
12.Portugal:
-voor de toepassing van naar milieucategorie gedifferentieerde accijnstarieven voor
ongelode benzine, op voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeenstemming
zijn met de verplichtingen die zijn vastgesteld bij Richtlijn 92/82/EEG, met name de in
artikel 4 van deze richtlijn bedoelde minimumtarieven;
-voor een vrijstelling van accijns voor vloeibaar petroleumgas, aardgas en methaan die
worden gebruikt als motorbrandstof voor het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor een verlaagd accijnstarief voor stookolie die wordt verbruikt in de autonome regio
-voor een verlaagd accijnstarief voor zware stookolie om het gebruik van milieu-
vriendelijker brandstoffen aan te moedigen; deze verlaging wordt specifiek gekoppeld
aan het zwavelgehalte en de accijns mag niet lager zijn dan het minimumtarief voor
zware stookolie dat in de Gemeenschapswetgeving is vastgesteld;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
13.Finland:
-voor aardgas dat wordt gebruikt als motorbrandstof;
-voor een vrijstelling van accijns voor methaan en vloeibaar petroleumgas (LPG) voor
alle doeleinden;
-voor verlaagde accijnstarieven voor diesel en stookolie die worden gebruikt voor
verwarming, op voorwaarde dat de tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in artikel 5 van die
-voor de verlaging van de accijnstarieven voor gelode en ongelode "reformulated"
benzine, op voorwaarde dat de tarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen
uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in de artikelen 3 en 4 van die richtlijn
bedoelde minimumtarieven;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor de particuliere pleziervaart;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
14.Zweden:
-voor een vrijstelling van accijns voor biologisch vervaardigd methaan en andere
restgassen;
-voor een verlaging van de accijns op diesel naargelang de milieucategorie;
-voor de toepassing van naar milieucategorie gedifferentieerde accijnstarieven voor
-voor een verlaagd accijnstarief voor minerale oliën die gebruikt worden voor industriële
doeleinden, op voorwaarde dat de tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG;
-voor een verlaagd accijnstarief voor minerale oliën die worden gebruikt voor industriële
doeleinden, door gelijktijdige toepassing van een onder het algemeen niveau liggend
tarief en een verlaagd tarief voor energie-intensieve ondernemingen, op voorwaarde dat
de tarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn
92/82/EEG, en de concurrentie niet verstoren;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b).
15.Verenigd Koninkrijk:
-voor vloeibaar petroleumgas (LPG), aardgas en methaan die worden gebruikt als
motorbrandstof voor motorvoertuigen;
-voor een verlaging van de accijns op diesel om het gebruik van milieuvriendelijker
brandstof aan te moedigen;
-voor de toepassing van naar milieucategorie gedifferentieerde accijnstarieven voor
-voor voertuigen van het plaatselijk openbaar vervoer;
-voor gedifferentieerde accijnstarieven voor water-dieselemulsies, op voorwaarde dat
deze gedifferentieerde tarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen uit
hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, inzonderheid de in artikel 5 van die richtlijn bedoelde
minimumtarieven;
-voor ander luchtvaartverkeer dan bedoeld in Richtlijn 92/81/EEG, artikel 8, lid 1,
onder b);
-voor de particuliere pleziervaart;
-voor afgewerkte olie die wordt hergebruikt als brandstof, hetzij direct na terugwinning,
hetzij na recycling van de afgewerkte olie, op het hergebruik waarvan rechten kunnen
worden geheven.
BIJLAGE II
Verlagingen en vrijstellingen van de accijns, als bedoeld in artikel 2
1.Frankrijk:
-voor de toepassing van gedifferentieerde accijnstarieven voor diesel die gebruikt wordt
in bedrijfsvoertuigen, op voorwaarde dat de gedifferentieerde tarieven in overeen-
stemming zijn met de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de
in artikel 5 van die richtlijn bedoelde minimumtarieven.
2.Italië:
-voor een verlaagd accijnstarief voor diesel die gebruikt wordt door ondernemers van
wegvervoer, op voorwaarde dat die tarieven in overeenstemming zijn met de
verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 92/82/EEG, met name de in artikel 5 van die
richtlijn bedoelde minimumtarieven.
3.Nederland:
-voor de toepassing van verlaagde accijnstarieven voor diesel voor bedrijfsvoertuigen, op
voorwaarde dat de tarieven in overeenstemming zijn met de verplichtingen uit hoofde
| publicatiedatum | 28-02-2001 |
|---|---|
| kenmerk | 6205/01 |
