Gemeenschappelijk standpunt door de Raad vastgesteld met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 577/98 van de Raad betreffende de organisatie van een steekproefenquête naar de arbeidskrachten in de Gemeenschap - Montesquieu Instituut

Montesquieu Instituut van wetenschap naar samenleving

Inhoud

enveloppe

Delen

1.

Tekst

 

RAAD VANLuxemburg, 16 april 2002 (18.04)

(OR. en)

DE EUROPESE UNIE

6241/1/02 REV 1 ADD 1

Interinstitutioneel dossier:

2001/0127 (COD)

ECOFIN 54 SOC 62 CODEC 183

MOTIVERING VAN DE RAAD

Betreft: Gemeenschappelijk standpunt door de Raad vastgesteld met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 577/98 van de Raad betreffende de organisatie van een steekproefenquête naar de arbeidskrachten in de Gemeenschap

MOTIVERING VAN DE RAAD

I. INLEIDING

  • 1. 
    Op 13 juni 2001 heeft de Commissie bij de Raad een voorstel ingediend voor een

verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening

(EG) nr. 577/98 betreffende de organisatie van een steekproefenquête naar de arbeids-

krachten in de Gemeenschap.

  • 2. 
    Het voorstel is gebaseerd op artikel 285 van het Verdrag, hetgeen betekent dat de in

artikel 251 van het Verdrag omschreven medebeslissingsprocedure met het Europees

Parlement van toepassing is.

  • 3. 
    Het Europees Parlement heeft het Commissievoorstel in eerste lezing zonder amen-

dementen goedgekeurd op 11 december 2001.

  • 4. 
    Het Economisch en Sociaal Comité heeft zijn advies uitgebracht op 14 januari 2002.
  • 5. 
    Op 15 april 2002 heeft de Raad overeenkomstig artikel 251 van het Verdrag zijn

gemeenschappelijk standpunt vastgesteld.

II. DOEL VAN HET VOORSTEL

Doel van het voorstel is, Verordening (EG) nr. 577/98 te wijzigen om te waarborgen dat alle

lidstaten een doorlopende steekproefenquête naar de arbeidskrachten uitvoeren. Het voorstel

behelst de intrekking van de mogelijkheid voor lidstaten die problemen met de uitvoering van

III. ANALYSE VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT

Het gemeenschappelijk standpunt volgt het door het Europees Parlement goedgekeurde

Commissievoorstel, doch voegt afwijkingen toe voor Italië en Duitsland, om deze landen in

staat te stellen de nodige technische voorbereidingen te treffen voor de uitvoering van een

doorlopende enquête.

In het geval van Italië geldt die afwijking voor een jaar, tot eind 2003.

In het geval van Duitsland geldt de afwijking voor twee jaar, tot eind 2004, mits Duitsland elk

kwartaal vervangende schattingen verstrekt van de belangrijkste steekproefenquêtes-

aggregaten naar de arbeidskrachten alsmede jaarlijkse gemiddelde schattingen van sommige

specifieke steekproefenquêtes-aggregaten naar de arbeidskrachten. Door de verstrekking van

die gegevens wordt de integriteit van de statistieken van de EU gevrijwaard gedurende de

overgangsperiode waarin Duitsland geen gegevens van een doorlopende enquête verstrekt,

door ervoor te zorgen dat er frequentere en meer specifieke gegevens beschikbaar zijn dan

momenteel op grond van de jaarlijkse enquête worden verstrekt.

IV. CONCLUSIE

De Raad is van mening dat de in zijn gemeenschappelijk standpunt opgenomen wijzigingen

geheel in overeenstemming zijn met de doelstellingen van het verordeningsvoorstel en

voorzien in een zo spoedig mogelijke volledige uitvoering van de verordening.

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie

13 jun
'01
COM(2001)319 - Wijziging van Verordening 577/98 betreffende de organisatie van een steekproefenquête naar de arbeidskrachten in de EG


30 okt
'97
COM(1997)376 - Organisatie van een steekproefenquête naar de arbeidskrachten in de EG


Organisatie van een steekproefenquête naar de arbeidskrachten in de EG


 
publicatiedatum 16-04-2002
kenmerk 6241/1/02 REV 1 ADD 1

Inhoud