Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij en het mededelen van veiligheidsinformatie door de lidstaten - Resultaat van de eerste lezing van het Europees Parlement (Straatsburg, 14-17 november 2005) - Montesquieu Instituut

Montesquieu Instituut van wetenschap naar samenleving

Inhoud

enveloppe

Delen

1.

Tekst

 

RAAD VANBrussel, 22 november 2005 (24.11)

(OR. en)

DE EUROPESE UNIE

14229/05

Interinstitutioneel dossier:

2005/0008 (COD)

CODEC 1000 AVIATION 166

NOTA

van:

het secretariaat-generaal

aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers/de Raad

Betreft: Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij en het mededelen van veiligheidsinformatie door de lidstaten

  • Resultaat van de eerste lezing van het Europees Parlement (Straatsburg, 14-17 november 2005)

I. INLEIDING

II. DEBAT

Het debat werd geopend door Commissielid Barrot, die het door de rapporteur, mevrouw De Veyrac

(PPE-DE, F), opgestelde verslag met instemming begroette en meedeelde dat de Commissie alle

ingediende amendementen kon aanvaarden.

De rapporteur presenteerde vervolgens haar verslag namens de Commissie regionaal beleid, vervoer

en toerisme en bedankte de Raad en de Commissie voor hun medewerking, die het mogelijk zal

maken dit belangrijke voorstel in eerste lezing aan te nemen.

Zij werd daarin bijgetreden door alle vertegenwoordigers van de aan het debat deelnemende

fracties, alsook door de minister, de heer Derek Twigg, staatssecretaris bevoegd voor verkeer.

III. STEMMING

De aangenomen amendementen stemmen overeen met hetgeen de drie instellingen waren overeen-

gekomen en zouden dus voor de Raad aanvaardbaar moeten zijn. Derhalve zou de Raad na

bijwerking door de juristen-vertalers het aldus gewijzigde wetgevingsbesluit moeten kunnen

aannemen.

BIJLAGE

Informatie over identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij ***I

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij en het mededelen van veiligheidsinformatie door de lidstaten (COM(2005)0048 C6-0046/2005 2005/0008(COD))

(Medebeslissingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad

(COM(2005)0048)1,

gelet op artikel 251, lid 2 en artikel 80, lid 2 van het EG-Verdrag, op grond waarvan het voorstel

door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C6-0046/2005),

gelet op artikel 51 van zijn Reglement,

gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme (A6-0310/2005),

  • 1. 
    hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;
  • 2. 
    verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende

wijzigingen in dit voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

  • 3. 
    verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de

Commissie.

Door de Commissie voorgestelde tekst Amendementen van het Parlement

Amendement 55

Titel verordening

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaart- maatschappij en het mededelen van veiligheidsinformatie door de lidstaten Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de vaststelling van een communautaire lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod binnen de Gemeenschap is opgelegd en het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij, en tot intrekking van artikel 9 van Richtlijn 2004/36/EG

Amendement 56

Overweging 1

(1) Communautaire maatregelen op het gebied van het luchtvervoer moeten onder andere tot doel hebben de passagiers een hoog niveau van bescherming tegen veiligheidsrisico's te bieden. Bovendien moet ten volle rekening worden gehouden met de vereisten van consumentenbescherming in het algemeen. (1) Communautaire maatregelen op het gebied van het luchtvervoer moeten bij voorrang tot doel hebben de passagiers een hoog niveau van bescherming tegen veiligheidsrisico's te bieden. Bovendien moet ten volle rekening worden gehouden met de vereisten van consumentenbescherming in het algemeen.

Amendement 57

Overweging 1 bis (nieuw)

(1 bis) Een communautaire lijst van

luchtvaartmaatschappijen die niet aan de geldende veiligheidseisen voldoen moet omwille van een maximale transparantie ter kennis van de luchtreizigers worden gebracht. De communautaire lijst moet berusten op gemeenschappelijke criteria die op communautair niveau vastgesteld zijn.

Amendement 59

Overweging 1 quater (nieuw)

(1 quater) Luchtvaartmaatschappijen die in een of meer lidstaten geen verkeersrechten genieten, mogen niettemin naar en vanuit de Gemeenschap vliegen wanneer hun vliegtuigen met of zonder bemanning gehuurd zijn van maatschappijen welke die rechten wel genieten. Het is zaak ervoor te zorgen dat een exploitatieverbod als vermeld op de communautaire lijst eveneens voor dergelijke luchtvaartmaatschappijen geldt, omdat deze anders binnen de Gemeenschap zouden kunnen opereren zonder aan de geldende veiligheidseisen te voldoen.

Amendement 60

Overweging 1 quinquies (nieuw)

(1 quinquies) Een luchtvaart-

maatschappij die een exploitatieverbod opgelegd heeft gekregen kan toestemming krijgen verkeersrechten te gebruiken door te vliegen met een "wet leased" vliegtuig van een andere maatschappij waarvoor geen exploitatieverbod geldt, mits aan de geldende veiligheidseisen voldaan is.

Amendement 61

Overweging 1 sexies (nieuw)

(1 sexies) De procedure voor het bijwerken van de communautaire lijst moet een vlotte besluitvorming mogelijk maken, zodat de luchtreizigers over juiste en recente informatie beschikken en luchtvaart- maatschappijen die veiligheidstekort- komingen ongedaan hebben gemaakt, zo spoedig mogelijk van de lijst worden afgevoerd. Tevens moeten de procedures het recht van verweer van de maatschappijen onverlet laten en mogen ze geen inbreuk maken op de internationale overeenkomsten waarbij de lidstaten of de Gemeenschap als zodanig partij zijn, met name het Verdrag van Chicago inzake de internationale burgerluchtvaart van 1944. Deze vereisten gelden met name voor de procedurele uitvoeringsvoorschriften die de Commissie zal vaststellen.

Amendement 62

Overweging 1 septies (nieuw)

(1 septies) Wanneer een luchtvaartmaatschappij een exploitatieverbod opgelegd heeft gekregen, kunnen stappen worden genomen om de maatschappij te helpen de tekortkomingen die aan het verbod ten grondslag liggen ongedaan te maken.

Amendement 63

Overweging 1 octies (nieuw)

(1 octies) De lidstaten moeten de mogelijkheid krijgen om in uitzonderings- gevallen eenzijdig maatregelen te nemen. In spoedeisende gevallen en wanneer zich een onvoorzien veiligheidsprobleem voordoet, moeten de lidstaat de mogelijkheid hebben om met onmiddellijke ingang een exploitatie- verbod voor hun eigen grondgebied op te leggen. Ook in het geval dat de Commissie heeft besloten een maatschappij niet op de communautaire lijst te plaatsen, moeten de lidstaten de mogelijkheid hebben om wegens een veiligheidsprobleem dat zich in de andere lidstaten niet voordoet, een exploitatieverbod op te leggen of te handhaven. De lidstaten moeten met terughoudendheid van deze mogelijkheden gebruik maken, uitgaande van het communautaire belang en van het streven naar een gemeenschappelijke aanpak op het gebied van de veiligheid in de luchtvaart. Hierbij mag geen inbreuk worden gemaakt op artikel 8 van Verordening (EEG)

nr. 3922/91 van de Raad inzake de harmonisatie van technische voorschriften en administratieve procedures op het gebied van de burgerluchtvaart

Amendement 64

Overweging 1 nonies (nieuw)

(1 nonies) Informatie over de veiligheid van luchtvaartmaatschappijen moet op doel- treffende wijze openbaar worden gemaakt, bijvoorbeeld via internet.

Amendement 65

Overweging 2

(2) Wil men bereiken dat het concurrentiekader in de luchtvaartsector voor luchtvervoersondernemingen en passagiers de grootst mogelijke voordelen oplevert, dan is het belangrijk dat de consument voldoende informatie krijgt om met kennis van zaken een keuze te maken. (2) Wil men bereiken dat het concurrentie- kader in de luchtvaartsector voor lucht- vervoersondernemingen en passagiers de grootst mogelijke voordelen oplevert, dan is het belangrijk dat de consument alle nodige informatie krijgt om met kennis van zaken een keuze te maken.

Amendement 66

Overweging 3

(3) De identiteit van de luchtvaartmaatschappij die de dienst de facto verstrekt is fundamentele informatie. In de praktijk worden consumenten die een vlucht boeken niet altijd ingelicht over de identiteit van de maatschappij die de vlucht feitelijk verzorgt. (3) De identiteit van de luchtvaart- maatschappij(en) die de dienst de facto verstrekt/verstrekken is essentiële informatie.

In de praktijk worden consumenten die een vervoerscontract sluiten, dat zowel een heen- als een retourvlucht kan omvatten, niet altijd ingelicht over de identiteit van de maatschappij(en) die de betrokken vlucht(en) feitelijk verzorgt/verzorgen.

Amendement 67

Amendement 68

Overweging 6

(6) Deze praktijken vergroten de flexibiliteit en maken een betere dienstverlening aan de passagiers mogelijk (soms zijn wijzigingen op het laatste ogenblik immers onvermijdelijk en noodzakelijk om de veiligheid van het luchtvervoer te garanderen). Tegenover deze flexibiliteit moet echter wel transparantie voor de consumenten staan. (6) Deze praktijken vergroten de flexibiliteit en maken een betere dienstverlening aan de passagiers mogelijk. Bovendien zijn wijzigingen op het laatste ogenblik, met name om technische redenen, onvermijdelijk en noodzakelijk om de veiligheid van het luchtvervoer te garanderen. Tegenover deze flexibiliteit moet echter wel staan dat geverifieerd wordt of de maatschappijen die de vluchten feitelijk uitvoeren voldoen aan de veiligheids- voorschriften, alsmede transparantie voor de consumenten opdat hun recht op een gefundeerde keuze gegarandeerd is. Gestreefd moet worden naar een goed evenwicht tussen commerciële levensvatbaarheid van luchtvaart- maatschappijen en de toegang voor passagiers tot informatie.

Amendement 69

Overweging 6 bis (nieuw)

(6 bis) De luchtvaartmaatschappijen

moeten jegens de luchtreizigers een beleid van transparantie op het gebied van veiligheid voeren. Openbaarmaking van dat soort informatie moet een bijdrage leveren tot het inzicht van de reizigers in de betrouwbaarheid van de maatschappijen op veiligheidsgebied.

Amendement 70

Overweging 6 ter (nieuw)

Amendement 71

Overweging 6 quater (nieuw)

(6 quater) Afgezien van situaties als bedoeld in Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan lucht- reizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van Verordening (EEG)

nr. 295/91

1 hebben de betrokken reizigers

recht op terugbetaling of een andere vlucht in bepaalde andere gevallen die onder deze verordening vallen, indien er sprake is van een voldoende nauwe relatie tot de Gemeenschap. ____________

1 PB L 46 van 17.02.2004, blz. 1.

Amendement 72

Overweging 6 quinquies (nieuw)

(6 quinquies) Naast de bepalingen van

deze verordening moeten de consequenties van veranderingen in de identiteit van de luchtvaartmaatschappij die het vervoers- contract uitvoert, geregeld worden door het nationale contractenrecht en de toepasselijke communautaire regelgeving, met name Richtlijn 90/314/EEG van de Raad van 13 juni 1990 betreffende pakketreizen, met inbegrip van vakantiepakketten en rondreis- pakketten

landen, kan zijn rol in het kader van deze verordening versterken. Bijzondere aandacht moet worden geschonken aan verdere verbetering van de kwaliteit en aan intensi- vering van de inspecties van vliegtuigen en aan harmonisatie van de inspecties.

Amendement 74

Overweging 6 septies (nieuw)

(6 septies) In geval van een veiligheidsrisico dat niet door de betrokken lidstaat/lidstaten is opgelost, moet de Commissie de mogelijkheid hebben om voorlopige spoedmaatregelen te nemen. In dat geval moet het comité dat de Commissie bij haar werkzaamheden uit hoofde van deze verordening bijstaat, te werk gaan volgens de procedure van artikel 3 van Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voor- waarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoerings- bevoegdheden

1.

____________

1 PB L 184 van 17.07.1999, blz. 23.

Amendement 75

Overweging 6 octies (nieuw)

(6 octies) In alle overige gevallen gaat het comité dat de Commissie bij haar werkzaam- heden uit hoofde van deze verordening bijstaat, te werk volgens de regelgevings- procedure van artikel 5 van Besluit 1999/468/EG van de Raad.

Amendement 77

Overweging 6 decies (nieuw)

(6 decies) De lidstaten moeten regels vaststellen inzake sancties in geval van overtreding van de bepalingen van deze verordening en erop toezien dat de sancties worden toegepast. De sancties, die van civiel- of bestuursrechtelijke aard kunnen zijn, moeten doeltreffend en evenredig zijn en een afschrikkende werking hebben.

Amendement 78

Overweging 7

(7) Om het algemene veiligheidsniveau van het luchtvervoer in de Gemeenschap te verhogen, is het van essentieel belang dat de lidstaten de mededeling van informatie over de veiligheid van luchtvervoersexploitanten verbeteren. Schrappen

Amendement 79

Overweging 8 bis (nieuw)

(8 bis) Elke bevoegde burgerluchtvaart-

autoriteit in de Gemeenschap kan besluiten dat een luchtvaartmaatschappij, ook als die niet opereert op het grondgebied van de lid- staten waarop het Verdrag van toepassing is, een verzoek tot die autoriteit mag richten om de betrokken maatschappij aan systematische inspectie te onderwerpen om na te gaan of zij aan de geldende veiligheidsnormen voldoet.

Amendement 81

Overweging 8 quater (nieuw)

(8 quater) Het Koninkrijk Spanje en het

Verenigd Koninkrijk hebben op 2 december 1987 in Londen afspraken over nauwere samenwerking betreffende het gebruik van de luchthaven van Gibraltar neergelegd in een gezamenlijke verklaring van de ministers van Buitenlandse Zaken van de beide landen. Deze afspraken zijn nog steeds niet ten uitvoer gelegd.

Amendement 82

Titel Hoofdstuk I (nieuw)

HOOFDSTUK I

Algemene bepalingen

Amendement 83

Artikel 1

Met deze verordening worden regels vastgesteld om te verzekeren dat luchtreizigers worden ingelicht over de identiteit van de luchtvaartmaatschappij die de vluchten exploiteert waarop zij vliegen en worden de lidstaten verplicht om veiligheidsinformatie uit te wisselenMet deze verordening worden regels vastgesteld

inzake:

.

  • a) 
    de opstelling en openbaarmaking van een communautaire lijst op basis van gemeen- schappelijke criteria van luchtvaart- maatschappijen die om veiligheidsredenen een exploitatieverbod in de Gemeenschap opgelegd hebben gekregen, en

uitvoer zijn gelegd. De regeringen van de beide landen stellen in de Raad in kennis van de tenuitvoerlegging van de afspraken.

Amendement 84

Artikel 2, letter (a)

(a) "luchtvaartmaatschappij": een luchtvervoersonderneming met een geldige exploitatievergunning; (a) "luchtvaartmaatschappij": een luchtvervoersonderneming met een geldige exploitatievergunning of een gelijkwaardig document;

Amendement 85

Artikel 2, letter (b)

(b) "vervoerscontract": een contract voor of met inbegrip van luchtvervoersdiensten; (b) "vervoerscontract": een contract voor of met inbegrip van luchtvervoersdiensten, waaronder begrepen vervoer middels twee of meer vluchten die door dezelfde of verschillende luchtvaartmaatschappijen worden verzorgd;

Amendement 86

Artikel 2, letter (c)

(c) "contractsluitende luchtvaart- maatschappij"(c) "luchtvervoerscontractant": de luchtvaartmaatschappij die een vervoers- contract met de passagier sluit; indien het contract een pakket omvat, is de lucht-

vervoerscontractant

  • de luchtvaartmaatschappij die

een vervoerscontract met de passagier sluit; indien het contract een pakket omvat, is de contractsluitende maatschappij de touroperator;

de touroperator; elke

ticketverkoper wordt ook als een lucht- vervoerscontractant beschouwd;

-

vervoersdiensten naar de luchthavens van die lidstaat te exploiteren dan wel in het lucht- ruim van die lidstaat te opereren of verkeers- rechten te gebruiken;

Amendement 89

Artikel 2, letter (d ter) (nieuw)

(d ter) "exploitatieverbod": afwijzing, opschorting, intrekking of inperking van de exploitatievergunning of technische toestemming van een luchtvaartmaatschappij om veiligheidsredenen dan wel gelijkwaardige veiligheidsmaatregelen jegens een luchtvaartmaatschappij die geen verkeersrechten naar de Gemeenschap geniet maar waarvan de vliegtuigen anders via een leaseovereenkomst in de Gemeenschap geëxploiteerd zouden kunnen worden;

Amendement 90

Artikel 2, letter (f)

(f) "reservatie": het feit dat de passagier over een ticket of ander bewijsmiddel beschikt waaruit blijkt dat zijn reservatie is aanvaard en geregistreerd door de luchtvaartmaatschappij of de reisorganisatie. (f) "reservatie": het feit dat de passagier over een ticket of ander bewijsmiddel beschikt waaruit blijkt dat zijn reservatie is aanvaard en geregistreerd door de luchtvervoers- contractant;

Amendement 91

Artikel 2, letter (f bis) (nieuw)

(f bis) "geldende veiligheidsnormen": de internationale veiligheidsnormen neergelegd in het Verdrag van Chicago en de bijlagen daarbij alsmede, voorzover van toepassing, die in de desbetreffende communautaire wetgeving.

Amendement 93

Artikel 2 bis (nieuw)

Artikel 2 bis

Vaststelling van de communautaire lijst

  • 1. 
    Ter verhoging van de veiligheid in de luchtvaart wordt er een lijst vastgesteld van luchtvaartmaatschappijen die een exploitatie- verbod opgelegd hebben gekregen. Deze lijst wordt in deze verordening "communautaire lijst" genoemd. Elke lidstaat past op zijn grondgebied de exploitatieverboden toe die door middel van de lijst aan luchtvaart- maatschappijen opgelegd zijn.
  • 2. 
    De gemeenschappelijke criteria voor het opleggen van een exploitatieverbod aan een luchtvaartmaatschappij staan vermeld in de bijlage bij deze verordening. Deze criteria, waaraan de geldende veiligheidsnormen ten grondslag liggen, worden in deze verordening "gemeenschappelijke criteria" genoemd. De Commissie kan de bijlage wijzigen, met name op grond van wetenschappelijke en technische ontwikkelingen, overeenkomstig de procedure als bedoeld in artikel 6 bis, lid 3.
  • 3. 
    Elke lidstaat deelt de Commissie uiterlijk één maand na de inwerkingtreding van de verordening mede voor welke luchtvaart- maatschappijen een exploitatieverbod op het nationale grondgebied geldt, en geeft daarbij de redenen aan waarom het verbod is opgelegd en andere relevante informatie. De Commissie stelt de overige lidstaten in kennis van de nationale exploitatieverboden.

Amendement 94

Artikel 2 ter (nieuw)

Artikel 2 ter

Bijwerking van de communautaire lijst

  • 1. 
    De communautaire lijst wordt bijgewerkt wanneer

(a) er aan een luchtvaartmaatschappij op grond van de gemeenschappelijke criteria een exploitatieverbod wordt opgelegd en de maatschappij op de lijst wordt geplaatst;

(b) er een luchtvaartmaatschappij van de lijst wordt afgevoerd omdat zij de veilig- heidstekortkoming(en) die tot opneming op de lijst aanleiding gaven ongedaan heeft gemaakt en er op grond van de gemeen- schappelijke criteria geen andere reden is om de maatschappij op de lijst te handhaven;

(c) de voorwaarden van het exploitatieverbod voor een luchtvaartmaatschappij die op de communautaire lijst staat gewijzigd worden.

  • 2. 
    De Commissie past de communautaire lijst eigener beweging of op verzoek van een lidstaat aan zodra zulks op grond van lid 1 vereist is, volgens de procedure van artikel 6 bis, lid 3 en aan de hand van de gemeenschappelijke criteria. De Commissie gaat ten minste eens in de drie maanden na of de communautaire lijst aanpassing behoeft.

Amendement 95

Artikel 2 quater (nieuw)

Artikel 2 quater

Tijdelijke maatregelen voor het bijwerken

van de communautaire lijst

  • 1. 
    Wanneer het duidelijk is dat een luchtvaartmaatschappij in de Gemeenschap een ernstig veiligheidsrisico oplevert en dat noodmaatregelen van de betrokken lidstaat/ lidstaten overeenkomstig artikel 2 quinquies, lid 1 geen bevredigende oplossing voor het risico hebben geboden, kan de Commissie tijdelijk de in artikel 2 ter, lid 1, onder (a) of (c) bedoelde maatregelen nemen overeenkomstig de procedure van artikel 6 bis, lid 2.
  • 2. 
    Zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 10 werkdagen legt de Commissie de zaak aan het comité bedoeld in artikel 6 bis, lid 1 voor en besluit zij de in het boven- staande lid bedoelde maatregel te bekrach- tigen, wijzigen, intrekken of uitbreiden, waarbij zij te werk gaat overeenkomstig de procedure van artikel 6 bis, lid 3.

Amendement 96

Artikel 2 quinquies (nieuw)

Artikel 2 quinquies

  • 3. 
    In gevallen als bedoeld in lid 1 en 2 stelt de betrokken lidstaat de Commissie onverwijld van zijn besluit in kennis. De Commissie geeft deze informatie door aan de overige lidstaten. In gevallen als bedoeld in lid 1 verzoekt de betrokken lidstaat de Commissie onverwijld de communautaire lijst aan te passen overeenkomstig artikel 2 ter, lid 2.

Amendement 97

Artikel 2 sexies (nieuw)

Artikel 2 sexies

Recht van verweer

De Commissie zorgt ervoor dat bij besluiten als bedoeld in artikel 2 bis, lid 4, artikel 2 ter, lid 2 en artikel 2 quater de betrokken luchtvaartmaatschappij de gelegenheid krijgt gehoord te worden, rekening houdend met het spoedeisend karakter van sommige situaties.

Amendement 98

Artikel 2 septies (nieuw)

Artikel 2 septies

Uitvoeringsmaatregelen

De Commissie stelt overeenkomstig de procedure van artikel 6 bis, lid 3 uitvoeringsmaatregelen vast om gedetailleerde voorschriften met betrekking tot de in dit hoofdstuk vermelde procedures te geven.

Amendement 99

Artikel 2 octies (nieuw)

Artikel 2 octies

Openbaarmaking

  • 1. 
    De communautaire lijst en elke wijziging daarvan worden onmiddellijk in het Publicatieblad van de Europese Unie gepubliceerd.
  • 2. 
    De Commissie en de lidstaten nemen de nodige maatregelen om de toegang van het publiek tot de meest recente versie van de communautaire lijst te vergemakkelijken, met name door gebruik te maken van internet.
  • 3. 
    De contractanten van het luchtvervoer, nationale luchtvaartinspecties, het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart en de luchthavens op het grondgebied van de lidstaten brengen de communautaire lijst onder de aandacht van de reizigers, zowel via hun websites als, voorzover zinvol, in hun gebouwen.

Amendement 100

Titel - Hoofdstuk III (nieuw)

Hoofdstuk III

Informatie aan de reizigers

(b) de vlucht vertrekt vanaf een luchthaven in een derde land met als bestemming een luchthaven op het grondgebied van een lidstaat waar het Verdrag van kracht is of

(c) de vlucht vertrekt vanaf een luchthaven in een derde land met als bestemming eenzelfde luchthaven.

Amendement 102

Artikel 3, lid 2

  • 2. 
    De verordening is van toepassing ongeacht het een geregelde of ongeregelde vlucht betreft, en ongeacht de vlucht deel uitmaakt van een pakket of niet. 2. De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing ongeacht of het een geregelde of ongeregelde vlucht betreft, en ongeacht of de vlucht deel uitmaakt van een pakket of niet.

Amendement 103

Artikel 3, lid 3

.

Amendement 104

Artikel 4

Amendement 105

Artikel 5, lid 1

  • 1. 
    Bij de reservatie licht de contract- sluitende luchtvaartmaatschappij de passagiers die een vervoerscontract met haar sluiten in over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij(en). 1. Bij de reservatie licht de luchtvervoers- contractant de passagiers die een vervoers- contract met hem sluiten in over de identiteit van de exploiterende luchtvaart- maatschappij(en), ongeacht de vorm van de reservering.

Amendement 106

Artikel 5, lid 1 bis (nieuw)

1 bis. Indien de exacte identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij(en)

op het moment van de reservatie nog niet bekend is, zorgt de luchtvervoers- contractant ervoor dat de reiziger in kennis wordt gesteld van de naam van de maatschappij(en) die waarschijnlijk als exploiterende luchtvaartmaatschappij voor de betrokken vlucht(en) zal/zullen optreden. In dat geval zorgt de lucht- vervoerscontractant ervoor dat de reiziger wordt ingelicht over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij(en) zodra deze bekend is.

Amendement 107

Artikel 5, lid 2

  • 2. 
    Na de reservatie stelt de contract- sluitende luchtvaartmaatschappij de passagiers onmiddellijk op de hoogte van enige verandering ongeacht de reden voor deze verandering - in de identiteit van de exploiterende luchtvaart- maatschappij(en). 2. Wanneer zich na de reservatie een verandering voordoet in de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij(en) ongeacht de reden voor deze verandering neemt de luchtvervoerscontractant alle nodige maatregelen om de reizigers zo spoedig mogelijk van de verandering in kennis te stellen. De reizigers moeten hoe dan ook worden ingelicht bij de check-in, of bij het instappen als er bij overstappen op een aansluitende vlucht geen check-in meer plaatsvindt.

Amendement 108

Artikel 5, lid 2 bis (nieuw)

2 bis. De luchtvaartmaatschappij of de touroperator zorgt ervoor dat de betrokken luchtvervoerscontractant ingelicht wordt over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij(en) zodra dit bekend is, met name indien zich in de identiteit een verandering voordoet. Indien een ticketverkoper niet is ingelicht over de identiteit van de exploiterende luchtvaart- maatschappij, kan hij niet aansprakelijk worden geacht voor niet-naleving van de verplichtingen van dit artikel.

Amendement 109

Artikel 5, lid 2 ter (nieuw)

2 ter. De verplichting van de luchtvervoers- contractant om de reiziger in te lichten over de identiteit van de exploiterende maatschappij wordt vermeld in de algemene verkoopvoorwaarden die voor het vervoerscontract gelden.

Amendement 110

Artikel 5 bis (nieuw)

Artikel 5 bis

Recht op terugbetaling of een andere vlucht

exploitatieverbod opgelegd heeft gekregen waardoor de betrokken vlucht geannuleerd is of geannuleerd zou zijn indien de vlucht in de Gemeenschap zou hebben plaatsgevonden,

geeft de luchtvervoerscontractant die contracterende partij bij het vervoers- contract is de reiziger het recht op terugbetaling of een andere vlucht overeenkomstig artikel 8 van Verordening (EG) nr. 261/2004, mits de reiziger, ingeval de vlucht niet is geannuleerd, besloten heeft van de vlucht af te zien.

Amendement 111

Artikel 5 ter (nieuw)

Artikel 5 ter

Sancties

De lidstaten zien toe op de naleving van de bepalingen van dit hoofdstuk en voorzien in sancties voor overtreding. De sancties moeten doeltreffend en evenredig zijn en een afschrikkende werking hebben.

Amendement 112

Titel - Hoofdstuk IV (nieuw)

HOOFDSTUK IV

Amendement 114

Artikel 6 bis (nieuw)

Artikel 6 bis

Comité

  • 1. 
    De Commissie wordt bijgestaan door het in artikel 12 van Verordening (EEG)

nr. 3922/91 bedoelde comité.

  • 2. 
    Wanneer er naar onderhavig lid wordt verwezen, zijn de artikelen 3 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, gelet op de bepalingen van artikel 8 daarvan.
  • 3. 
    Wanneer er naar onderhavig lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, gelet op de bepalingen van artikel 8 daarvan. De termijn bedoeld in artikel 5, lid 6 van Besluit 1999/468/EG wordt op drie maanden gesteld.
  • 4. 
    Daarnaast kan de Commissie het comité voor elke andere vraag in verband met de toepassing van deze verordening raadplegen.
  • 5. 
    Het comité stelt zijn reglement van orde vast.

Amendement 115

Artikel 6 ter (nieuw)

** zes maanden na de inwerkingtreding van

de verordening

*** een jaar na de inwerkingtreding van de

verordening

Amendement 117

Bijlage (nieuw)

BIJLAGE

GEMEENSCHAPPELIJKE CRITERIA

VOOR EEN EVENTUEEL

COMMUNAUTAIR EXPLOITATIEVERBOD

OM VEILIGHEIDSREDENEN

Bij besluiten over maatregelen op commu- nautair niveau wordt elk individueel geval op zijn merites beoordeeld. Afhankelijk van de beoordeling van elk geval kan/kunnen een of alle in eenzelfde staat geregistreerde luchtvaartmaatschappij(en) voor commu- nautair maatregelen in aanmerking komen.

Om vast te stellen of een luchtvaart- maatschappij een volledig of gedeeltelijk verbod opgelegd moet krijgen, wordt nagegaan of zij aan de geldende veiligheidsnormen voldoet, waarbij de volgende factoren meespelen:

  • 1. 
    Geverifieerde aanwijzingen voor ernstige veiligheidstekortkomingen bij de luchtvaart-

maatschappij:

  • Rapporten waaruit blijkt dat er sprake is

van ernstige tekortkomingen of aanhoudend verzuim van de maatschappij om tekort- komingen aan te pakken die bij inspecties in het kader van het SAFA-programma aan het licht zijn gekomen en waarvan de maatschappij eerder op de hoogte is gesteld.

  • Gebrek aan openheid of onvoldoende

adequate en tijdige informatieverstrekking door de maatschappij naar aanleiding van een onderzoek door de luchtvaartinspectie van een lidstaat naar de veiligheid van de exploitatie.

  • Ondeugdelijk of ontoereikend actieplan

naar aanleiding van geconstateerde ernstige veiligheidstekortkomingen.

  • 3. 
    Gebrek aan vermogen en/of bereidheid bij het lichaam dat toezicht houdt op de luchtvaartmaatschappij om veiligheids- tekortkomingen aan te pakken, hetgeen blijkt

uit:

  • Luchtvaartautoriteiten die geen

medewerking verlenen aan de burgerluchtvaartautoriteit van een lidstaat wanneer bezorgdheid over de veiligheid van de exploitatie van een in het betrokken land geregistreerde maatschappij is gerezen.

  • Toezichthoudende lichamen die er niet in

slagen de geldende veiligheidsnormen te doen naleven. Daarbij moet vooral worden gelet op:

(a) audits en daarmee verbandhoudende

-

actieplannen opgesteld in het kader van het Universal Oversight Audit Programme van de ICAO of krachtens de desbetreffende communautaire wetgeving;

(b) de vraag of de exploitatievergunning of

-

technische toestemming van een maatschappij, verleend door de desbetreffende staat, eerder door een andere staat is afgewezen of ingetrokken;

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie

16 feb
'05
COM(2005)48 - Informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij en het mededelen van veiligheidsinformatie door de lidstaten


14 jan
'02
COM(2002)8 - Veiligheid van luchtvaartuigen uit derde landen die gebruik maken van luchthavens in de gemeenschap


21 dec
'01
COM(2001)784 - Gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten


19 dec
'00
COM(2000)847 - Melding van voorvallen in de burgerluchtvaart


28 sep
'00
COM(2000)595 - Gemeenschappelijke regels op het gebied van de burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de Veiligheid van de Luchtvaart


24 jun
'98
COM(1998)380 - Voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden


27 sep
'90
COM(1990)442 - Harmonisatie van voor burgerluchtvaartuigen geldende technische voorschriften en procedures


3 sep
'90
COM(1990)322 - Oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten


24 apr
'90
COM(1990)99 - Gemeenschappelijke regels voor een vergoedingsregeling bij embarkatieweigering in het geregeld luchtvervoer


14 okt
'88
COM(1988)447 - Gedragsregels voor geautomatiseerde boekingssystemen


 
 
publicatiedatum 22-11-2005
kenmerk 14229/05

Inhoud