Aanpassing Verdrag van Lissabon vanwege noodfonds euro - Montesquieu Instituut

Montesquieu Instituut van wetenschap naar samenleving

Verdragen

Bron: European Commission

De Europese regeringsleiders hebben op 16 december 2010 besloten het Verdrag van Lissabon te wijzigen. Hoewel dit Verdrag pas één jaar in werking is zijn deze aanpassingen nodig om het in 2010 opgerichte tijdelijke noodfonds voor de stabiliteit van de euro (EFSF) permanent te kunnen maken. Een permanent noodfonds was nodig om landen, en met name landen die de euro als munt hebben, financieel te ondersteunen.

De bedoeling was dat het European Stability Mechanism (ESM) 1 juli 2012 in werking zou treden. Snelle besluitvorming werd als noodzakelijk gezien omdat de druk van de financiële markten op de Europese landen groot was. Het voorstel voor de verdragswijziging werd dan ook zo opgesteld zodat er geen langdurige en zware besluitvormingsprocedure nodig was. Op 8 oktober 2012 trad het ESM-verdrag in werking, nadat het door twaalf van de zeventien eurolanden was goedgekeurd. Op 7 december 2012 ratificeerde het laatste land het ESM-verdrag.

Inhoud

enveloppe

Delen

1.

De voorgestelde verdragswijziging

De huidige regeling van het tijdelijke noodfonds geeft vooral in Duitsland juridische problemen. Want voor een permanent noodfonds, dat directe wederzijdse financiële ondersteuning inhoudt, bestaat in het verdrag geen juridische basis.

In het verdrag staat nu alleen dat de landen die de euro hebben kunnen besluiten hun economisch beleid en de begrotingsdiscipline nog beter op elkaar af te stemmen en in de gaten te houden.

Daarom wil men aan artikel 136 van het Verdrag betreffende de werking voor de Europese Unie de volgende twee zinnen toevoegen: "De lidstaten die de euro als munt hebben, stellen een stabiliteitsmechanisme in dat moet worden geactiveerd indien dat onontbeerlijk is om de stabiliteit van de eurozone in haar geheel te waarborgen. De verlening van financiële steun, indien vereist, uit hoofde van het mechanisme zal aan stringente voorwaarden gebonden zijn"

Door het op deze manier te formuleren krijgt de Europese Unie geen nieuwe bevoegdheden. De lidstaten mogen zelf de voorwaarden bepalen waaronder hulp gegeven wordt. En de lidstaten zelf bepalen wanneer steun 'onontbeerlijk' is. Daarom kan volstaan worden met een vereenvoudigde herzieningsprocedure van de verdragen.

In het ESM-verdrag staan de voorwaarden waaronder landen financiële steun kunnen ontvangen, wie wat bijdraagt aan het noodfonds, en is de besluitvorming over het verlenen van noodsteun vastgelegd.

Lopende de ratificatie van het permanente noodfonds hebben de regeringsleiders tussentijds politiek akkoord bereikt over aanpassingen van het fonds. De stemregels voor het ESM werden gewijzigd; voor bijzondere noodgevallen geldt voortaan een gekwalificeerde meerderheid van 85 procent. Zo moet worden voorkomen dat één klein land de besluitvorming kan vertragen. Eerder was afgesproken dat alle besluiten genomen zouden worden op basis van unanimiteit. Ook werden afspraken gemaakt over het tijdelijke noodfonds die later ook op het permanente noodfonds van toepassing zouden worden. Dit betrof de manier waarop de middelen uit het fonds worden aangewend en de wijze waarop de afspraken worden uitgevoerd.

Al is het noodfonds vooral een zaak van de lidstaten, de Europese Commissie is wel betrokken bij het uitwerken van hoe het noodfonds er uit komt te zien. In grote lijnen komt het overeen met het bestaande tijdelijke noodfonds.

Het fonds zou voor 500 miljard euro aan leningen moeten kunnen verstrekken. Het fonds bestaat voornamelijk uit garanties van lidstaten die het geld aan het fonds lenen wanneer er een beroep op wordt gedaan door één van de lidstaten.

2.

Totstandkoming Europese verdragswijziging en het ESM-verdrag

De Europese Raad wilde dat het permanente noodfonds er zo snel mogelijk kwam. Daarom kwam er een formulering waarmee de Europese verdragen met een versimpelde en snellere procedure gewijzigd konden worden, in plaats van de normale, zware procedure. Zo wilden de regeringsleiders vermijden dat er referenda gehouden hoefden te worden in de lidstaten, met alle risico's dat de voorgestelde wijziging zou worden weggestemd.

De Europese Commissie presenteerde in februari 2011 de Verdragswijziging. Het Europees Parlement keurde het voorstel eind maart 2011 goed, met de kanttekening dat het noodfonds een EU-instrument zou moeten zijn in plaats van een zaak van de lidstaten onderling. De laatste stap was dat de lidstaten het wijzigingsverdrag officieel moesten ratificeren.

Aanvankelijk zou het ESM het EFSF medio 2013 vervangen, maar op de Europese top van 8 en 9 december 2011 besloten de regeringsleiders dat het ESM al vanaf juli 2012 van kracht zou zijn, mits het door genoeg landen (twaalf van de zeventien eurolanden) zou zijn goedgekeurd. Het verdrag is dan alleen van toepassing op die landen die het verdrag hebben geratificeerd. Er werd geen bezwaar gemaakt tegen het feit dat het permanente ESM dan gedurende enkele maanden naast het tijdelijke EFSF actief zou zijn.

Op 12 september 2012 heeft het Duitse Constitutionele Hof geoordeeld dat het ESM niet in strijd is met de Duitse grondwet. Het Hof oordeelde dat het ESM grondwettelijk toegestaan is, maar er werden wel eisen gesteld aan de Duitse deelname aan het ESM. Zo werd afgesproken dat de aansprakelijkheid van Duitsland niet boven de 190 miljard euro mag komen zonder voorafgaande instemming van de Bondsdag.

Daarmee viel de laatste drempel voor het in werking treden van het verdrag weg. Genoeg landen hadden het ESM goedgekeurd, en het land dat het meeste zou bijdragen, Duitsland, was aan boord. Het ESM werd 8 oktober 2012 operationeel. Op 7 december 2012 ratificeerde Tsjechië als laatste land het ESM-verdrag.

3.

Het noodfonds als onderdeel van een breed pakket

Naast het oprichten van een noodfonds zijn ook verdere afspraken gemaakt over met name het toezicht op nationale begrotingen. Doel van die afspraken is het voorkomen dat landen in de problemen raken en een beroep moeten doen op steun uit het noodfonds.

Het verlenen van steun aan lidstaten die in moeilijkheden zitten is ook onderdeel van het in het op 6 december 2012 gepresenteerde masterplan voor de economische en monetaire unie. Daar is voorzien in een rol voor het ESM, zowel voor het ondersteunen van lidstaten als banken.

4.

Reactie Nederland

Inzet Tweede Kamer

De Tweede Kamer wilde dat Rutte inzette op automatische sancties, wanneer landen zich niet houden aan de afspraken van het Stabiliteits- en groeipact.

Op 2 november 2010 liet de PVV weten dat wanneer de nieuwe Verdragstekst niet aan haar eisen voldoet, zij op een referendum over het verdrag aan ging sturen. De SP wilde sowieso een referendum houden als het Verdrag van Lissabon werd aangepast. In maart 2011 werd echter duidelijk dat een meerderheid van de Kamer niets in een referendum zag.

Minister-president Rutte benadrukte in een eerste reactie op het akkoord van de regeringsleiders dat financiële hulp niet zomaar gegeven wordt. Bovendien zijn de voorwaarden voor die hulp heel streng; landen die hulp krijgen zullen stevig moeten bezuinigen.

Goedkeuring ESM-verdrag

In Nederland stemde de Tweede Kamer op 24 mei 2012 in met het verdrag. De PVV probeerde deze goedkeuring later via de rechter ongedaan te maken, wat mislukte.

5.

Laatste ontwikkelingen

Uitbreiding reikwijdte ESM

Steun aan banken : op 29 juni 2012 spraken de regeringsleiders van de eurozone af dat het noodfonds ook gebruikt mag worden voor het direct geven van financiële steun aan banken. Dit gaat in op voorwaarde dat er eerst een sterke Europese toezichthouder op financiële instellingen is opgericht. De steun aan banken zal aan strenge voorwaarden gebonden worden.

Opkopen staatsobligaties : op 29 juni 2012 stelden de regeringsleiders van de eurozone dat het noodfonds op een 'flexibele en efficiënte wijze' moet worden ingezet om de financiële stabiliteit van de lidstaten te waarborgen. Al is het niet expliciet zo gesteld, de politieke interpretatie is dat het noodfonds gebruikt mag worden om staatsobligaties van lidstaten op te kopen.

6.

Meer informatie