- -
RAAD VAN Brussel, 13 januari 2012
(OR. en)
DE EUROPESE UNIE
18810/11
Interinstitutioneel dossier:
2011/0403 (NLE) -
FISC 173 OC 105
WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN
Betreft:
UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD waarbij Zweden overeen- komstig artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG wordt gemachtigd een verlaagd belastingtarief toe te passen op de elektriciteit die wordt verbruikt door huishoudens en bedrijven in de dienstensector in bepaalde gebieden in het noorden van Zweden
GEMEENSCHAPPELIJKE RICHTSNOEREN Aanvraagtermijn overleg: 18.01.2012
UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD
van
waarbij Zweden overeenkomstig artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG
wordt gemachtigd een verlaagd belastingtarief toe te passen op de elektriciteit
die wordt verbruikt door huishoudens en bedrijven in de dienstensector
in bepaalde gebieden in het noorden van Zweden
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn 2003/96/EG van de Raad van 27 oktober 2003 tot herstructurering van de
communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en elektriciteit1, en met name
artikel 19, lid 1,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Bij Beschikking 2005/231/EG1 van de Raad werd Zweden overeenkomstig artikel 19 van
Richtlijn 2003/96/EG gemachtigd om tot 31 december 2011 een verlaagd accijnstarief toe
te passen op de elektriciteit die wordt verbruikt door huishoudens en bedrijven in de
dienstensector in bepaalde gebieden in het noorden van Zweden.
(2) Bij brief van 8 juni 2011 heeft Zweden verzocht om gedurende een periode van nog eens
zes jaar, dat wil zeggen tot 31 december 2017, een verlaagd accijnstarief te mogen blijven
toepassen op de elektriciteit die door deze begunstigden wordt verbruikt. De verlaging is
beperkt tot SEK 96 per MWh.
(3) In de betrokken gebieden liggen de verwarmingskosten gemiddeld 25% hoger dan in de
rest van het land omdat het stookseizoen er langer duurt. Door een verlaging van de
elektriciteitskosten voor huishoudens en bedrijven in de dienstensector in deze gebieden
wordt het verschil tussen de totale verwarmingskosten voor consumenten in het noorden
van Zweden en deze kosten voor consumenten in de rest van het land verkleind. De
maatregel helpt derhalve doelstellingen van regionaal en cohesiebeleid te verwezenlijken.
De maatregel laat Zweden ook toe een hoger algemeen belastingtarief voor elektriciteit toe
te passen dan anderszins mogelijk zou zijn en draagt zo indirect bij aan de verwezenlijking
van milieubeleidsdoelstellingen.
(4) De belastingverlaging mag niet groter zijn dan wat nodig is om de extra verwarmings-
(5) De verlaagde belastingtarieven zullen boven de minimumtarieven liggen die in artikel 10
van Richtlijn 2003/96/EG zijn vastgesteld.
(6) Gelet op de afgelegen ligging van de gebieden waarop de maatregel betrekking heeft, op
het feit dat de verlaging niet groter mag zijn dan de extra verwarmingskosten in het
noorden van Zweden, en op de beperking van de maatregel tot huishoudens en bedrijven in
de dienstensector wordt niet verwacht dat de maatregel grote concurrentieverstoringen of
wijzigingen in het handelsverkeer tussen de lidstaten tot gevolg zal hebben.
(7) Bijgevolg is de maatregel aanvaardbaar met het oog op de goede werking van de interne
markt en de noodzaak om eerlijke concurrentie te garanderen, en is hij verenigbaar met het
gezondheids-, milieu-, energie- en vervoersbeleid van de Europese Unie.
(8) Om de betrokken bedrijven en consumenten een voldoende mate van zekerheid te bieden,
is het passend Zweden te machtigen tot toepassing van een verlaagd belastingtarief voor
elektriciteit die wordt verbruikt in het noorden van Zweden, tot en met 31 december 2017.
(9) Er dient voor te worden gezorgd dat de machtiging op grond van Beschikking
2005/231/EG, die om soortgelijke redenen als de in onderhavig besluit vermelde redenen
werd verleend, blijft gelden en dus te worden vermeden dat die beschikking verstrijkt
voordat dit besluit in werking treedt,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
-
1.Zweden wordt gemachtigd een verlaagd belastingtarief toe te passen op de elektriciteit die
wordt verbruikt door huishoudens en bedrijven in de dienstensector in de in de bijlage
opgenomen gemeenten.
De verlaging van het normale nationale belastingtarief voor elektriciteit mag niet groter
zijn dan nodig is om de extra verwarmingskosten als gevolg van de noordelijke ligging in
vergelijking met de rest van Zweden te compenseren, en mag niet meer bedragen dan
SEK 96 per MWh.
-
2.De verlaagde tarieven moeten in overeenstemming zijn met de verplichtingen van Richtlijn
2003/96/EG en met name met de in artikel 10 daarvan vastgestelde minimumtarieven.
Artikel 2
Dit besluit wordt van kracht op de dag van de kennisgeving evan.
Het is van toepassing vanaf 1 januari 2012 tot en met 31 december 2017.
Artikel 3
Dit besluit is gericht tot het Koninkrijk Zweden.
BIJLAGE
Regio's Gemeenten
Norrbottens län Alle gemeenten
Västerbottens län Alle gemeenten
Jämtlands län Alle gemeenten
Västernorrlands län Sollefteå, Ånge, Örnsköldsvik
Gävleborgs län Ljusdal
Dalarnas län Malung, Mora, Orsa, Älvdalen
Värmlands län Torsby
| publicatiedatum | 13-01-2012 |
|---|---|
| kenmerk | 18810/11 |
