Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Mr. D.U. (Dirk) Stikker

foto Mr. D.U. (Dirk) Stikker
vergrootglas
bron: NAVO
Met dank overgenomen van Parlement.com.

Liberale naoorlogse voorman met een nuchtere, zakelijke inslag. Zoon van een Groningse herenboer. Begon als bankier en was later directeur van bierbrouwerij Heineken. Legde als organisator van de Stichting van de Arbeid tijdens de Tweede Wereldoorlog de basis voor de naoorlogse overlegeconomie. In 1946 medeoprichter van de Partij van de Vrijheid en in 1948 van de VVD. Werd in dat jaar als minister van Buitenlandse Zaken opgenomen in het kabinet-Drees I. Tijdens zijn ministerschap werd de NAVO opgericht en de aanzet gegeven voor Europese samenwerking. Hijzelf was vooral atlanticus en tegenstander van Europees federalisme. Kwam in 1951 in conflict met partijleider Oud over Nieuw-Guinea. Na zijn vertrek uit de politiek ambassadeur en daarna secretaris-generaal van de NAVO.

partijloze liberaal, PvdV, VVD
in de periode 1945-1952: lid Eerste Kamer, minister, partijvoorzitter

1.

Voornamen (roepnaam)

Dirk Uipko (Dirk)

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
Winschoten, 5 februari 1897

overlijdensplaats en -datum
Wassenaar, 23 december 1979

3.

Partij/stroming

partij(en)
  • PvdV (Partij van de Vrijheid), van 23 maart 1946 tot 24 januari 1948 (medeoprichter)
  • VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), van 24 januari 1948 tot 1954 (medeoprichter)

4.

Hoofdfuncties/beroepen (4/13)

  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 20 november 1945 tot 7 augustus 1948
  • minister van Buitenlandse Zaken, van 7 augustus 1948 tot 2 september 1952
  • hoofd Permanente Vertegenwoordiging bij de Noord-Atlantische Raad en de OEES (Organisatie voor Europese Economische Samenwerking), van 15 juni 1958 tot april 1961
  • secretaris-generaal van de NAVO (Noord-Atlantische Verdrags Organisatie), van 21 april 1961 tot 1 augustus 1964 (wegens ziekte afgetreden)

(in)formateurschap(pen)
  • informateur, van 28 januari 1951 tot 1 februari 1951

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

5.

Partijpolitieke functies (0/5)

In de uitgebreide versie is een overzicht van partijpolitieke functies opgenomen.

6.

Nevenfuncties (2/30)

  • voorzitter Noordwijkse tennisclub
  • adviseur UNCTAD

afgeleide functies, presidia etc.
lid commissie van voorbereiding voor de Grondwetsherziening inzake Nederlands-Indië en het ontwerp-Unieverdrag (Commissie van Negen) (Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal), van februari 1948 tot augustus 1948

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.

7.

Opleiding

In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.

8.

Activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich in de Eerste Kamer bezig met economische zaken, sociale zaken, financiën, buitenlandse zaken en overzeese gebiedsdelen. Voerde in 1947 het woord bij de behandeling van de ontwerp-Noodwet ouderdomsvoorziening.

als bewindspersoon (beleidsmatig) (2/11)
  • Ondertekende op 8 september 1951 in San Francisco het Vredesverdrag met Japan, ondanks de geringe bereidheid van Japan om herstelbetalingen te doen. In de Stikker-Yoshida-overeenkomst werd wel vastgelegd dat nader zou worden onderhandeld over smartengeld, hetgeen in 1955 tot (enig) resultaat leidde. Het verdrag werd in 1952 door Nederland geraticieerd. (2.377)
  • Ondertekende op 27 mei 1952 in Parijs het Verdrag over de Europees Defensie Gemeenschap (2.605)

als bewindspersoon (wetgeving) (2/5)
  • Bracht in 1949 de wet tot stand houdende goedkeuring van het Statuut van de Raad van Europa, ondertekend te Londen op 5 mei 1949 (1.247)
  • Bracht in 1952 een wet tot stand tot Goedkeuring van het Protocol bij het Noord-Atlantisch Verdrag inzake de toetreding van Griekenland en Turkije, ondertekend te Londen op 17 october 1951 (2.401)

als (in)formateur
  • Kreeg op 28 januari 1951 de opdracht te onderzoeken of er een kabinet kon worden gevormd dat kon rekenen op het vertrouwen van de Kamer. Toen hij voorstelde de PvdA slechts vier zetels toe te delen en Drees slechts viceminister-president te laten zijn, was dat voor de PvdA reden om geen verdere medewerking aan de informatie te verlenen, waarna hij zijn onderzoekingen staakte.

U ziet een selectie van activiteiten. In de uitgebreide versie is het gehele overzicht van activiteiten in te zien.

9.

Wetenswaardigheden

algemeen (3/7)
  • Kwam in mei 1950 in conflict met de VVD-fractie, nadat die de regering had verweten dat zij zich te weinig inzette om het zelfbeschikkingsrecht van minderheden in de Verenigde Staten van Indonesië zeker te stellen. Een motie van afkeuring werd echter verworpen (waarbij de VVD voorstemde).
  • Vroeg 24 januari 1951 ontslag als minister naar aanleiding van de motie-Oud over het Nieuw-Guineabeleid, omdat hij zich niet langer gesteund wist door zijn geestverwanten in de Tweede Kamer. De motie werd weliswaar verworpen, maar de VVD-fractie stemde vóór. De VVD-fractie verweet hem geen afstand te hebben genomen van een plan van minister Van Maarseveen om de soevereniteit over Nieuw-Guinea over te dragen aan de Nederlands-Indonesische Unie. Stikker was zelf overigens voorstander van overdracht van de soevereiniteit aan Indonesië om zo het voortbestaan van de Unie te waarborgen.
  • Wist in maart 1951 instemming van de VVD-fractie met vorming van een nieuw kabinet te bewerkstelligen door te dreigen met het vertrek uit zijn partij

uit de privésfeer
  • Had een zwakke gezondheid
  • Zijn onkosten als ambassadeur in Londen waren aanzienlijk groter dan de regering in Den Haag hem vergoedde. Toen daardoor zijn vermogen uitgeput raakte, heeft hij enige tijd op de beurs gespeculeerd en zo een nieuw vermogen opgebouwd.
  • Bij zijn ministersbenoeming gaf hij 70 nevenfuncties op

verkiezingen
  • Werd in 1946 en 1948 tot Eerste Kamerlid gekozen door Groep III: Noord-Holland en Friesland

U ziet een selectie van wetenswaardigheden. In de uitgebreide versie is een overzicht van wetenswaardigheden opgenomen.

10.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

11.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.