Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Wonen in de Europese Unie

Met dank overgenomen van Europa Nu.

De Europese Unie heeft geregeld dat alle burgers in de EU die in een andere EU lidstaat werken het recht hebben om hier ook permanent te wonen. Dit brengt een aantal rechten met zich mee die burgers eerder nog niet hadden als ze in een andere EU lidstaat gingen werken.

Belangrijke rechten zijn het recht op sociale zekerheid en het recht om te stemmen en verkozen te worden bij gemeenteraadsverkiezingen en Europese verkiezingen. Daarnaast kunnen burgers hun persoonlijke bezittingen meenememen zonder hier douanegelden over te hoeven betalen en is in belastingverdragen tussen EU lidstaten geregeld dat inkomen niet dubbel belast wordt.

Om uw rechten te verdedigen en beter te kennen kunt u juridisch advies aanvragen bij de Wegwijzerdienst van de EU voor burgers of desnoods een klacht indienen bij EU dienst Solvit. Meer informatie over uw rechten en de uitzonderingen die gelden vindt u hier.

1.

Verblijfsrecht

Als u in een ander EU-land werkt, hebt u het recht om permanent in dat land te wonen. In overige gevallen dient u over voldoende financiële middelen en over een ziektekostenverzekering te beschikken, zodat u geen beroep hoeft te doen op de sociale zekerheid van uw gastland. Deze voorwaarden gelden niet als u met pensioen gaat in het land waar u gewerkt hebt, of dat nu in loondienst of als zelfstandige was. Als werkloze hebt u het recht om gedurende een redelijke periode in een andere lidstaat te verblijven om er werk te zoeken, meestal drie tot zes maanden.

Ongeacht hun nationaliteit hebben ook uw familieleden het recht om met u mee te gaan naar een andere lidstaat en daar te wonen. Familieleden die geen EU-burger zijn kunnen, afhankelijk van hun nationaliteit, voor het gastland een inreisvisum nodig hebben. Het consulaat moet dit inreisvisum kosteloos en zonder buitensporige formaliteiten afgeven.

Welke formaliteiten u moet vervullen, hangt af van de periode die u in de andere lidstaat wilt doorbrengen.

  • Voor een periode korter dan drie maanden (vakantie, opleiding, medische behandeling, tijdelijke baan etc.), hebt u alleen een geldige identiteitskaart of paspoort nodig. In sommige landen moet u zich melden bij de bevoegde instanties.
  • Voor een langere periode moet u zich inschrijven bij de bevoegde instanties. In Nederland is dat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), die een bewijs afgeeft dat aan de inschrijfplicht voldaan is.

2.

Stemrecht

Het Verdrag betreffende de Europese Unie geeft alle EU-burgers bij gemeenteraadsverkiezingen (onder bepaalde voorwaarden) en bij Europese verkiezingen het recht om te stemmen (actief kiesrecht) en verkozen te worden (passief kiesrecht) in de lidstaat waar zij wonen. Daarbij gelden dezelfde voorwaarden als voor de burgers van dat land.

Om aan de verkiezing van het Europees Parlement te mogen meedoen, moet u zich eerst op de kiezerslijst laten inschrijven. Lidstaten waar geen stemplicht bestaat, kunnen buitenlandse EU-burgers voor gemeenteraadsverkiezingen automatisch op hun kiezerslijst inschrijven. In andere gevallen moet u om inschrijving verzoeken.

3.

Verhuizen, motorvoertuigen, inschrijving en belastingen

Auto's

Als u naar een andere EU-lidstaat gaat verhuizen, mag u zonder beperkingen uw persoonlijke bezittingen meenemen en hoeft u daarover geen douanerechten of belastingen te betalen. Uw gastland mag u wel een inschrijvingsbelasting voor uw auto laten betalen, of voor bepaalde goederen (zoals wapens en munitie) beperkingen opleggen. Bovendien mag u uw huidige rijbewijs gebruiken. Als uw rijbewijs verloopt, moet u verlenging aanvragen in het gastland.

Het is verboden om in het land waar u uw hoofdverblijfplaats hebt, met een voertuig te rijden dat in het buitenland ingeschreven is (hoewel elk land soepeler regels kan invoeren). Als u uw motorvoertuig wilt meenemen voor een langer verblijf, vraagt u een nummerbord van dat land aan. Bovendien kan het gastland in sommige gevallen een technische keuring eisen.

4.

Fiscale zaken

De EU-lidstaten hebben met elkaar belastingverdragen gesloten om te voorkomen dat inkomsten dubbel worden belast. Het kan zijn dat de wetgeving van het gastland én die van uw land van herkomst u als inwoner beschouwen. Deze belastingverdragen bepalen in zo'n geval ook van welk land u fiscaal inwoner bent.

U moet nagaan of u al dan niet fiscaal inwoner wordt van het land waar u gaat wonen. Om vast te stellen waar u fiscaal inwoner bent, moet u zowel naar de wetgeving van het gastland als naar die van uw land van herkomst kijken. Meestal moet u in het EU-land waar u fiscaal inwoner bent al uw inkomsten aangeven, ongeacht uit welk land die afkomstig zijn, en eventueel ook andere belastingen, zoals successierechten en vermogensbelasting, betalen.

Voorschriften en tarieven kunnen van land tot land sterk verschillen. Informeer daarom bij de belastingdienst of bij een belastingadviseur. Vraag ook welke formaliteiten vóór uw vertrek moeten worden vervuld.

5.

Geschil met de overheid

Als u denkt dat de nationale, regionale of plaatselijke overheid de rechten die u dankzij de EU-wetgeving hebt, verkeerd heeft geïnterpreteerd of dat u of een van uw familieleden wordt gediscrimineerd, kunt u uw rechten verdedigen door bij de betrokken overheid een klacht in te dienen.

Als u geen bevredigend antwoord krijgt, hebt u andere mogelijkheden om voor uw rechten op te komen. Voor een persoonlijk advies over uw EU-rechten, neemt u contact op met de Wegwijzerdienst voor burgers (een juridische EU-adviesdienst). U kunt daarnaast overwegen een klacht in te dienen bij de EU-dienst Solvit. Ten slotte kunt u een procedure starten door de Europese Commissie te vragen een rechtszaak te starten bij het Europees Hof van Justitie (in de regel is dit een langdurige procedure).

Meer informatie