Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Kooprecht huurhuis rampzalig

Het plan van het kabinet om 75 procent van de huurhuizen te koop te zetten draait uit op een ramp. Het zal de huur- en de koopmarkt verder verslechteren. Het voorstel voor verplicht kooprecht van corporatiewoningen moet zo snel mogelijk de prullenbak in. Dat schrijf ik samen met Stijn Verbruggen (gemeenteraadslid in Nijmegen) in een opiniestuk in de Gelderlander.

Hieronder het opiniestuk, zoals verschenen in de Gelderlander (26 januari 2012)

'Mensen staan in de rij voor een huurwoning. Koopwoningen zijn aan de straatstenen niet te slijten. En wat stelt het kabinet Rutte voor? Verkopen die huurwoningen! 75 procent van de totale voorraad sociale huurwoningen moet verplicht in de aanbieding. Dat zijn 1,8 miljoen woningen in heel Nederland. In Gelder­land zijn er ongeveer 240.000 cor­poratiewoningen.

Daarvan moeten er dus 180.000 in de verkoop.

Nijmegen heeft bijna 31.000 corporatiewoningen (op een totaal van 71.000 woningen). De corporaties moeten van het kabinet in Nijmegen dus 23.000 huurwoningen te koop zetten. Arnhem heeft bijna 26.000 corporatiewoningen. De Arnhemse corporaties moeten 19.500 woningen te koop gaan zetten van het kabinet.

Dit is het zoveelste ondoordachte volkshuisvestingsvoorstel van dit kabinet. Het einde van de woningcorporatie en daarmee het aanbod van betaalbare kwalitatief hoogwaardige huurwoningen in Nederland komt in zicht. Nederland heeft behoefte aan extra huurwoningen. Steeds meer ouderen op het platteland willen graag hun woning verkopen en hun laatste le­vensjaren in een huurwoning doorbrengen. In een stad als Nijmegen kunnen veel jongeren, starters en middeninkomens de meeste koopwoningen niet betalen.

Steeds meer werknemers hebben tijdelijke contracten, meer mensen worden, al dan niet gedwongen, zzp’er. Ook voor hen is een behoorlijke koopwoning onbereikbaar geworden. Geen bank die ze nog een hypotheek geeft. En wat stelt het kabinet voor? Ook al kan het niet, u moet kopen!

Woningen moeten worden gedumpt op de koopmarkt. Dat is niet alleen kapitaalvernietiging van bezit dat door de maatschappij is opgebouwd. Het betekent ook een afname van de waarde van het woningbezit van de huidige huizenbezitters. Want hoe meer woningen op de markt komen, hoe lager de waarde van de overige koopwoningen, een eenvoudige economische wet van weinig vraag en te veel aanbod. Op dit moment staan er in Nijmegen in de prijsklasse tot 200.000 euro ongeveer duizend woningen te koop (via Funda). Daar komen dus 23.000 woningen van de corporaties bij. Dit effect wordt nog eens verergerd, doordat de kopers van deze woningen, de huidige huurders, de starters van morgen hadden kunnen zijn. Normaliter kopen huurders een eigen huis zodra het inkomen dat toelaat. Nu zal men de bestaande huurwoning gaan kopen.Gevolg: de doorstroming op de woningmarkt blijft uit, het bordje te koop blijft nog langer staan. En voor zoekende huurders komen er geen huizen meer vrij omdat het aantal huurwoningen daalt. Minder huurwoningen waar een schreeuwende behoefte aan is; een verdere instorting van de koop­markt; huizenbezitters zien hun huis nog meer in waarde dalen.

Tel uit je winst. En dan zijn er nog juridische bezwaren. De huurwo­ningen zijn niet alleen zeer in trek, ze zijn tevens in eigendom van woningcorporaties. Het recht van eigendom is een van de uitgangs­punten van onze democratische sa­menleving, maar nu even niet, al­dus CDA-minister Spies. Woningcorporaties kunnen niet meer vrij over hun bezit beschikken. Ze kun­nen immers morgen hun woning kwijt zijn. Onzekerheid over sa­menstelling en kwaliteit van het bezit, betekent een ondeugdelijk onderpand. Woningcorporaties zullen tegen een hogere rente moe­ten lenen om hun plannen te verwezenlijken. Meer kosten voor de corporatie betekent hogere huren.

Het voorstel voor verplicht koop­recht van corporatiewoningen moet zo snel mogelijk de prullenbak in.

Jacques Monasch is woordvoerder wonen van de PvdA Tweede Kamerfractie. Stijn Verbruggen is woordvoerder wonen van de Nijmeegse PvdA-gemeenteraadsfractie.'