Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Reflectie op eindrapport Staatscommissie Parlementair Stelsel

Op dinsdag 18 december 2018 reflecteerden partners van het Montesquieu tijdens een klein symposium op het het eindrapport van de Staatscommissie Parlementair Stelsel. Voorzitter Johan Remkes van deze commissie presenteerde op 13 december 2018 het rapport met de aanbevelingen hoe ons parlementair stelsel bij de tijd kan blijven. De sprekers tijdens het symposium zijn het er over eens dat de Staatscommissie Parlementair Stelsel goed werk heeft geleverd, maar dat het advies her er der nog wel voor aanvulling vatbaar is.

De sprekers behandelden een aantal van de voorgestelde aanbevelingen. Deze en andere reacties op het eindrapport zijn op deze pagina gebundeld en via onderstaande links in pdf beschikbaar.

Inhoud

1.

Reflectie sprekers klein symposium

  • Aalt Willem Heringa: constitutionele toetsing

    In zijn voordracht blijkt dat Aalt Willem Heringa voorstander is van constitutionele toetsing. Het instellen van een Constitutioneel Hof is echter te verwarrend, gezien onder andere de al bestaande mogelijkheid om te toetsen aan verdragen, en overbodig voor de enkele zaken per jaar die het zal ontvangen. Daarnaast stelt hij vragen bij de invoering van een bindend referendum. Hoe moet deze zich verhouden ten opzichte van de rol van de Eerste Kamer?

  • Bernard Steunenberg: digitalisering en kunstmatige intelligentie

    Bernard Steunenberg erkent net als de Staatscommissie dat er uitdagingen liggen op het gebied van kunstmatige intelligentie en desinformatie. Een toezichthouder heeft echter niet direct zijn voorkeur, omdat deze dan expert op zijn gebied moet zijn. Volgens Steunenberg is Nederland echter nog niet zover en moet eerst worden geïnvesteerd in onderzoek. Ook doet hij twee aanbevelingen ten opzichte van het voorgestelde bindende referendum.

  • Bert van den Braak: het tweekamerstelsel

    Bert van den Braak vindt het een gemiste kans van de staatscommissie dat zij geen nieuw voorstel heeft gedaan als het aankomt op de indirecte verkiezing van Eerste Kamer. De afstandelijkheid van de Eerste Kamer ten opzichte van de politiek in de Tweede Kamer is namelijk een illusie. Het terugzendrecht dat de commissie voorstelt is in principe geen slecht idee, alleen is het maar een klein stapje dat weinig doet aan het fundamentele probleem.

  • Joop van den Berg: de gekozen formateur en decentralisaties

    Joop van den Berg boog zich over de direct gekozen formateur, welke volgens hem wél een partij zou moeten vertegenwoordigen. Daarnaast besprak hij de inefficiëntie van het decentraliseren. De oplossing ligt volgens hem in het creëren van een systematische decentralisatietoets die het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties in staat moet stellen om departementen aan te spreken wanneer zij willen decentraliseren.

  • Gerrit Voerman: Wet op de politieke partijen

    Gerrit Voerman ziet geen heil in het opnemen van de verenigingsplicht in de partijenwet. Hij stelt dat dit partijen teveel in een keurslijf dwingt en daarmee frustraties oproept. Ook over het voorstel van de voorkeursstem is hij niet enthousiast. Dit zal namelijk gevolgen hebben voor de cohesie van partijen en de politiek nog verder personaliseren. De voorstellen zorgen er volgens hem niet voor dat partijen versterkt worden.

2.

Overige reacties