Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

'Begin samenwerking over links'

maandag 27 maart 2017, Gerrit Voerman, hoogleraar Nederlands en Europees partijstelsel en hoofd van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen in Groningen

Of samenwerken over links - samen met GroenLinks of SP. Of scherpe oppositie tegen Rutte III - als GroenLinks inderdaad gaat meeregeren.

Dat zijn de twee voornaamste opties waar de PvdA na de verpletterende nederlaag bij de Tweede Kamerverkiezingen voor staat, meent Gerrit Voerman, directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen van de Rijksuniversiteit van Groningen.

‘De crisis van de PvdA is tegelijk de crisis van links’, analyseert Gerrit Voerman, partijenkenner uit professie. ‘De partij is ingestort, maar de SP heeft geenszins geprofiteerd. GroenLinks heeft het goed gedaan, maar minder dan verwacht. Deze drie linkse partijen hebben samen een zetel minder dan de PvdA alleen bij de Tweede Kamerverkie­zingen van 2012 behaalde. Ook al lopen de electorale trends niet parallel (winst voor GroenLinks, licht verlies voor de SP en een implosie van de PvdA), de linkse partijen zitten wel in hetzelfde schuitje. De verkiezings­uitslag is een ruk naar rechts: niet alleen kwantitatief, maar ook programmatisch, zeker gezien de opstelling van de VVD en het CDA.’

Voerman vervolgt: ‘Veel hangt af van de keuze van GroenLinks in de formatie. Als die partij gaat meeregeren, dan kan de PvdA weinig anders dan scherp oppositie voeren om weer wat vlees op de botten te krijgen. Links als zodanig lijkt daarbij niet echt gebaat. Het wordt anders wanneer GroenLinks buiten het kabinet blijft – en die kans lijkt groter te zijn dan dat ze meedoet. Dan zou de PvdA moeten gaan samenwerken over links. Kijk wat je op de werkvloer van de Tweede Kamer samen met GroenLinks en SP kunt bereiken. Laat de wetenschappelijke bureaus verschillen en overeenkomsten binnen links in kaart brengen. Werk toe naar een program op hoofdpunten, of een lijstencombinatie bij de provinciale verkiezingen van 2019 (als dat dan tenminste nog mogelijk is). En bezie of er een gemeenschappelijk kernprogram bij de volgende verkiezingen voor de Tweede Kamer haalbaar is.’

Gevraagd naar opties voor de PvdA, is professor Voerman duidelijk: ‘Wanneer GroenLinks in de oppositie zit, ga dan samenwerken met die partij en de SP’.

Zelfstandig doorgaan kan natuurlijk, maar het moet geen doormodderen worden. Opheffing, in de vorm van aansluiting bij een andere partij, is wat al te driest. Een organisatorische herverkaveling of fusie op links is in deze fase te veel gevraagd’, licht Voerman toe. ‘Voor de hand ligt een minimale vorm van samenwerking, stap voor stap uit te bouwen.’

Mogelijkheden

Stuk voor stuk loopt Voerman de mogelijkheden af:

  • Doorgaan als zelfstandige partij

‘Dat is de lijn waarvoor de PvdA waarschijnlijk wel zal kiezen. Maar je ziet de consequenties: de partij loopt een groot risico te worden leeggeplukt door de concurrentie: vorige maand heeft de PvdA naar alle kanten verloren. Het hangt van de omstandigheden af en van bepaalde factoren - een goede lijsttrekker, een goede campagne - of het meevalt. In 2012 lukte het wel, in 2017 niet.’

  • Opheffing

‘Dat heeft minister Plasterk bepleit: aansluiting van GroenLinks onder aanvoering van Jesse Klaver. Dat lijkt me een onberaden, doorgeschoten reactie. Mocht het tot nauwere samenwerking komen, dan geldt ook hier dat de achterban daarbij moet worden “meegenomen” als het ware.’

  • Fusie

‘Ook dat is een stap te ver, zeker op dit moment. Om te beginnen heb je voor een fusie een of twee andere partijen nodig, in elk geval GroenLinks en waarschijnlijk ook de SP. Maar het is de vraag of die er aan toe zijn. De ervaring leert dat er een breed besef moet zijn bij alle fusiepartners dat het op eigen kracht niet meer gaat. Zo is het gegaan in de jaren ’70 met de confessionele drie KVP, ARP en CHU in de aanloop naar de totstandkoming van het CDA. Ook GroenLinks, een fusie van radicalen, pacifisten en communisten, zou er zonder zo’n gevoel van gemeenschappelijke urgentie niet gekomen zijn. Hetzelfde geldt voor de ChristenUnie, fusie van GPV (gereformeerd) en RPF (reformatorisch).’

‘Blijft over’, zegt Voerman, ‘een meer praktische vorm van elkaar opzoeken, samenwerken en optrekken. Zo’n minimale samenwerking kan stap voor stap uitgroeien tot een maximale samenwerking, wellicht zelfs een fusie. Maar het kan ook eindigen in een herverkaveling die niet aan D66 voorbij gaat, waarbij er twee partijen ontstaan, een sociaal-liberale en een klassiek sociaal-democratische, iets waar oud-GroenLinks-leider Femke Halsema al eens voor heeft gepleit.’

Naar alle kanten

Het advies is ook ingegeven door een analyse van de verkiezingsuitslag. ‘De PvdA heeft werkelijk naar alle kanten verloren: naar GroenLinks, naar de SP, naar D66, naar DENK. Ook zijn er veel kiezers thuis gebleven’, signaleert Voerman. ‘Dat betekent dat de partij op alle vlakken kwetsbaar is. Als de partij zich in een bepaalde richting profileert, kan zij zich verwijderen van andere groepen. Haar rol als brede volkspartij die kiezers uit verschillende delen van de samenleving bij elkaar brengt, lijkt uitgespeeld. Dat kan wellicht door een brede samenwerking worden gecompenseerd.’

Het was een grote nederlaag – de grootste die een partij ooit in de parlementaire geschiedenis geleden heeft: 29 zetels. Maar het was geen donderslag bij heldere hemel. Voerman: ‘Het paste in de trend. Eigenlijk al sinds 1994 is de PvdA aan het inleveren. Bij sommige verkiezingen wordt die structurele neergang verbloemd. Ook in 2012 veerde de partij, onder leiding van Diederik Samsom, weer even op. Vlak voor die verkiezingen hing de vlag er treurig bij, vlak na de kabinetsformatie zakte de partij weer even hard terug. Er is een doorgaande neerwaartse lijn. Het ziet er niet naar uit dat de PvdA die anno nu op eigen kracht kan doorbreken.’

1.

Deze bijdrage stond in