N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
‘Trumppaaien’ of internationaal recht steunen. Een duivels dilemma?
De presentatie van het jaarverslag van de NAVO afgelopen donderdag stond in het teken van de steun van de secretaris-generaal aan de onrechtmatige Amerikaans-Israëlische oorlog in Iran. Het leek wel een déjà-vu van de NAVO-top in juni vorig jaar, toen de Amerikaanse bombardementen op Iran alle persconferenties domineerden. Wederom heeft een roekeloze actie van Trump de NAVO op 1-0 achterstand gezet. Wederom zoekt Rutte zijn heil in het alles op alles zetten om Trump gunstig te stemmen. Waar het aan de vooravond van de NAVO-top beperkt bleef tot Whatsappjes vol met lof, zei de NAVO-chef dit keer op Amerikaanse televisie dat de Amerikanen Trump moesten steunen, omdat hij onze veiligheid waarborgt. En dat een dik half jaar voor de Amerikaanse midterm-verkiezingen. Internationale media tuimelen over Rutte heen met kritiek. De NAVO-secretaris generaal hoort immers de stem van alle NAVO-landen te laten horen (inclusief de kritische premier Sánchez) en steunt hiermee verdere afbreuk van internationaal recht.
In de Nederlandse media is er een ander debat losgebarsten. Behalve alle kritische geluiden zijn er ook journalisten die de kritiek op Rutte als ‘gemakzuchtig’ bestempelen en beargumenteren dat Rutte geen andere keus heeft. Het is Ruttes taak om de Amerikanen – koste wat kost – binnenboord te houden; zonder de Amerikanen is er geen NAVO meer en zonder Amerikaanse steun zou Oekraïne verloren zijn. Het debat wordt geframed als een tegenstelling tussen ‘principes’ (de critici) en ‘pragmatisme’, tussen ‘gemakzucht’ en ‘politiek vernuft’, en tussen internationaal recht en internationale veiligheid. Natuurlijk wordt Rutte geconfronteerd met een duivels dilemma en is hij bepaald niet de enige die voor Trump buigt. Hetzelfde geldt voor de Tweede Kamer: een motie om de oorlog in Iran te veroordelen als ‘een schending van het internationaal recht’ werd alleen door de indieners gesteund (DENK, GroenLinks-PvdA, SP, PvdD en Volt).1) De geschetste tegenstelling tussen principes en pragmatisme is echter een valse tegenstelling.
Het ‘principiële’ perspectief is niet zo ingewikkeld: de Amerikaanse sloopkogelpolitiek heeft internationaal recht naar de prullenbak verwezen en Iran is daar het zoveelste voorbeeld van. Trump heeft zich door Netanyahu een oorlog in laten rommelen zonder duidelijke doelstellingen, zonder plan, en zonder exit-strategie. Wederom waren zijn schoonzoon Kushner en zijn zakenvriendje, vastgoedmagnaat Witkoff, de onderhandelaars. Ze hadden geen nucleaire experts meegenomen, zoals gebruikelijk is, maar zeiden zich goed te hebben ‘ingelezen’. Op het moment dat een nucleair akkoord volgens experts die ‘toevallig’ in de buurt waren – zoals de Britse nationale veiligheidsadviseur Jonathan Powell – binnen handbereik was, bevalen Kushner en Witkoff Trump aan om een oorlog te starten. Ondertussen zijn de inwoners van Iran niet alleen onderdrukt, maar ook in groten getale ontheemd, staat het licht ontvlambare Midden-Oosten in vuur en vlam, wordt Libanon een tweede Gaza en staan de energievoorziening en economie wereldwijd op instorten. Er moeten wel heel goede redenen zijn om dat beleid te willen ondersteunen.
Ook met een pragmatische bril op zijn die redenen weinig overtuigend. Het meest gebruikte argument is steeds weer – ook inzake Venezuela, Groenland en andere onrechtmatige avonturen – dat we Trump gunstig moeten stemmen om de Amerikaanse steun aan Oekraïne niet op het spel te zetten. Maar hoe zit het eigenlijk met die steun? Alle huidige militaire steun is goedgekeurd onder Biden of betaald door Europa. Onder Trump is er geen enkel nieuw wapenpakket goedgekeurd. In drie dagen oorlog in Iran zijn er meer patriot-raketten afgevuurd (ca. 800) dan in vier jaar oorlog in Oekraïne (ca. 600). Door de oorlog in Iran zijn de ‘vredesbesprekingen’ van Rusland, Oekraïne en de VS uitgesteld. Politiek gezien ziet het er nog veel slechter uit. Niet alleen is steun voor Oekraïne duidelijk geen prioriteit, maar Trumps entourage maakt er wel tijd voor om de tegenstanders van Oekraïne openlijk te steunen. Dat geldt niet alleen voor Poetin, die na ieder gesprekje met Trump de bombardementen op Oekraïne opvoert, maar ook voor de populistische leiders Orbán en Fico. Het is geen toeval dat zowel Orbán als Fico na Rubio’s bezoekje in februari hun steun aan Oekraïne opzegden, door respectievelijk de 90 miljard euro voor Oekraïne in de EU en door de noodvoorraad energie te blokkeren. Vicepresident Vance staat op het punt Orbán te bezoeken om zijn verkiezingscampagne te steunen, een campagne die gebouwd is op een anti-Oekraïnesentiment met verkiezingsposters waarop gedreigd wordt met een mogelijke invasie van Oekraïne in Hongarije. Zelensky stuurt ondertussen radeloze berichtjes de wereld in omdat Trump hem verder onder druk zet om ook de door Rusland niet veroverde stukjes Donbas aan Poetin cadeau te doen.
Over welke Amerikaanse steun aan Oekraïne hebben we het dus precies? De voortdurende angst dat de Verenigde Staten Oekraïne laten vallen leidt er vooral toe dat Trump meer ruimte krijgt, niet alleen om zijn sloopkogelpolitiek ook buiten het westelijk halfrond welig te laten tieren, maar ook om Zelensky de duimschroeven verder aan te draaien. De Groenlandepisode heeft ons geleerd dat Trump alleen inbindt als je hem het mes op de keel zet – iets wat hij zelf overigens als de kern van transactionalisme bestempelt: net zolang doorduwen totdat je tegenstander breekt of totdat je op weerstand stuit. Over wat voor NAVO hebben we het precies als het ‘bondgenootschap’ alleen maar overeind kan worden gehouden door het alsmaar meebuigen met de grillen van een Amerikaanse autocraat? Zelfs als het doel de middelen zou heiligen, moet dat doel wel duidelijk gedefinieerd zijn. De Amerikaanse betrokkenheid bij de NAVO lijkt immers steeds meer op een Trojaans paard: van binnenuit wordt de NAVO in rap tempo uitgehold, niet alleen in moreel opzicht, maar ook vanuit veiligheidsperspectief. Onze wereld is er bepaald niet veiliger op geworden sinds Trump oorlog voert in Iran – om over Oekraïne nog maar te zwijgen. Een pragmatische kosten-batenanalyse leert ons dat het ‘Trumppaaien’ er met name toe leidt dat autocraten zoals Poetin, Netanyahu en Trump zelf meer ruimte krijgen. Is het dilemma dus wel zo duivels? Ook vanuit pragmatisch perspectief is het niet raadzaam om onze ziel aan de duivel te verkopen.
Laurien Crump is onderzoeker en buitenlandexpert aan het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis van de Radboud Universiteit.