Tijdens haar State of the Union op 16 september zette EU-Commissievoorzitter Ursula von der Leyen de deur open voor Canada om de eerste ‘associate member’ van de EU te worden. De Canadese premier Mark Carney, die een dag later het Europees Parlement toesprak, herhaalde de term weliswaar, maar merkte meteen op dat het vooral om een ‘alliance for the future’ gaat.
De EU en Canada werken al lange tijd nauw samen als strategische partners op diverse terreinen. In 2016 ondertekenden ze zowel een Strategic Partnership Agreement (SPA) als een vrijhandelsverdrag (CETA). Het SPA is een breed opgezet akkoord dat de bestaande samenwerking op het gebied van buitenlands beleid (onder meer Rusland en de Indo-Pacific) en in sectoren als veiligheid, klimaat, energie en innovatie verder versnelde. CETA haalde vrijwel alle handelsbarrières en tarieven tussen de EU en Canada weg. En hoewel dit vergaande handelsverdrag bijna tien jaar later nog steeds niet door alle EU-lidstaten is geratificeerd, wordt het toch als een groot succes gezien: de wederzijdse handel is sinds 2017 met ongeveer 80 procent toegenomen.
Tijdens de EU-Canada-top in juni 2025 werden de partnerschappen verder verdiept, onder meer door nauwere samenwerking aan te kondigen op het gebied van defensie, digitale zaken en de groene transitie. Canada trad als eerste niet-Europese land toe tot SAFE (Security Action for Europe). SAFE is een financieringsinstrument binnen het ReArm Europe Plan/Readiness 2030, bedoeld om strategische leemtes in de Europese defensie te identificeren en urgente, grootschalige investeringen in de defensie-industrie te versnellen.
Nu zetten Ottawa en Brussel dus een nieuwe stap. Nauwere integratie met de EU past naadloos in Carneys oproep aan democratische ‘middenmachten’ om hun krachten te bundelen en te voorkomen dat ze een speelbal van grootmachten worden. In een steeds onstabielere wereld probeert de Canadese regering haar internationale partnerschappen te diversifiëren en afhankelijkheden af te bouwen. De Canadese economie is bijzonder sterk verbonden met die van de VS. De VS is met afstand Canada’s grootste handelspartner, wat het land zeer gevoelig maakt voor Amerikaanse druk. Opmerkingen over Canada als 51ste staat van de VS vielen in Canada buitengewoon slecht, en de overgrote meerderheid van de bevolking staat achter Carney.
Europa is met zijn grote interne markt economisch minder afhankelijk van Washington dan Canada, maar op defensiegebied des te meer. Er is brede consensus dat die afhankelijkheid volstrekt onhoudbaar is geworden nu Washington zijn betrokkenheid bij de Europese veiligheid bijna dagelijks in twijfel trekt. Bij het afbouwen van afhankelijkheden en het opbouwen van een eigen geopolitieke positie, gebaseerd op gedeelde liberaal-democratische waarden, vinden de EU en Canada elkaar dus als van nature.
Ook op geo-economisch gebied ligt meer samenwerking tussen de EU en Canada voor de hand. Europa heeft een grote, geavanceerde markteconomie en kan normen stellen die wereldwijd vaak worden overgenomen (het Brussel-effect). De Europese defensie-industrie wordt in hoog tempo opgebouwd. Canada kan op grote schaal de grondstoffen en energie leveren die deze transitie vereist. Bij de aanleg van nieuwe infrastructuur voor de export van olie, gas en LNG wordt al nadrukkelijk naar Europa gekeken. Canada beschikt bovendien over enorme voorraden kritieke aardmetalen die onmisbaar zijn in de high-tech en defensie-industrie en over specifieke kennis op het gebied van onder meer AI, quantumtechnologie en ruimtevaart. Door zijn ligging biedt Canada, het op een na grootste land ter wereld, bovendien toegang tot het Hoge Noorden, de Atlantische Oceaan en de Stille Oceaan.
Maar de grote vraag is welke vorm deze steeds nauwere samenwerking uiteindelijk krijgt. ‘Associate membership’ is op dit moment geen bestaande status in de EU-verdragen, en ook niet in de regelgeving over uitbreiding of over de relaties met partnerlanden. De Canadese bevolking mag dan positief staan tegenover meer samenwerking met de EU, maar ze is uiterst kritisch over het afstaan van soevereiniteit. Een overeenkomst zoals de EU die heeft met Zwitserland, Noorwegen, het VK of Georgië, waarin die landen veel EU-regels overnemen zonder daarover mee te kunnen praten, zou voor Canada dan ook niet werken. Een Canadees EU-lidmaatschap, in welke vorm dan ook, lijkt al helemaal niet aan de orde.
De term ‘associate membership’ moet dus niet te letterlijk worden genomen. Duidelijk is dat de toekomstige samenwerking met Canada verder zou moeten gaan dan het bestaande strategische partnerschap, de sectorale samenwerking en CETA, maar niet zo ver dat er sprake is van toetreding tot de EU, toegang tot de interne markt of een (gedeeltelijke) overdracht van soevereiniteit. Hoe graag politici in de EU en in Canada ook samen willen optrekken, daarvoor bestaat nog geen kant-en-klaar model.
Zowel de EU als Canada hebben inmiddels speciale gezanten aangewezen om de nauwere integratie vorm te geven, naar verluidt op initiatief van Carney zelf. Die gezanten moeten zowel verkennen op welke punten de samenwerking op korte termijn kan worden versterkt, als nadenken over hoe een diepere, strategischere EU-Canada-relatie eruit kan komen te zien. Voor Europa speelt de vraag bovendien op een hoger niveau dan alleen de relatie met Canada. De EU moet strategisch autonomer worden en heeft daarvoor nieuwe partners nodig. Democratische middenmachten als Canada, Japan, Zuid-Korea, India, Australië en Nieuw-Zeeland liggen daarbij het meest voor de hand. Maar de discussie over hoe de EU dit moet organiseren met geografisch ver verwijderde landen is nog maar net begonnen. Dat maakt het uitbouwen van de relatie met Canada, waarbij de EU kan voortbouwen op een duurzame relatie die al veel successen kent, een interessante proeftuin.
De volgende concrete stap wordt aangekondigd op de EU-Canada-top op 29 en 30 oktober in Montreal. Volgens een conceptverklaring die al naar Politico is uitgelekt, komen er nieuwe initiatieven om de onderlinge vrijhandel te versterken en nieuwe investeringen in projecten voor kritieke mineralen en toeleveringsketens. Ook wordt de samenwerking op het gebied van energie, technologie en digitale handel uitgebreid. Verder zouden de EU en Canada samen 50 blusvliegtuigen aanschaffen om bosbranden te bestrijden.
Maarten Muns is onderzoeker en journalist. Hij is gespecialiseerd in trans-Atlantische veiligheid, Amerikaanse politiek en VS-Rusland relaties sinds 1945