Winst AfD in Oost-Duitsland schokt Duitse politiek

, column van mw. Marja Verburg

De uiterst rechtse AfD werd bij de deelstaatverkiezingen in Saksen-Anhalt en Mecklenburg-Voorpommeren in september de grootste partij. Ook in de deelstaat Berlijn won ze flink, maar daar haalde de socialistische partij Die Linke de meeste stemmen. De CDU van bondskanselier Friedrich Merz haalde desastreuze resultaten. Dat wordt mede aan zijn impopulaire regering toegeschreven. De uitslag van de verkiezingen in Oost-Duitsland heeft ook consequenties voor Duitsland en Europa.

“Een ramp”, noemde kanselier Merz de resultaten van zijn CDU in Mecklenburg-Voorpommeren en in Berlijn, toen hij tot ieders verrassing op zondagavond 20 september kort na bekendmaking van de exitpolls op tv verscheen. De christendemocraten hebben in Mecklenburg-Voorpommeren voor het eerst in de naoorlogse geschiedenis de kiesdrempel niet gehaald en zijn daardoor niet meer in het deelstaatparlement vertegenwoordigd. Daar kon hij geen doekjes om winden, zei Merz. Maar hij maakte ook meteen duidelijk dat hij zou aanblijven als kanselier. Het is zijn taak Duitsland weer ‘fit te maken voor de toekomst’, zei hij. Hij benadrukte de noodzaak van de hervormingen die zijn regering van CDU/CSU en SPD wil doorvoeren.

Merz nam die avond op tv de vlucht naar voren om zijn positie veilig te stellen. Er is al langer veel onvrede over hem en zijn bondsregering. De hervormingen die hij bij zijn aantreden in mei 2025 had beloofd om het economisch kwakkelende Duitsland er snel weer bovenop te helpen, kwamen er niet. Dat had ook oorzaken waar Merz niet zoveel aan kon doen – de oorlog in Iran bijvoorbeeld. Maar de kanselier kreeg ook zelf te weinig voor elkaar. Er werd veel openlijk geruzied in zijn coalitie van CDU/CSU en SPD en van Merz’ belofte de opmars van de AfD te stoppen – hij zou de partij ‘weg regeren’, had hij gezegd – kwam eveneens niets terecht. Ook in de landelijke peilingen is de AfD al geruime tijd de grootste partij en staat met inmiddels 30 procent ver boven de CDU (18-19 procent).

De populariteit van Merz’ kabinet was al tot een historisch dieptepunt gedaald. Toen de AfD op 6 september in Saksen-Anhalt bijna de absolute meerderheid haalde en de CDU in de deelstaat meer dan gehalveerd werd, nam de onvrede nog verder toe. Er werd steeds openlijker gesproken over het tussentijds vervangen van de kanselier, ook binnen zijn eigen CDU. Daar kwam twee weken later de klap in Mecklenburg-Voorpommeren bovenop. Kon deze kanselier het land nog wel redden?

Merz lijkt er voorlopig in geslaagd zijn kanselierschap te behouden. Maar dat heeft hij niet per se te danken aan zijn tv-optreden op die zondagavond. Er zijn op dit moment gewoon te weinig alternatieven. Geen van de regeringspartijen wil nieuwe verkiezingen in de onrustige geopolitieke situatie en met zo’n sterke AfD. In Duitsland kun je een kanselier vervangen terwijl de zittende regering aanblijft, maar dat kan alleen als er direct een andere kanselierskandidaat klaarstaat. Die wisseling moet dan door de meerderheid van het parlement worden goedgekeurd. Daar leek in september geen zicht op.

Ondertussen profiteert de AfD van de zegetocht in de Oost-Duitse deelstaten. In Saksen-Anhalt haalde ze 43,8 procent van de stemmen en heeft daarmee 39 van de 83 zetels in het deelstaatparlement. Dat is net niet genoeg voor een absolute meerderheid. Ze kan dus niet alleen regeren. De andere partijen hebben samenwerking met de AfD altijd uitgesloten – in Saksen-Anhalt is de AfD door de binnenlandse veiligheidsdienst beoordeeld als extreemrechts. Maar of de zogenoemde Brandmauer – het cordon sanitaire – standhoudt, is nog maar de vraag.

De CDU, de SPD, de Groenen en Die Linke hebben in Saksen-Anhalt samen ook 39 zetels – zo is er in het deelstaatparlement dus een soort patstelling ontstaan. Daardoor heeft de nieuwe, populistische en net als de AfD Rusland-vriendelijke partij BSW een belangrijke rol. Zij heeft 5 zetels gehaald en kan de AfD daarmee aan een meerderheid helpen.

Een eerste indruk van hoe het deelstaatparlement te werk gaat, werd deze maand zichtbaar. Op de eerste zitting van het nieuwe parlement werd de omstreden AfD-politicus Thomas Rausch gekozen tot voorzitter. Hij kreeg niet alleen de stemmen van de AfD en de BSW, maar ook van nog vier afgevaardigden. De stemming was geheim, maar de extra stemmen kwamen zeer waarschijnlijk van de CDU. Dat is een blamage voor de christendemocraten. De CDU-afdeling in Saksen-Anhalt heeft inmiddels besloten bij de verkiezing van een nieuwe minister-president in december de parlementszaal te verlaten en niet mee te stemmen, om zeker te zijn dat geen enkele CDU’er de uiterst rechtse AfD-leider Ulrich Siegmund in het zadel helpt.

Een week later nam het parlement in Saksen-Anhalt een motie aan van de AfD en de BSW om de regering op te roepen de wapenleveranties aan Oekraïne stop te zetten en de sancties tegen Rusland op te heffen. De CDU, SPD, Groenen en Die Linke waren fel tegen de motie, maar moesten knarsetandend toezien hoe ze met hun 39 zetels het onderspit delfden. De motie heeft vooral symbolische betekenis: de deelstaten gaan niet over de wapenleveranties of het sanctiebeleid. Maar het zegt wel iets over de veranderde stemming en prioriteiten in het parlement van Saksen-Anhalt. 

De AfD in Saksen-Anhalt heeft er nooit een geheim van gemaakt wat ze van plan is als ze gaat regeren: een ‘uitzet-offensief’ voor asielzoekers; homogene klassen op scholen, waar geen plaats is voor kinderen van vluchtelingen of kinderen met speciale behoeften; scholen moeten leerlingen vaderlandsliefde bijbrengen en er moet weer Russisch worden onderwezen; geen ruimte meer voor diversiteit, genderstudies en postcolonialstudies op universiteiten; afschaffing van de regionale publieke omroep; en een nieuwe, ‘patriottische cultuurpolitiek’ die het ‘Duitse zelfbewustzijn’ moet herstellen.

De radicale ideeën van de AfD gaan niet alleen Saksen-Anhalt of Duitsland iets aan. Omdat de minister van Binnenlandse Zaken van een Duitse deelstaatregering ook toegang heeft tot informatie van de Duitse veiligheidsdiensten, is ook de Europese veiligheid in het geding als de AfD in een kleine Oost-Duitse deelstaat gaat regeren. De vrees is dat via de AfD informatie wordt doorgespeeld naar Russische veiligheidsdiensten of naar extreemrechtse organisaties. De binnenlandse veiligheidsdienst bereidt zich daar al langer op voor en wil informatie in haar systemen zo nodig afschermen.

In Mecklenburg-Voorpommeren werd de AfD na een zeer gepolariseerde verkiezingsstrijd met 38,2 procent de grootste partij. Ze werd op de voet gevolgd door de SPD (35,5 procent) van de populaire minister-president Manuela Schwesig. Het succes van de AfD had mede te maken met hoe een deel van de kiezers in Mecklenburg-Voorpommeren kijkt naar de Duitse houding ten opzichte van Rusland. Juist in deze deelstaat, waar de banden met Rusland tot het begin van de oorlog in Oekraïne economisch van groot belang waren, spreken de pro-Russische standpunten van de AfD een deel van de kiezers nog steeds aan.

Schwesigs SPD voert inmiddels coalitieonderhandelingen met de Groenen en Die Linke – met z’n drieën hebben ze een meerderheid. Omdat de CDU slechts 4,9 procent van de stemmen kreeg en andere partijen ook de kiesdrempel niet haalden, zal de oppositie in de deelstaat straks alleen bestaan uit de AfD. De partij heeft meer dan een derde van de zetels en daarmee een Sperrminorität: ze kan wetgeving tegenhouden waarvoor een tweederdemeerderheid is vereist. Dat zal regeren voor een rood-rood-groen kabinet lastig maken.

In Berlijn werd de socialistische partij Die Linke met 25,7 procent de grootste. De CDU, die de afgelopen jaren in de hoofdstad regeerde, verloor bijna 10 procentpunt en kwam uit op 18,8 procent. Die Linke, de Groenen en de SPD besloten met elkaar coalitiegesprekken te voeren, maar dat gaat niet zonder slag of stoot. Dat de Duitse hoofdstad met Elif Eralp een burgemeester van Die Linke kan krijgen, is voor velen een schrikbeeld. Op Die Linke is veel kritiek. Vooral de beschuldiging van antisemitisme beheerst het debat.

Die Linke zet zich in voor de Palestijnen en uit harde kritiek op het Israëlische geweld in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. In de Duitse politiek is dat een omstreden standpunt. Duitsland staat vast aan de zijde van Israël, een houding die is ingegeven door de Duitse schuld aan de Holocaust. Bovendien zijn er in de Berlijnse afdeling van de partij verschillende incidenten geweest die de verdenking van antisemitisme hebben gevoed. 

Die Linke, de Groenen en de SPD zijn het de afgelopen weken eens geworden over een antisemitismeverklaring, die alle drie de partijen ondertekenen en die onderdeel moet worden van het coalitieakkoord. Maar voor critici is dit niet genoeg om met vertrouwen naar de vorming van een rood-rood-groene coalitie te kijken.

Een ander probleem hebben veel vooraanstaande politici, vooral van de CDU/CSU en de SPD, met de Berlijnse plannen om woningen te onteigenen. De drie formerende partijen willen vastgoedinvesteerders die veel woningen bezitten deels uitkopen, zodat de woningen weer in overheidshanden komen. Voor de kiezers in Berlijn was betaalbaar wonen een van de belangrijkste verkiezingsthema’s. In 2021 heeft een meerderheid van de bevolking zich in een referendum voor deze vorm van onteigening uitgesproken. Volgens de grondwet is het ook toegestaan. Desalniettemin vinden velen het een onaanvaardbaar besluit. Kanselier Merz kondigde in september al aan dat hij een wet wil invoeren die de Berlijnse onteigeningsplannen verbiedt.

Na de verkiezingen in Saksen-Anhalt, Mecklenburg-Voorpommeren en Berlijn heeft de Brandmauer voor velen afgedaan. Binnen de CDU is er al langer verdeeldheid over de vraag of je de AfD wel moet blijven uitsluiten. Voor de middenpartijen in de Oost-Duitse deelstaten wordt besturen zonder de AfD steeds onwerkbaarder. Hoe ze dan wel moeten omgaan met een partij die haaks staat op alles waar ze zelf voor staan, weten ze niet. Voor de bondsregering geldt hetzelfde. Merz is als kanselier aangebleven, maar zowel zijn CDU als coalitiepartner SPD zijn aangeslagen. Dat maakt hun opgave om Duitsland uit het slop te trekken er niet makkelijker op.   


Marja Verburg is historicus en als redacteur van Duitslandweb verbonden aan het Duitsland Instituut Amsterdam.