Op 8 oktober kwamen historici, politicologen en staatrechtkundigen bijeen in de leeszaal van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP) voor de de nieuw opgerichte boekenclub over Nederlandse politiek. De club trapte af met Een links verhaal: Hoe GroenLinks en de PvdA ondanks alles één werden van journalist Coen van de Ven (2025). Hieronder volgt een verslag van wat ons opviel aan de inhoud, wat we van het boek vonden en – iets losser van het boek – hoe we de toekomst van PRO voor ons zien.
Wat viel ons op aan de inhoud?
Van de Ven vergelijkt de fusie van politieke partijen met het samenvoegen van twee verschillende vloten met niet alleen een vlaggenschip (de politici in Den Haag), maar ook allerlei andere bootjes en sloepjes (zoals lokale afdelingen, wetenschappelijke bureaus en EU-delegaties). De verschillen tussen GroenLinks en de PvdA waren niet zozeer inhoudelijk, maar werden vooral zichtbaar in de partijculturen van de linkse partijen. GroenLinks was meer een actiepartij die strijdt voor systeemverandering, de PvdA was juist meer een discussie- en debatpartij gericht op besturen.
Ondanks allerlei stemmingen door partijcongressen en partijleden, kwam de fusie voor een belangrijk deel van bovenaf tot stand; in het boek noemt Jesse Klaver het volkstuintje van Lilianne Ploumen het ‘Camp David’ van de linkse samenwerking. Tegelijkertijd was er onder de leden wel degelijk enthousiasme, met name binnen de beweging RoodGroen.
De weerstand binnen de PvdA kwam vooral van enkele prominente leden, zoals Ad Melkert en Gerdi Verbeet. Zij kregen veel media-aandacht, maar konden binnen hun eigen partij op weinig steun rekenen. Bij GroenLinks kwam het verzet vooral vanuit lokale afdelingen, zoals Amsterdam en Nijmegen. Deze tegenstand kwam nauwelijks aan bod in de media, maar vormde voor het fusieproces een veel groter risico dan het verzet van enkele PvdA-prominenten.
Uiteindelijk kwam de fusie nooit echt in gevaar en stemden de leden van beide partijen met bijna Noord-Koreaanse meerderheden in met de fusie. Een (onbedoeld?) gevolg van de fusie is dat de scherpe randjes van beide partijen lijken te zijn afgeslepen. Leden die zich te conservatief, te radicaal of te liberaal voelden binnen de nieuwe partij, haakten af. De opluchting binnen de PvdA toen Ronald Plasterk zijn lidmaatschap eindelijk opzegde, is hier een goede illustratie van.
Wat vonden we van het boek?
Het boek leest bijzonder prettig. Wij vonden het vooral een journalistiek verslag dat dicht op de hoofdrolspelers zit. Coen van de Ven slaagt erin de hoofdrolspelers openhartig te laten vertellen over hun eigen rol in het proces. Het boek maakt zo duidelijk dat het bij een partijfusie (en in de politiek in het algemeen) echt om mensenwerk gaat. Maar tegelijkertijd wordt er relatief weinig aandacht besteed aan de onderliggende oorzaken en de politieke context van de fusie.
De metafoor van een politieke partij als een vloot vonden wij treffend en wordt in het boek goed uitgewerkt. Minder gelukkig vonden wij de keuze om het boek al uit te geven voor het oprichtingscongres en voordat de naam van de nieuwe partij bekend was. Daardoor ontbreekt een belangrijk stukje van het fusieproces. Het boek heeft daarmee eerder een open einde dan dat het de lezer duidelijke conclusies biedt. Waarom deze twee partijen en waarom nu? En vanwaar het gebrek aan (effectieve) oppositie tegen het fusieproject? Ook een goede slotbeschouwing die dit soort vragen beantwoordt ontbreekt.
Hoe zien we de toekomst van PRO?
Hoewel het boek weinig aandacht besteedt aan de onderliggende oorzaken van de fusie, beschrijft het wel een bijeenkomst waarop leden mochten kiezen wat volgens hen de belangrijkste drijfveer voor de fusie was: macht of idealen. De leden kozen massaal voor macht. Door de fusie krijgt de nieuwe partij immers een sterkere onderhandelingspositie in Den Haag.
Maar het is zeer de vraag of de fusie ook een oplossing biedt voor kiezers die met name de PvdA in de loop der jaren is kwijtgeraakt. In het boek komt bijvoorbeeld Cindy aan bod, een voormalige PvdA-kiezer die een grote rol speelde in het SBS6-verkiezingsdebat van 2023. De fusie lijkt weinig te veranderen aan haar bezwaren tegen de partij. Door pech lukt het haar al jarenlang niet om rond te komen en tegelijkertijd heeft ze het gevoel dat linkse politici, zoals Frans Timmermans, op haar neerkijken.
Daarnaast heeft PRO het momenteel relatief makkelijk in de oppositie. Maar als de partij in de toekomst regeringsverantwoordelijkheid gaat dragen en moeilijke keuzes moet maken, kunnen de bloedgroepen van GroenLinks en de PvdA wel gaan opspelen, bijvoorbeeld bij onderwerpen als de NAVO, bewapening en migratie. Een links verhaal vonden wij een uitermate geslaagd journalistiek verslag, maar voor een inhoudelijke analyse en een visie op de toekomst van PRO is nog een boek nodig!
Volgende bijeenkomst boekenclub
In december komt de boekenclub voor de tweede keer bijeen. Op de agenda staat dan Diplomademocratie: Opleiding als nieuwe scheidslijn van Mark Bovens en Anchrit Wille (tweede herziene druk).
Pijke Vossestein is specialist wetenschappelijke informatie van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP), onderdeel van de Rijksuniversiteit Groningen.