Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Gravamen

Kandidaten (bijvoorbeeld voor de Tweede Kamer) worden geacht het partijprogramma te onderschrijven. Partijen erkennen echter wel soms een voorbehoud. Naar analogie met de protestants kerken werd dit bij de ARP en het CDA een gravamen genoemd. Of een naar voren gebracht bezwaar werd erkend, was ter beoordeling van het partijbestuur.

Een gravamen is een erkend voorbehoud bij het programma op grond van zwaarwegende gewetensbezwaren. Tot omstreeks 1990 hadden gravamina vooral betrekking op het defensiebeleid. Enkele ARP- en CDA-Kamerleden, onder wie Sytze Faber en Willem de Kwaadsteniet, waren tegen plaatsing van kernwapens in Nederland. Hans de Boer wees als 'atoompacifist' zelfs iedere kernbewapening af.

Overigens kende ook de PvdA atoompactifisten. Zij waren vooral te vinden onder PvdA-leden die afkomstig waren van de vooroorlogse CDU, een antimilitaristische partij. Jaarlijks stemden daarom altijd enkele leden tegen de begroting van Defensie. De bekendsten van hen waren Fedde Schurer en Huub Franssen.

Een ander onderwerp waarbij voorbehouden werden erkend, lagen op medisch-ethisch terrein. Zowel bij PvdA als PPR waren leden die niet konden instemmen met legalisering van abortus provocatus en die bijvoorbeeld tegen door PvdA en VVD ingediende initiatiefwetsvoorstellen stemden.

Toen in 2000 PvdA-Tweede Kamerlid Thanasis Apostolou, die Grieks-orthodox was, tegen het wetsvoorstel stemde over openstelling van het huwelijk van mensen met het zelfde geslacht, werd hem dat door de fractieleiding kwalijk genomen. Hij had namelijk geen voorbehoud gemaakt bij het programma.

In 1994 maakte Ruud Vreeman bij de totstandkoming van het regeerakkoord een voorbehoud bij de plannen tot privatisering van de Ziektewet. Hij stemde later (als enige van zijn fractie) ook tegen het betreffende wetsvoorstel.


Deze bijdrage verscheen in de Hofvijver van 18 september 2013.