Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Mag de rechter klimaatmaatregelen en een vuurwerkverbod afdwingen?

In zijn Urgenda-arrest (december 2019) heeft de Hoge Raad de uitspraken van de rechtbank in 2015, en het hof in 2018, bekrachtigd. Daarin werd de overheid veroordeeld tot het nakomen van de verdragsverplichting, die zij vrijwillig op zich had genomen, om al in 2020 de landelijke uitstoot van broeikasgassen als kooldioxide te verminderen met 25% in vergelijking met 1990. In 2018 was dat pas 15% , nu pas 20%.

Het bijzondere van deze rechterlijke uitspraken is dat de artt. 2 en 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) er bij worden gehaald. Art. 2 geeft eenieder een 'recht op het leven', dat bij wet moet worden beschermd. Art. 8 geeft eenieder recht op eerbiediging van zijn privé-leven. Het EVRM is in Nederland geldend recht, en moet door de rechter worden toegepast. Maar het vergt een hele toer om die twee artikelen zo uit te leggen dat de overheid - door de broeikasgassen niet tijdig te verminderen - het leven zelf of de persoonlijke levenssfeer aantast. Een zo ruime uitleg hebben destijds de makers van het EVRM niet voor ogen gehad.

En ook als je, terecht, vindt dat de betekenis van zulke teksten een ontwikkeling doormaakt, kost het mij moeite om die nu toe te passen op dit concrete geval. Begeeft de rechter zich hiermee niet te ver op het terrein waar de democratisch gekozen regering en wetgever moeten beslissen, niet de rechter? Kan de rechter wel beoordelen of het politiek gezien mogelijk is om dit beleid ook echt uit te voeren? Stel dat de rechter zou oordelen dat alle migranten die naar Nederland willen komen moeten worden toegelaten, omdat zij het recht hebben op persoonlijke vrijheid en veiligheid (art. 5 EVRM)? Hoe moet onze overheid, ons land, zo'n vonnis uitvoeren als zich miljoenen bij ons aanmelden?

De Stichting Urgenda kreeg van de Hoge Raad gelijk. Namens wie sprak deze stichting eigenlijk, met haar sympathieke doelstelling? Weliswaar eist het EVRM, volgens het Hof in Straatsburg, dat elke staat 'passende maatregelen' neemt om de in het EVRM genoemde rechten te beschermen. Maar het is het parlement dat de regering in zo'n politieke kwestie in algemene zin ter verantwoording roept. De rechter is er voor het afzonderlijke geval van de burger wiens recht is geschonden. Is hier nu al een recht van een burger geschonden, omdat de overheid zich niet heeft gehouden aan zijn eigen termijnen?

Persoonlijk vind ik als jurist dat de rechter inzake Urgenda te ver is gegaan, al kan het signaal - eenmalig - nuttig zijn. De regering houdt zich zoals het hoort aan de rechtsstaat: het vonnis zal worden uitgevoerd. Al vergt dat ingrijpende politieke beslissingen op korte termijn (zoals maximaal 100 km op 12 maart). En juist zulke beslissingen behoren bij de wetgevende en de uitvoerende macht.

Met Urgenda als voorbeeld zou de rechter kunnen ingrijpen, zoals Douwe Jan Elzinga betoogt in de Volkskrant van 7 januari 2020, als er niet een vuurwerkverbod komt.

Op grond van hetzelfde art. 2 EVRM (leven), met daarbij art. 5 (persoonlijke veiligheid). Taak voor de wetgever, toch? Gaat de rechter regeren? Z'n ontwikkeling noemde ik ooit 'dikastocratie' (dikastès: Grieks voor rechter). Zo ver is het gelukkig nog lang niet.

We hebben een goede rechterlijke macht, dat zich meestal in zo'n kwestie terughoudend opstelt. Maar we moeten kritisch blijven. Zoals ik nu.

Geheel terzijde: ik ben voor een krachtige beperking van zowel broeikasgassen als vuurwerk. Door de wetgever.

Prof. Erik Jurgens is emeritus hoogleraar staatsrecht van de Vrije Universiteit te Amsterdam.


Dit artikel is een bewerking van een bijdrage aan Argus 21.1.20 ('Regeren door de rechter')