Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Terug van reces

Peter Dillingh

 
Fractievoorzitters in tredmolen

Kamerleden krijgen geen salaris en hebben nooit vakantie. Kamerlid ben je 24 uur per dag, 365 dagen per jaar (dit jaar zelfs 366). Toch zijn Kamerleden niet te beklagen. Ze krijgen een schadeloosstelling en ze hebben dit jaar dertien weken reces: krokusreces, meireces, zomerreces, herfstreces en kerstreces.

Reces is geen vakantie, want het Kamerlidmaatschap is naar zijn aard geen werk, althans geen werk in Den Haag. Wat is eigenlijk de core business van een Kamerlid? Debatteren en stemmen in Den Haag, of juist het land in gaan? In het ene geval zijn de recessen een hinderlijke onderbreking van het gewone werk, in het andere geval zijn de recessen gewoon werk. De waarheid ligt in het midden: het een kan niet zonder het ander.

In de praktijk blijkt het reces een periode te zijn waarin Kamerleden wel werken, maar die ze toch ervaren als een adempauze. Het dagritme en de weekindeling worden even niet bepaald door de Kameragenda, maar door de agenda van het Kamerlid zelf. De recessen bieden ruimte om debatten voor te bereiden, leesachterstand weg te werken, werkbezoeken af te leggen, stage te lopen, contact te onderhouden met de achterban.

De LPF vond dat het wetgevingsproces en de controlerende taak van de Kamer werden bemoeilijkt door het grote aantal recesweken. Het waren er toen (in 2004) achttien. Een motie om dat aantal terug te brengen tot maximaal twaalf, kreeg alleen steun van de SP. Inmiddels is het aantal recesweken inderdaad teruggebracht. De Kamer bepaalt zelf wanneer ze vergadert en wanneer niet. ‘Als de Kamer bij meerderheid beslist om geen recessen meer te hebben, dan hebben wij geen recessen meer. Zo simpel is het’, vatte Frans Weisglas samen. CDA-Kamerlid Hubert Bruls meende, dat het reces bij uitstek de tijd is om ‘op pad te gaan om goede werken te doen’.

Zoals de Kamer in meerderheid beslist wanneer zij vergadert, zo bepalen Kamerleden en fracties zelf hoe ze die vergaderloze weken invullen. De SP houdt in het zomerreces elke dinsdagochtend een fractievergadering, net als anders. ‘Even de agenda in de gaten houden en wat mediagenieke acties plannen.’ Het zomerreces heeft een geheel eigen politieke dynamiek. Vlak nadat de Kamerleden het land in of juist uit gegaan zijn, sturen de departementen brieven over gevoelige onderwerpen naar de Kamer.

Als het reces afgelopen is, liggen die veilig onderop de stapel ingekomen post.Het zomerreces is ook de tijd voor Atsmaatjes, zoals de Volkskrant ooit de zomerse voorstellen van CDA-Kamerlid Joop Atsma noemde. Een Atsmaatje is een begrip geworden: een idee dat wordt bewaard voor het reces om in die stille periode maximale media-aandacht te garanderen.

Hoewel reces geen vakantie is en het werk gewoon doorgaat, geldt ‘de Kamer terugroepen van reces’ als een stevig dreigement. Het gebeurt maar zelden. In 1903 bijvoorbeeld voor de behandeling van stakingswetten, in 1933 vanwege muiterij op de Zeven Provinciën en in 1991 vanwege de Golfoorlog.

In het Kamergebouw is er in het reces altijd van alles te doen. Neem het afgelopen kerstreces. Het restaurant was gesloten wegens verbouwing, nieuw meubilair en nieuwe koffieautomaten. In de plenaire zaal zijn alle lampen gecontroleerd in verband met de zwaartekracht. In de Statenpassage is de kerstboom afgetuigd. In de werkkamers en gangen zijn muizenvallen neergezet. Want als de kat van huis is…

januari 2012

Peter Dillingh is medewerker van de CDA-fractie in de Tweede Kamer