Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Interview met Ed Berg

Berg, Drs. E.L.

Ed Berg was financieel woordvoerder van de PvdA in de Tweede Kamer (1966-1970) en later veertien jaar staatsraad. Veelzijdig bestuurskundige, fiscalist en macro-econoom. Kwam na wetenschappelijke en ambtelijke functies in 1966 tussentijds in de Kamer. Werd in 1971 directeur (en nadien hoofddirecteur) van de VNG en hoogleraar in Rotterdam. Man van grote lijnen en originele ideeën. Befaamd om zijn humor.

Was de Tweede Kamer in uw tijd beter dan nu? Denk aan aandacht incidenten, stijl van het debat, organisatie, faciliteiten.

Er is uiteraard veel veranderd. Zo is de kwaliteit van de Tweede Kamer en de gemeenteraden drastisch achteruit gegaan. Waar vroeger 80% van de bestuurskunde studenten ook echt het openbaar bestuur in gingen, ging aan het einde van de periode dat Berg hoogleraar was zo'n 80% van de studenten het bedrijfsleven in. 

De bekendheid van Tweede Kamerleden was toentertijd groter dan nu (denk aan Den UylAantjesBiesheuvel). Vandaag de dag is het lastig om überhaupt op drie namen van iemand uit de PvdA-fractie te komen, of elke andere fractie.

De stijl van het debat is ook drastisch veranderd. Mensen werden nauwelijks onderbroken tijdens een debat. Toen D66 in 1966 in de Kamer kwam werd door deze partij de interruptiemicrofoon geïmplementeerd. Hierdoor werd het debat sneller onderbroken en kon men geen twee zinnen meer volledig afmaken. Dit was een echte achteruitgang.

De organisatie en stijl zijn ook veranderd. Zo had Den Uyl in het begin maar één assistent. Op het ogenblik wemelt het van de assistenten. Dit is ook een vorm van achteruitgang omdat voorheen een Kamerlid niet van alles op de hoogte kon zijn en dus bij de essentie bleef. Resultaat is dat het debat nu plaats vindt op een bureaucratisch niveau.

Wat is naar uw oordeel de grootste verandering in vergelijking met de periode waarin uw Kamerlid was?

Er is een sterke daling voor het gezag van het Kamerlid. Vroeger werden Kamerleden met enig gezag behandeld. Nu wordt geschimpt op Kamerleden.

Hoe waren in uw tijd de contacten met de kiezers en de regering. Is dat naar uw oordeel anders dan nu?

Eerst woonde zo'n 80% van de fractie van de PvdA in de Randstad. De fractie vroeg daarom aan Kamerleden of ze konden/wilden verhuizen naar andere delen in Nederland, om zo meer in contact te komen met de kiezers. Berg verhuisde zelf naar Ede nadat deze vraag kwam vanuit zijn fractie.

De relatie met de regering was uitstekend (achter de groene gordijnen). Waarschijnlijk is dit niet wezenlijk veranderd. Toch lijkt er vandaag de dag een meer familiale manier van omgaan met elkaar te zijn ontstaan waarbij Kamerleden die elkaar niet echt kennen elkaar gewoon bij de voornaam noemen.

Hoe waren de onderlinge verhoudingen?

Binnen de fractie waren de verhoudingen goed. Er was goed contact en er kwamen ook vriendschappen uit voort. Er was geen sprake van concurrentiestrijd. Het ging de PvdA voor de wind als stroming en beweging binnen de maatschappij, waar het een bepalende factor kon spelen. Dat is nu erg veranderd door bijvoorbeeld versplintering.

Wat ziet u in de periode dat u in de Kamer zat als hoogtepunt en wat als dieptepunt?

Een hoogtepunt was de nacht van Schmelzer. Een dieptepunt was dat Hendrink Koekoek - voorman van de Boerenpartij - Roelof Zegering Hadders (VVD) beschuldigde van oorlogsmisdaden (de beschuldiging dat Hadders in de Tweede Wereldoorlog Engelse piloten had verraden).


Deze bijdrage verscheen in de Hofvijver van 21 september 2015.