Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Raad van State: benoeming staatssecretarissen niet in strijd met Grondwet, maar wel ongelukkig verlopen

donderdag 2 september 2021, 9:00

DEN HAAG (PDC) - De Raad van State oordeelt dat de toetreding van zittende Kamerleden tot het demissionaire kabinet ‘ongelukkig’ is verlopen, maar niet in strijd is met de Grondwet. In artikel 57 van de Grondwet (GW) staat dat de functies van Kamerlid en staatssecretaris niet te combineren zijn, maar dat er een uitzondering geldt voor demissionaire bewindslieden die Kamerlid worden. Nu zijn er echter Kamerleden als demissionair staatssecretaris benoemd na de verkiezingen. Naar aanleiding van de discussie hierover vroeg de Tweede Kamer de Raad van State om advies.

Het gaat om de drie Kamerleden Dilan Yesilgöz-Zegerius (VVD), Dennis Wiersma (VVD) en Steven van Weyenberg (D66). Alle drie werden zij bij de Tweede Kamerverkiezingen in maart gekozen in de volksvertegenwoordiging. Omdat de Kamerleden na hun verkiezing pas toetraden tot het demissionaire kabinet zou de uitzonderingsregel uit artikel 57 GW niet voor hen bedoeld zijn.

Het Hoge College van Staat stelt dat de collectieve ontslagaanvraag van het kabinet ook geldt voor bewindslieden die later toetreden tot het demissionaire kabinet. 'Op het moment dat de staatssecretarissen werden benoemd tot het demissionaire kabinet, was hun ontslag ook al aangeboden', zo luidt het oordeel. Daarnaast boog de Raad van State zich over artikel X3 van de Kieswet, waarin staat dat het Kamerlidmaatschap van rechtswege ophoudt te bestaan wanneer een Kamerlid benoemd wordt in een onverenigbaar ambt. De Raad stelt dat de reikwijdte van dit artikel beperkt is en dat het niet onomstotelijk uitwijst welke procedure gevolgd moet worden.

De Raad van State erkent echter wel dat er inderdaad grondwettelijke complicaties zijn en dat die te laat en onvoldoende zijn erkend. Artikel 57, derde lid GW kan echter op verschillende manieren geïnterpreteerd worden. Volgens de Raad van State impliceert deze ambivalentie dat er niet voldoende grond is om te concluderen dat de functies van Kamerlid en demissionair staatssecretaris onverenigbaar zijn onder de huidige omstandigheden. 'Het is aan de Tweede Kamer zelf om hierover te beslissen, want alleen de Tweede Kamer gaat over het lidmaatschap van de Kamer', zo oordeelt de Raad.

Tweede Kamervoorzitter Vera Bergkamp oordeelde eerder al dat de staatssecretarissen hun Kamerlidmaatschap kunnen behouden wat haar betreft. De Kamer debatteert volgende week over de situatie. De Raad van State adviseert om de betekenis van het artikel 57 in de Grondwet te verduidelijken in de toekomst.

Bron: Raad van State en NOS.nl