Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

De secretaris-generaal als vertegenwoordiger van de eeuwigheid?

Op 20 maart 2015 verscheen een nieuwsbericht van het ministerie van Veiligheid en Justitie (V+J) waarin werd medegedeeld dat de zittende secretaris-generaal (SG), Pieter Cloo, besloten heeft terug te treden als SG. ‘De heer Cloo is na het aftreden van minister Opstelten en staatssecretaris Teeven tot de conclusie gekomen dat hij met zijn vertrek de nieuwe minister en staatssecretaris de mogelijkheid biedt een nieuwe start te maken’. De media besteedden er weinig aandacht aan, verwezen kort naar de geruchten over de politieke overwegingen bij zijn benoeming, naar de verhalen over ambtelijke betrokkenheid bij de val van Opstelten en naar problemen die Cloo intern zou hebben gehad. Exit SG, het werd als een tamelijk vanzelfsprekend feit gemeld. Niettemin een enkele kanttekening.

‘Wie is de s.g. De secretaris-generaal, de topambtenaar van het departement die alle politici overleeft,- de vertegenwoordiger van de eeuwigheid’. Aldus Harry Mulisch in De ontdekking van de hemel. Zo is het al lang niet meer. SG’s worden voor een periode van maximaal zeven jaar benoemd. Regelmatig verlaten ze eerder dan die zeven jaar hun functie, en de omloopsnelheid lijkt toe te nemen. De in december 2009 benoemde SG (van het toen nog geheten Verkeer en Waterstaat, nu I+M), Siebe Riedstra, is de langstzittende. De overgrote meerderheid is benoemd in 2012 of later, en twee daarvan zijn inmiddels al weer opgestapt. Dus niks eeuwigheid, SG’s komen en gaan, en in een hoger tempo dan vroeger. Dat stemt op zichzelf tot nadenken, maar los daarvan: het gebeurt niet of nauwelijks bij het aantreden van nieuwe bewindslieden, en al helemaal niet om expliciet hun de gelegenheid te bieden ‘een nieuwe start te maken’. Wat wordt daar eigenlijk mee bedoeld? Een nieuwe start waarmee? De nieuwe bewindslieden zijn nog nooit bewindspersoon op V+J geweest, dus een nieuwe start is al helemaal niet aan de orde.

Bedoeld zal zijn dat de nieuwe bewindslieden niet met de zittende SG zouden samenwerken maar met iemand van eigen keuze. Dat staat echter haaks op ons systeem van ambtelijke topbenoemingen. De topambtenaren worden benoemd en beoordeeld op hun geschiktheid voor de functie en niet op politieke of persoonlijke overwegingen. Ze blijven dus zitten als de minister vertrekt. Plaatsmaken om de nieuwe minister de gelegenheid te geven iemand naar zijn eigen keuze te benoemen past niet in ons systeem. Evenmin past daarin dat politieke overwegingen bij de benoeming (en het ontslag) een rol spelen. Dat verhaal ging rond bij de benoeming van Cloo. Minister Opstelten zou graag een partijgenoot op die plek willen hebben en zou uiteindelijk Cloo gevonden hebben. Dat heb ik altijd een enigszins onbewezen stelling gevonden, maar tekenend is dat het als geloofwaardig gerucht in het Haagse rondzong.

Kennelijk kleeft er iets bijzonders aan deze functie, waarin ambtelijk leiding moet worden gegeven aan (alles opgeteld, maar over velen heb je als SG heel weinig te vertellen) bijna 100.000 ambtenaren. Het is ook ontegenzeggelijk een van de lastigste functies in de overheid, er zijn weinigen die de combinatie van olifantshuid, subtiel juridisch geweten en grote managementvaardigheid in zich verenigen.

Hoe nu verder? Het is een goede zaak nog eens te benadrukken wat ons systeem van topambtenaren inhoudt. Die worden geselecteerd op kennis, ervaring, overtuigingskracht, onderhandelingskwaliteiten, managementvaardigheden en vooral ook het vermogen ‘to speak truth to power’. En niet op politieke kleur of politieke opportuniteit. Ze blijven zitten als de minister vertrekt, hoe graag ook een nieuwe minister iemand van zijn eigen voorkeur zou willen hebben. Het kan geen kwaad dat nog eens te onderstrepen, want politici willen dat wel eens vergeten. Toppers zijn moeilijk te vinden, dus je moet heel goed zoeken en vooral niet te snel tevreden zijn. Alleen the ‘best and the brightest’ zijn goed genoeg, zeker bij dat lastige ministerie, Justitie. En die vind je niet als je bij het zoeken een politieke bril op zet.

Roel Bekker, was o.m. SG van het ministerie van VWS en SG Vernieuwing Rijksdienst. Hij ging in 2010 met pensioen. Van 2007 tot 2014 was hij tevens bijzonder hoogleraar Arbeidsverhoudingen bij de overheid aan de Universiteit van Leiden (Albeda Leerstoel).