Hongarije is terug in Europa

dinsdag 28 april 2026, 13:00, G. W. de Vos van Steenwijk

Een koekje van eigen deeg. Het zonderlinge kiessysteem dat Viktor Orbán ooit zelf ontworpen heeft zorgt er nu voor dat zijn uitdager met 53 procent van de stemmen een ruime tweederde meerderheid in het parlement heeft. Met zo’n meerderheid is Orbán 16 jaar lang ongestoord zijn gang gegaan. Hij heeft het land aan de democratische afgrond gebracht, een corrupte politieke en financiële bovenlaag geschapen, ‘s lands economie in de laagste versnelling gehouden en Hongarije tot het zwarte schaap in de Europese Unie gereduceerd.

Er is ongenoegen zat om te verklaren waarom de Tisza-partij van Peter Magyar nu de meerderheid heeft behaald. Het zou echter ook kunnen zijn dat op 12 april de doorslag is gegeven door de eeuwenoude passie van het Hongaarse volk om deel van het westelijk Europa te zijn, waar ook meer dan een miljoen landgenoten hun dagelijkse brood verdienen en zich thuis voelen. Vandaar waarschijnlijk de uitzinnige deelname van meer dan 80 procent van de kiesgerechtigde burgers. Niets minder dan een opstand tegen de voortdurend in woord en beeld uitgedragen oorlog van Orbán en zijn partij (Fidesz) tegen de Europese Unie en tegen zijn gevrij met Rusland.

Als de euforie is weggeëbd komt de ontnuchtering, en zal de omvang blijken van de enorme taak die de nieuwe regering te wachten staat. Het is niet een opdracht die in één parlementair jaar kan worden afgedaan. Ook niet een taak die regering en parlement alleen kunnen volbrengen. Een moreel verzwakte maatschappij zal gaandeweg weer normen en waarden moeten ontwikkelen die haaks staan op de corruptie, de intrige, het nepotisme en de diefstal van hogerhand waarvan het land sinds de Tweede Wereldoorlog nagenoeg ononderbroken slachtoffer is geweest.

Allereerst gaat het om het opruimen van de Fidesz-getrouwen aan de top, zoals de hoofdaanklager en de voorzitter van het Grondwettelijk Hof. Ook eist Magyar het vertrek van de president die weliswaar weinig bevoegdheden heeft maar nieuwe wetgeving effectief kan traineren. De overwinnaar staat een omslachtige ingreep te wachten om de rechtspraak en de organen die toezicht houden op de media en de academische wereld uit de politiek te werken. En om de vertegenwoordigers van Hongarije in het buitenland in een Europa-vriendelijke richting te sturen. Hoe moeilijk zo’n reconstructie is, blijkt wel uit de situatie in Polen waar minister-president Donald Tusk al twee jaar stoeit met de erfenis van zijn radicaal-rechtse voorganger Mateusz Morawiecki.

Orbán en zijn kornuiten hebben nu nog dertig dagen om compromitterend materiaal te laten verdwijnen en hun vermogen in het buitenland onder te brengen. Intussen is Magyar op pad gegaan naar bevriende bestemmingen in Warschau, Wenen en Brussel. De boodschap die hij heeft is dat zijn regering weliswaar conservatief is, maar gematigd en dat hij rekening moet houden met de links liberale kiezers die hem voor de gelegenheid hebben bijgestaan. Magyar zal vasthouden aan anti-migratiebeleid van Hongarije en zijn verzet tegen een versnelde toetreding van Oekraïne tot de EU. Aan de uitbetaling van de door Orbán geblokkeerde 90 miljard euro aan Oekraïne zal hij echter meewerken. Al was het maar om de 18 miljard euro van de EU los te weken die Hongarije goed kan gebruiken, maar die zijn bevroren vanwege staatsrechtelijk wanbeheer.

Opvallend bij dit alles is het gemak waarmee Donald Trump en Vladimir Poetin hun boezemvriend Orbán hebben laten vallen, en nu zeggen even goede relaties met de nieuwe regering te willen onderhouden. Een klinkend bewijs van hoe koel en cynisch de verhoudingen in de internationale politiek kunnen zijn zodra het om nationale belangen gaat. En hoe makkelijk alleenheersers zonder blozen ermee kunnen omgaan.

G.W de Vos van Steenwijk is oud-diplomaat. Ambassadeur in Boedapest van 1973 tot 1977 en vervolgens onder meer in Rusland en in een aantal onafhankelijk geworden deelrepublieken van de Sovjet-Unie van 1993 tot 1999.

Deze bijdrage stond in