Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Koningsdag: herstel van de traditie

maandag 24 april 2017, Jolande Withuis, sociologe, schrijfster en biografe van koningin Juliana
Jolande Withuis © Foto: Keke Keukelaar

In een fraaie scène in de Netflix-serie The Crown kondigt prins-gemaal Philip aan niet te zullen knielen voor zijn vrouw tijdens haar kroning tot Brits koningin in 1952. Elisabeth legt hem dan geduldig uit dat hij niet knielt voor zijn echtgenote, dus voor haar als persoon, maar voor de monarch, het onpersoonlijke ambt. Na veel gesputter capituleert hij.

Net als zijn Nederlandse vakbroeder had Philip er grote moeite mee dat zijn vrouw maatschappelijk gezien hoger stond dan hij. Het was anno 1950 een vrij algemeen gevoelen dat de rol van aanhangsel vrouwen van nature paste en voor mannen bijna ondoenlijk was. Maar daar gaat het mij hier niet om. Hier gaat het om het onderscheid ambt-persoon. Daarin treffen we juist de verschillen tussen de beide vrouwelijke hoofdpersonen. Waar de Engelse koningin zich superstrikt onderwierp aan haar plichten, veelal ten koste van haar persoonlijk leven en dat van haar familieleden, wilde Juliana 'zichzelf' mogen zijn. Zij paste daarmee in haar tijd. Jezelf zijn, zelfontplooiing en authenticiteit werden waarden die in toenemende mate ook in werksituaties opgeld deden en die het publiek ook in de monarch waardeerde.

Enige distantie

Beatrix maakte er korte metten mee. Hoewel haar beslissing om Koninginnedag te handhaven op 30 april indertijd is opgevat als een liefdevol gebaar jegens haar moeder, zette de troonopvolgster in feite de bijl in een van de wezenskenmerken van Juliana's koningschap: een slordige omgang met het onderscheid ambt-persoon. Beatrix schafte het defilé langs het bordes niet louter af omdat dat al te oubollig was. De oudhollandse spelen in de steden die zij aandeed waren dat vaak ook, om nog maar te zwijgen van de te betreuren dag dat Willem-Alexander in Rhenen meedeed aan het wc-pot-werpen. Het losmaken van Koninginnedag (30 april) van de werkelijke verjaardag van de koningin (31 januari) paste in het herstel van de monarchale waardigheid dat Beatrix anno 1980 noodzakelijk achtte. In haar dagelijks leven voerde Beatrix de scheiding tussen persoon en ambt eveneens duidelijk door: terwijl haar moeder had geweigerd naar Den Haag te verhuizen, gaf zij Drakensteyn op en splitste haar bestaan in de residentie ook nog eens op in een privé- en een werkpaleis.

Herstelde traditie

Maar hoe zit dat met Willem-Alexander? Wat betekent het dat hij de traditie herstelde om het feest waarop het publiek de monarchie viert – Koningsdag – te koppelen aan zijn eigen verjaardag?

Tijdens de Julianatournee die ik sedert het uitkomen van mijn Juliana-biografie maak, stellen mensen regelmatig dezelfde vragen. Een zo’n weerkerende vraag is of koning Willem Alexander in zijn ambtsuitoefening op zijn oma lijkt. De heersende opinie is van wel. Dat is vooral gebaseerd op het interview dat Paul Witteman met hem maakte bij zijn achttiende verjaardag, en het vieren van Koningsdag op de verjaardag van de monarch zou inderdaad in die richting kunnen wijzen. Tegelijk heeft Willem-Alexander aan de viering van Koningsdag de inhoudelijke vernieuwing van zijn moeder gehandhaafd: niet het volk bezoekt de vorst, maar het koninklijk gezin bezoekt het volk.

Belangrijker als het gaat om de vraag of Willem-Alexander regeert in de lijn van zijn moeder of die van zijn grootmoeder lijkt mij een ander interview, namelijk dat met Mariëlle Tweebeeke en Rick Nieman, net voor zijn inhuldiging. Daarin zei de aanstaande vorst dat hij het als zijn plicht zag alle wetsvoorstellen die langs democratische weg tot stand waren gekomen, te tekenen. En dat is écht een verschil met Juliana.

Op 29 april tijdens 'Bookstore Day’ zal Jolande Withuis om 16.30 uur worden geïnterviewd over Juliana bij boekhandel Van Stockum op het Spui in Den Haag.

1.

Deze bijdrage stond in