Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Pro-Europese partijen winnen; eurosceptische partijen verliezen

De Europese verkiezingen hebben voor grote verrassingen gezorgd. Vooraf schonken de media veel aandacht aan de door de VVD en Forum voor Democratie (FvD) aangewakkerde onderlinge tweestrijd. Geen van beide werd echter de grootste partij, zoals alom werd verwacht: de door velen afgeschreven PvdA ging er met zes zetels met de zege vandoor. Nog opmerkelijker is dat van de voorziene populistische aanval op de Europa (redelijk) welgezinde partijen niets terecht is gekomen. De eurosceptische anti-establishment-partijen SP en PVV verdwenen zelfs uit het Europees Parlement, terwijl nieuwkomer FvD bij de hooggespannen verwachtingen achter bleef. Inclusief 50Plus behaalde het pro-Europese blok twintig zetels, drie meer dan in 2014. Zijn aandeel ging van twee derde naar ruim driekwart van het Nederlandse zeteltal in het Europees Parlement.

Pro-Europees blok stabiel

Het pro-Europese midden in de Nederlandse politiek (met inbegrip van 50Plus) hield zich staande, zij het dat de onderlinge krachtsverhoudingen zich wijzigden: PvdA, VVD, GroenLinks en 50Plus boekten winst, CDA en D66 verloren. Voor D66 is electoraal verlies een wetmatigheid wanneer de partij meeregeert. Daarbij komt dat lijsttrekker Sophie in ’t Veld vlak voor de verkiezingen in opspraak raakte over riante’ Europese onkostenvergoedingen. Bij regeringspartij CDA kan onduidelijkheid over Europa hebben meegespeeld bij het zetelverlies: terwijl de onlangs teruggetreden partijleider Sybrand Buma zich vaak kritisch over Brussel uitliet, profileerde minister van Financiën en troonpretendent Wopke Hoekstra zich recent duidelijk als pro-Europeaan – waarmee de christendemocra­tische boodschap voor de kiezers niet bepaald helder was.

De wonderbaarlijke wederopstanding van de PvdA heet alles met lijsttrekker Frans Timmermans te maken. Twee derde van de Nederlandse kiezers kende hem, waarmee hij met kop en schouders boven de andere lijsttrekkers uitstak. Afgezien van In ’t Veld (D66) kwam de rest niet eens boven de tien procent uit. Bovendien genereerde Timmermans als Spitzenkandidat voor de Europese Sociaaldemocraten meer publiciteit dan zijn rivalen. De SP hielp nog een handje met haar beruchte Hans Brusselmans-spotje. Deze vorm van negative campaigning lijkt de SP meer kwaad te hebben gedaan dan Timmermans, die niet terugsloeg maar vanuit zijn ervaring als vicevoorzitter van de Europese Commissie inhoudelijk campagne bleef voeren.

Achteruitgang eurosceptisch blok

In het eurosceptische blok handhaafden de ChristenUnie/SGP en de PvdD zich. Opzienbarend is het verdwijnen van de PVV en de SP uit het Europees Parlement. De crisis in de SP, die zich al aandiende na het verlies bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer in 2017 en de Provinciale Staten afgelopen maart, is nu compleet. De eind 2017 aangetreden partijleider Lilian Marijnissen is niet in staat gebleken de electorale neergang te stoppen. Interne verdeeldheid over het migratiebeleid (tussen voorstanders van een meer ruimhartige dan wel restrictieve opstelling) blijft de SP parten spelen. Als reactie op het electorale malheur grepen Marijnissen en partijvoorzitter Ron Meyer naar de beproefde recepten uit het verleden: aanscherping van het populistische profiel en meer buitenparlementair activisme. Met deze dubbele strategie waarin de ’gewone mensen’ centraal staan is de SP ooit groot geworden, maar de verkiezingsuitslagen van de laatste jaren laten zien dat deze aanpak niet (meer) werkt.

Nog groter dan bij de SP is de crisis in de PVV, die haar vier zetels verloor. De blamage voor Geert Wilders is groot; vorige week nog stond hij met Matteo Salvini en Marine Le Pen en kopstukken van andere rechts-populistische partijen uit Europa in Milaan op het podium. In 2017, na bijna vijftien jaar, raakte Wilders zijn monopolie­positie op de uiterste rechterflank van de Nederlandse politiek kwijt. Met Thierry Baudet kreeg hij voor het eerst een geduchte rivaal. In de afgelopen maanden heeft FvD de PVV electoraal weggedrukt en haar in de Eerste Kamer gemarginaliseerd en in het Europees Parlement geëlimineerd. Voor Wilders staat de achterdeur van het Parlement nog wel op een kier, wanneer Nederland na de Brexit drie extra zetels krijgt.

Voor de populistische en eurosceptische FvD zijn de drie gewonnen zetels echter ronduit een teleurstelling: er was op meer gerekend. Partijleider Baudet moet de hand in eigen boezem steken: het interne gedoe van de afgelopen tijd, waarbij mede-partijoprichter Henk Otten het veld moest ruimen, zal zijn partij geen goed hebben gedaan, net zo min als het zwalkende Nexit-standpunt van Forum. Ook bewees Baudet zijn partij geen dienst met diverse provocaties tijdens de verkiezingscampagne, zoals het verspreiden van een extreem-rechtse video op Twitter (waarin vluchtelingen met moord en verkrachting werden geassocieerd), en het wijten van de vermeende teloorgang van de Westerse samenleving aan vrouwenemancipatie. Het is de vraag – nu de rol van Otten is uitgespeeld – wie Forum wanneer nodig tegen de controversiële oprispingen van zijn partijleider in bescherming neemt, ook al is die tegelijk onmisbaar voor het electorale succes van de partij.

Slot

De Nederlandse kiezers brachten in groteren getale hun stem uit dan in 2014: de opkomst is bijna vijf procentpunt hoger en ligt voor het eerst sinds 1989 weer boven de 40 procent (41,8%). Ook hebben de kiezers in grote meerderheid voor Europa gekozen. De verwachte populistische stormloop liep uit op een drama, zij het niet voor de pro-Europese partijen maar voor de populisten zelf: de PVV en SP staan met lege handen.