Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Verkiezingen in Corona-tijd: nog veel huiswerk voor de spoedwet

Afgelopen maanden hebben we gezien hoe her en der in de wereld verkiezingen geraakt zijn door het Corona-virus. Verkiezingen zijn uitgesteld en later weer ingehaald en gehouden, maar dan wel met tal van veiligheidsmaatregelen. En inderdaad is het nuttig en cruciaal om na te denken over hoe verkiezingen in Corona-tijd te houden en daarvoor de nodige voorzieningen te treffen. Uitgangspunt is dat het veel beter is om verkiezingen te houden dan deze te moeten uitstellen. Tenslotte is democratie onlosmakelijk verbonden met regelmatige verkiezingen en wisselingen van de wacht. Maar dan hebben staten wel de plicht om die veilig en toegankelijk en met alle waarborgen te organiseren, en dat betekent in Corona-tijden mogelijk iets anders dan in het oude normaal.

Even nog over uitstel: afgelopen half jaar werden her en der verkiezingen juridisch of feitelijk uitgesteld omdat men overvallen was door Corona. Soms bevatten grondwetten een voorziening daarvoor. Hoe dan ook lijkt mij dat als er daartoe binnen de wettelijke mogelijkheden ooit toe zou moeten worden besloten, dat niet gebeurt met gewone (regerings)meerderheid, maar dat afgesproken wordt dat zulks alleen gebeurt met een brede overeenstemming zodat voorkomen wordt dat uitstel gezien wordt als middel voor de regering of meerderheid om zich een voordeeltje te verschaffen of wat langer aan de macht te kunnen blijven.

Tijdelijke wet

Op 2 oktober diende het kabinet het voorstel van wet in “Tijdelijke wet verkiezingen COVID-19” (35 590). Dit voorstel bevat een groot aantal regels over stembureaus; zo wordt het mogelijk om stembureaus te verplaatsen, mobiele stembureaus aan te wijzen, stembureaus met beperkte toegang aan te wijzen (bij voorbeeld alleen voor de ouderen die in die locatie wonen), het tellen van de stemmen elders te laten plaatsvinden en uitbreiding van het aantal minimaal aanwezige leden tot vier. Ook bevat het voorstel een aantal gedragsregels waarvan de belangrijkste een gezondheidscheck is (de sanctie dat bij het niet voldoen daaraan de toegang kan worden ontzegd is bij amendement geschrapt), wordt het tonen (en niet meer het overhandigen) van het identiteitsbewijs mogelijk, wordt het aantal stemvolmachten uitgebreid (wordt drie) en kan een volmacht ook elektronisch worden aangevraagd. De wet is tijdelijk omdat deze gaat vervallen op 1 juli 2021, maar wel kan zij bij Koninklijk Besluit (KB) steeds met zes maanden worden verlengd. Zo’n KB moet als ontwerp vier weken aan de Staten-Generaal worden overgelegd.

Op 15 oktober is het voorstel aanvaard door de Tweede Kamer met alleen FvD tegen; het woord is nu aan de Eerste Kamer.

Wat staat er niet in

Er wordt dus niet voorgesteld om het per brief stemmen mogelijk te maken of ook over te gaan tot ‘early voting’, of op grotere schaal volmachten mogelijk te maken. Ook is er uiteraard een feitelijk probleem van geschikte stembureau locaties (ter voorkoming van lange rijen en de mogelijkheid afstand te kunnen houden binnen).

Gezondheidscheck

Bij amendement is art. 9 lid 2 in de zin veranderd dat het niet meer zo is dat bij een ontbrekende of negatieve gezondheidscheck een kiezer de toegang tot het stembureau kan worden geweigerd (wat inderdaad een inbreuk zou zijn op het stemrecht), maar dat een kiezer die weet dat hij niet aan de gezondheidscheck voldoet het stembureau niet betreedt. Daarmee is deze bepaling dus nietszeggend geworden en niet meer dan een oproep aan kiezers.

Financiële steun

Tevens is door de regering 30 miljoen euro toegezegd aan gemeenten als financiële compensatie omdat uiteraard de regels over stembureaus en uitbreiding van het aantal leden van het stembureau extra kosten met zich brengen. Of deze compensatie voldoende is zal bezien gaan worden in overleg tussen de regering en gemeenten, en er worden ook nog nadere peilingen in januari gehouden over de extra faciliteiten en daarmee verband houdende kosten.

Briefstemmen en Early voting?

Voor de hand ligt uiteraard de vraag waarom er in dit voorstel niet ook gekozen is om briefstemmen mogelijk te maken. Tijdens de behandeling in de Tweede Kamer bleek dat daartoe een voorziening moet worden getroffen in afwijking van de Kieswet; opzich is dat geen argument want de Tijdelijke wet is deels een afwijking van de Kieswet en bij Tijdelijke wet kan daarvan natuurlijk worden afgeweken. Maar de regering had daar niet voor gekozen en was niet bereid om via een Nota van Wijzigingen dat te regelen. Wel werd aangegeven dat een vorm van briefstemmen voor kiezers geregeld zou kunnen worden in een separaat spoed wetsvoorstel. De Tweede Kamer gaat daarover verder in november geïnformeerd worden. Het lijkt mij wel wat slordig dat die kwestie, met alle voors en tegens, niet al in deze Tijdelijke wet is meegenomen en voorbereid. Ook aangezien briefstemmen een handige optie lijkt om opstoppingen bij stembureaus te voorkomen en kiezers de kans zou geven adviezen om thuis te blijven te kunnen opvolgen.

Evenmin bevat het voorstel een regeling van een mogelijkheid voor early voting, zodat kiezers al eerder en meer gespreid een stem zouden kunnen uitbrengen. Die mogelijkheid zou bestudeerd kunnen worden tezamen met de mogelijkheid van het briefstemmen omdat dan dezelfde formulieren kunnen worden gebruikt en niet stembureaus behoeven te worden ingericht, maar volstaan kan worden met postbussen op bijvoorbeeld een gemeentehuis.

Kortom

Kortom: een spoedwet waar wat mij betreft nog wat huiswerk aan vast zit, maar die in ieder geval wel op de korte termijn soelaas kan bieden voor een aantal aanstaande gemeenteraadsverkiezingen vanwege enkele gemeentelijke herindelingen. Voor de Tweede Kamerverkiezingen lijkt mij bestudering van enkele verdere varianten inderdaad aangewezen.

 

Aalt Willem Heringa is hoogleraar vergelijkend staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Maastricht.