Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Acht columns over het parlementair stelsel

maandag 27 augustus 2018

DEN HAAG (PDC) - Naar aanleiding van de tussenrapportage van de Staatscommissie parlementair stelsel, ofwel de Commissie-Remkes, schreven de vaste columnisten van Parlement & Politiek, J. Th. J. van den Berg en Bert van den Braak acht columns. Zij hopen vanuit hun eigen gezichtspunt een bijdrage te leveren aan het denken over politieke thema's en ontwikkelingen.

De Hofvijver bundelde de columns.

Zal het helpen? Bert van den Braak.

In zijn eerste column schreef Bert van den Braak over het gevoel van onvrede bij een deel van de Nederlandse kiezers. Zij zijn niet per se teleurgesteld in het parlementair stelsel, maar in het beleid en de onmacht van oppositiepartijen. De voorliggende vraag is dan ook of systeemwijzigingen wel zin gaan hebben.

Vastgehouden aan het referendum. J. Th. J. van den Berg.

Uit de 'Tussenstand' van de staatscommissie blijkt dat er bij de betreffende commissieleden een volharding is in het verlangen naar een bindend correctief referendum. De intrekkingswet voor het raadgevend referendum lag op dat moment bij de Eerste Kamer. Inmiddels is het raadgevend referendum via die intrekkingswet afgeschaft. Hoe moet er in de toekomst naar het refendum gekeken worden?

Activistisch of actief? Bert van den Braak.

Het is een interessante vraag hoe we de Eerste en Tweede Kamer moeten typeren. Je kan zeggen dat de Eerste Kamer activistischer geworden is, omdat die meer aan politiek doet dan voorheen het geval was. Het is ook mogelijk te stellen dat de Tweede Kamer zich anders is gaan gedragen. Bert van den Braak gaat in op de houding van de beide Kamers en hun Kamerleden.

Toch weer naar constitutionele toetsing. J. Th. J. van den Berg.

Nederland is één van de weinige Europese landen waar de rechter een wet niet mag toetsen aan de Grondwet. Artikel 120 Grondwet verbiedt het onze rechtspraak namelijk in de grondwettigheid van wetten en verdragen te treden. De staatscommissie wil hier een nieuw voorstel voor doen. Van den Berg gaat in op de vragen die daarbij spelen.

Bestaand of nieuw terugzendrecht? Bert van den Braak.

Eén van de onderwerpen waar de staatscommissie zich over buigt is de positie van de Eerste Kamer. Op dit moment mogen de senatoren een wetsvoorstel alleen aannemen of verwerpen. Een optie om de bevoegdheden van de Eerste Kamer uit te breiden, is het zogenoemde terugzendrecht. In zijn column bespreekt Van den Braak de voors en tegens hiervan.

Meer doordachte centralisatie. J. Th. J. van den Berg.

In de afgelopen decennia leidden diverse ontwikkelingen tot betekenisverlies voor regering en parlement. Eén van die ontwikkelingen is functionele en regionale decentralisatie. In zijn column gaat Van den Berg in op decentralisaties en de standpunten van de staatscommissie daarover. Bovendien breekt hij een lans voor de positie van de Staten-Generaal.

Regionale representativiteit. Bert van den Braak.

In beide Kamers van de Staten-Generaal is er altijd een dominantie van randstedelingen geweest. Regionaal herkenbare parlementariërs zijn altijd wenselijk gevonden, maar dit aspect lijkt aan gewicht te verliezen. Dit is een zaak waar de staatscommissie over nadenkt. Van den Braak stelt in deze column dat politieke partijen zelf verantwoordelijk zijn voor goede regionale spreiding.

De onvermijdelijk geworden partijwet. J. Th. J. van den Berg.

Politieke partijen moeten volgens de Kieswet verenigingen zijn in de zin van het Burgerlijk Wetboek. De plaats van politieke partijen in ons parlementair stelsel is verder niet geformaliseerd. De macht van deze partijen is echter wel groot, waardoor het langzamerhand noodzakelijk is de positie van politieke partijen vorm te geven in een partijwet. Van den Berg gaat hier op in.

1.

Deze bijdrage stond in