Montesquieu Instituut: van wetenschap naar samenleving

Macron in Europa, Europa in Macron

maandag 25 maart 2019, 13:00, column van dr. Niek Pas

Op 5 maart jongstleden publiceerde Macron een opiniestuk dat in tientallen kranten van EU-lidstaten verscheen. De brief riep op tot niets minder dan een ‘renaissance européenne’ rond kernbegrippen vrijheid, bescherming en vooruitgang. Voor het einde van 2019 zouden ze concreet gestalte moeten krijgen in een Europees Congres dat vervolgens zelf weer de opmaat zou moeten zijn tot herziene afspraken over de koers en inrichting van Europa, eventueel via nieuwe verdragen.

Het was van even geleden dat Macron groots uitpakte met Europa. In de eerste maanden van zijn presidentschap had hij zich tot twee keer toe, in de Sorbonne en Athene, als redder van de EU en het oude continent opgeworpen. In die wittebroodsmaanden was zijn ambitie niets minder dan een souverein, verenigd en democratisch Europa. De gezwollen woorden uit het epistel ten spijt bleef dat oorspronkelijke krachtige politieke wensdenken van anderhalf jaar geleden ditmaal achterwege. Simpel verwoord: zijn pleidooi was nu minder federaal en meer intergouvernementeel georiënteerd. Dat maakt deze wijze van communiceren er niet minder opmerkelijk om. Het blijft vrij uniek dat een Europese politicus op Europees niveau campagne voert.

Vasthoudendheid

Maar eerst dit: ondanks accentverschillen is Macron zichzelf uiterst trouw gebleven. Daartoe is het aan te bevelen er nog eens het hoofdstuk over Europa uit zijn campagneboek Révolution (2016, ook in Nederlandse vertaling voorhanden) op na te slaan. Zijn visie voor Europa omschreef hij destijds in een drietal uitgangspunten, tegelijkertijd op te vatten als kernwaarden van het Europese project: vrede, vrijheid en welvaart. Voor Frankrijk was een voortrekkersrol weggelegd. Niet eens zozeer vanuit het perspectief van traditionele Franse universalistische pretenties: wat goed is voor Frankrijk, is ook goed voor de wereld - en dus zeker ook voor Europa. Maar Macron begreep heel goed dat Frankrijk op eigen kracht niet kon hervormen en ook geen internationale rol (van betekenis) meer kon spelen, dat kon alleen nog maar met, door en vanuit Europa. Hij gaf zichzelf tien jaar de tijd om zijn ideaal van Europese soevereiniteit, en dus Franse wederopstanding, te realiseren.

Het opiniestuk van 5 maart getuigt van Macrons vasthoudendheid waar het zijn ideeën over Europa, en dus ook: Frankrijk, betreft. Tegelijkertijd is het zijn manier van zich positioneren in het politieke debat in opmaat naar de Europese verkiezingen, eind mei. De waarschuwing in de brief voor ‘nationalistisch isolationisme’ is zowel een uithaal naar de Brexit als naar het Rassemblement National van Marine Le Pen. Er is Macron veel, zo niet alles, aan gelegen met La République en Marche de aanstaande verkiezingen van de opvolger van het Front National te winnen. In 2014 behaalde dat FN bijna een kwart van de uitgebrachte Franse stemmen en liet de centrumrechtse UMP, tegenwoordig het zieltogende Les Républicains, achter zich. Voor Macron zijn de Europese verkiezingen dan ook niets minder dan de lakmoesproef van zijn jonge politieke beweging en de door hem uitgezette - en inmiddels in Frankrijk behoorlijk omstreden - koers. Twee jaar nadat hij in de 2e ronde van de présidentielles zijn tegenkandidaat Marine Le Pen overtuigend had verslagen wil hij aanstaande mei bewijzen dat zijn uitverkiezing, en dus zijn programma met Frankrijk, geen toevalstreffer was.

Concrete resultaten?

Sinds de gloedvolle Europese passages in Révolution zijn we inmiddels ruim twee jaar, diverse speeches en een opiniestuk verder. Prachtige woorden, krachtige vergezichten en, nogmaals, een zekere consistentie kan Macron niet worden ontzegd. Tot overtuigende en concrete resultaten heeft al dit fraais nog niet geleid. Aan de president heeft het niet gelegen en, zo is de verwachting, zal het ook niet liggen. Schijnbaar onvermoeibaar trekt en sleurt hij aan Europa. Maar zijn Europese partners zien er weinig, en in sommige gevallen ook: geen, heil in. Ze zijn verwikkeld in interne problemen of geven om andere, veelal een combinatie van economische en politieke, redenen niet thuis. Macrons beoogde superpartner Duitsland zag niets in zijn voorstellen voor een politieke eurozone en Bondskanselier Merkel had haar handen vol aan interne politieke woelingen door de opmars van het rechtspopulisme. Met het dreigende afscheid van Europese partner Groot-Brittannië organiseerde Nederland een nieuw bondgenootschap - de Hanze-coalitie van noordelijke landen - om Franse ambities op het continent ook in de toekomst tegenwicht te kunnen bieden. En, om nog een voorbeeld te geven, vanuit Italië streeft de populistische coalitie naar een nieuwe Europese as op de lijn Rome-Warschau. Hier doemt een nationalistisch en isolationistisch blok op tegenover die aloude en vermaledijde Frans-Duitse as.

De afgelopen maanden was Macron zijn ‘greep’ op het debat in Europa kwijt. Het oproer van de ‘gilets jaunes’ dwong hem ook volle aandacht aan de binnenlandse agenda te besteden. Eind december kondigde hij tien miljard aan tegenmoetkomingen aan (waarmee hij en passant zijn begrotingsbeloften aan Brussel verbrak en ook zijn eigen ijzeren consistentie blutste) en trok vervolgens twee maanden uit om in debat te gaan met zijn ontevreden volk. Met dit ‘Grand Débat National’ heeft hij het politieke initiatief weer naar zich toe getrokken en is zijn vrije val in de populariteitspeilingen gestuit. Macron is in vorm, ruim op tijd voor de Europese verkiezingen. Nu maar afwachten of hij niet te vroeg heeft gepiekt.

Dr. Niek Pas is als Universitair Docent Nieuwste Geschiedenis verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.